maandag 29 juni 2026

Singles round-up: juni 8


Vorig jaar juli is een 'zuinige' maand geweest qua platen en iets dergelijks lijkt ook de komende maand te gaan gebeuren. Juli staat nu al in het teken van het 'onderhoud'. Hoewel ik nog een reservenaald op voorraad heb, is de tweede reservenaald ook al aangeschaft. De ene heeft gisteravond zijn laatste rondjes gedraaid, de andere kan over een paar weken ook zomaar de geest geven. Daarna koop ik wel weer een duo voor de volgende ronde. Verder is de fiets aan de beurt. Het ketting sleept al een paar weken maar sinds gisteren wordt het erg dringend om het te laten vervangen. Ik ben gistermiddag een heel klein blokje om geweest omdat ik domweg niet verder durf. Ook heb ik een aantal extra koffers besteld vanuit Engeland en een vers flesje naaldenvloeistof. Daar doe ik ongeveer een half jaar mee. Het heeft de levensduur van één naald een heel stuk opgerekt. Ik ga deze maand besluiten met de 'Singles round-up'. Hoewel ik pas donderdag heb betaald voor de singles van Mark, krijg ik vrijdag het pakket al binnen. Deze achttien ga ik eerst in twee delen doen. Als derde wil ik de overgebleven hagelnieuwe singles behandelen. Over naar de eerste helft en dat telt meteen elf singles? 

Ja, ik begin deze aflevering met de 'oddballs'. Mark weet dat ik eclectische smaak heb en graag iets mag uitproberen. Maar, beste Mark, je kan ook overdrijven. Bij de vorige bestelling heeft hij twee 'freebies' toegevoegd die ik eerder over het hoofd heb gezien. In het nieuwe pakket zit ook eentje ter vervanging van een single die hij abusievelijk heeft verkocht aan iemand anders. De bewuste single heb ik via Discogs besteld maar die is nog altijd onderweg.  Ik begin deze aflevering met deze drie 'oddballs'. 

* Walter Gates- My Man (US, Swan, 1964)
* Gidea Park- Seasons Of Gold (US, Profile, 1981)
* Jerry Butler- Jerry Butler Sampler (US, Mercury, 1972)
Walter Gates en Gidea Park komen uit het vorige pakket. Watler Gates is een bigband in de stijl van 'The Stripper' van David Rose. Dat geldt ook voor 'Rose Of Washington Square'. Deze gaat in de Gele Bak en ik bedank Mark voor het fraaie Capitol-hoesje. Dat kan ik weer voor een andere single gebruiken. Adrian Baker heeft in 1975 in Engeland een hit met 'Sherry', het nummer van The Four Seasons. Als Gidea Park een medley wil doen Four Seasons-hits is Baker de logische keuze. Ik sla de medley over en ga meteen naar de b-kant. 'Lolita' is geschreven door Adrian Baker maar is gewoon platte disco. Ook in de Gele Bak ermee. Jerry Butler brengt de wereld in 1972 een dubbelelpee en Mercury stelt deze promo beschikbaar om potentiële kopers over de streep te helpen. Het is een EP op 33 toeren met korte fragmenten van het album en Samuel F. Brown III, de producent, vertelt het verhaal over de ontwikkeling van het album. Volgens hemzelf het beste album dat in 1972 zal uitkomen. Een echte 'oddball', maar ik gun het ding een plekje in de koffers. 

* Darrell Banks- I've Got That Feelin' (US, Atco, 1967)
Na twee singles op Revilot verhuist het gehele team naar Atco om voor een betere distributie te zorgen. 'I've Got That Feelin' is de b-kant van de single. Opnieuw een Detroit-productie welke het beste van Motown naar de kroon steekt. 'Here Come The Tears' is de a-kant en dat is beduidend rustiger qua tempo. Een 'double-sider' hoewel ik 'Feelin' net ietsje aantrekkelijker vind. 

* Archie Bell & The Drells- I Could Dance All Night (UK, Philadelphia International, 1975, re: 1977)
Een single uit de 'Disc-O-Doubles'-box met 'Soul City Walk' op de keerzijde. Het schijnt dat er slechts vijfentwintig zijn die op blauw vinyl zijn geperst en... de mijne is blauw! Muzikaal is het erg fijne Philly. 'Blues & Soul' merkt op dat het niet heel erg spontaan klinkt en, ja, dat is het enige manco aan het nummer. Het klinkt alsof de producenten alvast de kreetjes van Archie hebben ingepend. Met de 'Soul City Walk' heb ik nooit veel gehad. 

* Brenda & The Tabulations- Hey Boy (US, Dionn, 1969)
Ik ken 'Hey Boy' van de 'Northern Soul Jukebox'. Het is jarenlang een favoriete b-kant. Van 1967 tot zeker 1969 is het verschillende keren gebruikt als b-kant. Het klinkt een beetje gedateerd voor het verschijningsjaar maar het is een gezellig upbeat nummer. Als ik het opnieuw hoor, krijg ik opeens allemaal flitsen van Nijeveen en fietstochten uit die tijd. Fijn om hem eindelijk eens op styreen te hebben. In 1969 is het de flip van 'A Reason To Live'. Zoals de titel doet vermoeden is het dramatisch maar niets minder goed. Bobbie Martin verzorgt het orkest en ook heren we elektrische piano. Een vroege vorm van Phillysoul als je het mij vraagt. Ik moet nog even wennen aan deze kant. 

* Vernon Burch- Ain't Gonna Tell Nobody (UK, United Artists, 1975)
Ach, hij is slechts zes pond en ik heb nu de Engelse demo. Mark biedt deze single in 2020 aan met de b-kant en die heb ik toen gekocht. De eigenlijke a-kant heb ik waarschijnlijk nooit uitgeprobeerd? 'Ain't Gonna Tell Nobody' is een beetje doorsnee-disco maar helemaal prima voor deze prijs. 'Loving You Gets Better With Time' is dan toch de betere kant in mijn boek. Een prachtige melodieuze ballade. Het neemt niet veel plek in de koffers en dus zet ik deze naast de 'issue'. 

* Bruce 'Hey Baby Channel'- A Man Without A Woman (US, Le Cam, 1979)
Een hele echte 'oddball' uit de mouw van Mark. Op de a-kant brengt Bruce een eerbetoon aan Elvis met een medley. Die sla ik maar snel over. Mark schrijft dat hij veel uitvoeringen heeft gehoord van 'A Man Without A Woman' maar dat de versie van Bruce desondanks één van de betere is. Het past goed in de Carib met de tinkelende gitaar en fijne blazers. Bruce gaat 'deep'!

* Etta James- Losers Weepers (US, Cadet, 1970)
Etta is een kwaliteitsstempel op zichzelf. 'Losers Weepers' is een ietwat bluesy ballade met haar fabeltastische strot als stralend middelpunt. Het verhaal is na de a-kant nog niet verteld en dus dus gaat ze vrolijk verder op de keerzijde. 

* Gladys Knight & The Pips- Make Me The Woman That You Go Home To (UK, Tamla Motown, 1971)
Over het algemeen kan Motown me niet heel erg bekoren, maar Gladys Knight is een ander verhaal. Vooral als het dan ook nog eens een Engelse persing is. Een aantrekkelijk plaatje van de 'Knighthood' uit de vroege jaren zeventig. Niet zo memorabel als haar latere Buddah-werk maar ik lik mijn vingers erbij af. Op de flip staat 'I Don't Want To Do Wrong' en ook dat is een fraaie ballade van Gladys. Een echte 'double-sider'. 

* Barbara Lewis- Thankful For What I Got (US, Atlantic, 1968)
De b-kant van 'Sho Nuff' maar 'Thankful' klinkt als een klok. Op Wolfman Radio hebben we al jaren de strijd tussen Lewis en Acklin als de beste Barbara en ik kies het kamp van Lewis. Toch heb ik de laatste jaren wel eens schoorvoetend toe moeten geven dat het kamp Acklin vaak gelijk heeft, maar een 'Thankful' is niet uit de pen gekomen van Barbara Acklin. 'Sho-Nuff' is een Detroit-aangelegenheid met Tony Hestor en Richard Wylie als schrijvers en Mike Terry met zijn orkest. Eigenlijk wel net zo fijn als de b-kant. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten