dinsdag 15 oktober 2019

Week Spot: Bobby Patterson



Trillende handen, zweetbuien en slapeloze nachten? Nee, zo erg is het nu ook weer niet gesteld. Het is echter wel een feit dat ik in een maand geen singles meer heb gekocht en dat begint weer te kriebelen. De 'oude' kringloopwinkel van Meppel is aan de beurt want daar ben ik in januari voor het laatst geweest. Ik vermoed dat jullie binnenkort een of meerdere afleveringen van de 'Singles round-up' kunnen verwachten en daarmee loop ik definitief de schade in. Omdat het dinsdag is, ga ik nu weer zitten voor de Week Spot. Waarom altijd een dinsdag? Dat stamt uit de tijd dat ik nog een eigen soul-groep heb op Facebook en wij op dinsdagavond altijd een 'themed session' hadden. Dan was ik té druk om huiswerk te doen voor een 'Raddraaier' of iets dergelijks en benutte deze avond voor de Week Spot. Ook heb ik lange tijd op dinsdagavond de 'Soul-x-rated' opgenomen. Een Week Spot loopt dus feitelijk van woensdag tot dinsdag. De nieuwe Week Spot staat al een tijdje op de planning maar alleen moest ik nog besluiten over welke kant het moest worden. Dat is dus tóch 'Recipe For Peace' geworden, een plaat van Bobby Patterson.

In maart 2018 biedt Mark een 'blinde' partij singles aan: 'Used, but not abused'. De 'Soul Pack' is zeer voordelig en ik waag de gok. Dat is goed uitgevallen! Niet alleen een paar platen die ik in werkelijkheid nog zocht maar ook tal van 'eye-openers'. Zo zit er een plaatje bij van Bobby Patterson op het Granite-label. Een anderhalf jaar later heb ik inmiddels ook twee van Edwin Starr op datzelfde Granite. Patterson staat echter op de nominatie om af te vallen voor de Blauwe Bak. De plaat is dermate gehavend dat het blijft steken en dat neemt voor mij de lol weg. Als ik de 'Vakantiemix' aan het opnemen ben, meen ik toch de plaat te moeten accepteren met de tik. Sindsdien is de liefde gegroeid voor het nummer. Ik ontdek vanavond dat het in Engeland in 1977 is uitgebracht als een Contempo en die staat meteen op het verlanglijstje. Over de verschijningsdatum van de Week Spot verschillen de meningen. 45cat heeft het over 1992 terwijl het doorgaans goed ingelichte Soulfulkindamusic het over 1985 heeft. De opname is hoe dan ook van de vroege jaren zeventig.

Bobby Patterson wordt op 13 maart 1944 geboren in Dallas in de Amerikaanse staat Texas. Zoals veel stadsgenoten houdt ook Patterson zich aanvankelijk bezig met de 'deep soul' maar hij is zoveel meer dan een zanger alleen. Patterson is evenzeer actief als liedjesschrijver, arrangeur, producent en zelfs eigenaar van een platenmaatschappij. In zijn vroege tienerjaren formeert hij zijn eerste band: The Royal Rockers. Met deze band doet hij veelal mee aan talentenjachten in Texas. Een plaatopname bij Liberty ligt in het verschiet bij het winnen van de talentenjacht en dat resulteert in een reis naar de studio in Californië. De opname zal echter op de plank blijven liggen. Als Robert Patterson & His Combo maakt hij in 1963 twee singles voor het Future-label in Dallas. In 1966 komt hij in contact met het Abnak-label. Patterson neemt 'You Just Got To Understand' op en dat is niet bepaald een grote hit. Wel weet hij John Abnak over te halen om een soul-divisie op te zetten. Patterson zal de daaropvolgende vier jaar platen maken voor het Jetstar-label. In september 1967 verschijnt 'Let Them Talk' en dat nummer wordt op meerdere plaatsen in de wereld uitgebracht waaronder Nederland (op Artone). Dat plaatje kan zo de bak in van de Carib! In 1969 raakt het Abnak-label in zwaar weer en is 'If A Man Ever Loved A Woman' in mei 1970 zijn laatste single.

Hij heeft dan genoeg training genoten om 'allround' te zijn in de studio en met deze ervaring stapt hij naar Jerry Strickland van het Jewel-imperium. Jewel is oorspronkelijk een gospel-label dat sub-labels heeft als Soul Power en Paula. 'Judy In Disguise' van John Fred & His Playboy Band is één van de grotere hits uit de stal van Strickland. Patterson neemt niet alleen een aantal platen op voor het Paula-label maar produceert daar ook werk van Fontella Bass, Little Johnny Taylor, The Montclairs, Roscoe Robinson en Tommie Young. Hij schrijft liedjes (al dan niet met Strickland) voor Albert King en Little Willie John. In februari 1972 verschijnt 'How Do You Spell Love' op Paula en het nummer zal een paar jaar later een hit zijn voor Fabulous Thunderbirds. Het is een eenvoudig maar doeltreffend funky soul-nummer en krijgt ook in Engeland een release dankzij het Mojo-label. In 1976 neemt hij een single op voor zijn eigen Proud-label en maakt dan 'If I Hadn't Slipped Up And Got Caught' voor Granite. En dat is de single die ik in maart 2018 in mijn 'soul pack' tegenkom. In 1982 maakt hij een single als Bobby Story voor hetzelfde Proud en dan wordt het even angstvallig stil rond de persoon.

Het is de eer aan Jeff Tweedy, muzikant van de Americana-band Wilco, om de interesse voor Bobby Patterson aan te wakkeren. Hij heeft op dat moment een hobby-project met de naam Golden Smog en neemt Patterson's 'She Don't Have To See You' op voor een album. Het resulteert in nieuwe optredens en een aantal albums waarvan 'I Got More Soul' in 2014 de meest recente is. Over de heruitgave van 'How Do You Spell Love' met 'Recipe For Peace' op de keerzijde wordt me helemaal niets duidelijk. Het is een Amerikaanse release en zeer waarschijnlijk door Patterson zélf in werking gesteld. 'Recipe' staat vóór deze Paula-uitgave nimmer op een Amerikaanse single.

maandag 14 oktober 2019

Blauwe Bak Veteranen deel 10



Na een langzame start is deze serie goed op stoom en ik moet eerlijk zijn: Ik vind dit momenteel leuker dan 'Raddraaien'. De lijst voor 'Raddraaien' heb ik dan ook niet verder uitgewerkt en zet deze rubriek even op de pauze-stand. Ik heb jaren geleden eens veel werk gestopt in een chronologisch overzicht van de Blauwe Bak. Daarbij gebruik ik soms dezelfde natte vinger als die momenteel van belang is bij 'Het zilveren goud'. Het is aanvankelijk het idee om deze serie een paar maal te doen tot ongeveer 1997. Welnu, vandaag bereiken we 1997 en de volgende aflevering is eveneens datzelfde jaar. We gaan dus vrolijk door met deze serie! Vandaag begin ik in 1995 en eindigen we in de zomer van 1997 met een paar mooie herinneringen als gevolg. Vandaag de nummers 55 tot en met 60.

55. Baby Now That I've Found You-The Foundations (Frankrijk, Pye, 1967)
Voordat ik het vergeet te vermelden: Alle zes singles uit deze aflevering staan tegenwoordig in de reserve-Blauwe Bak. Ik koop mijn eerste exemplaar van The Foundations op de vlooienmarkt in Sneek. Het is Tweede Kerstdag als ik me niet vergis? Ik tref Klaas van 'Golden Years' eveneens op deze markt en het is een emotioneel weerzien. In Sneek kun je mensen iedere dag ongewild tegenkomen maar kun je elkaar ook ontlopen als je dat zou willen. In geval van Klaas is dat de eerste en laatste keer dat ik hem zal tegenkomen buiten de jaren in de jukeboxwinkel. Dit bewuste exemplaar heb ik later gekocht: Op een warme zomerdag in 2010 om precies te zijn. (Zie: 'Een bocht van 35 graden' op 2 juli 2010). De reden waarom de single in de Blauwe Bak komt te staan, heb ik te danken aan de 'Northern Soul Jukebox' dat lekker eigenwijs de plaat tussen de obscure stampers heeft staan. Natuurlijk past die in het idioom van de Northern Soul, alleen gaat het daar om exclusiviteit en dat gaat niet op voor een Engelse nummer 1-hit als deze. Ik draai hem zelfs nog in Watford! Intussen heb ik ook de Duitse (als The Foundation) in de jaren zestig-bak staan maar voor de Blauwe Bak blijf ik trouw aan deze Franse persing uit Zwolle. Sinds een jaar staat 'Back On My Feet Again' naast deze single.

56. Neptune-Mr. Waldy & The Greenlight (België, Golden Music, 1971, re: 1981)
Goed beschouwd een kruising tussen Mr. Bloe en de 'Shaft'-soundtrack: Dit instrumentale plaatje uit België is zeer populair bij de zeezenders in de jaren zeventig en tachtig. De harmonicaspeler is allerminst een Toots Thielemans en ook de funky begeleiding is niet virtuoos te noemen. Toch heeft dit alles het gewenste effect: Het maakt 'Neptune' ongrijpbaar en een zeer herkenbaar instrumentaal plaatje. Tussen kerst en oud en nieuw ga ik met de trein naar Groningen. Natuurlijk ga ik weer op platenjacht en kom terug met een paar singles en een verzamel-cd van The Turtles. Prijsnummer van deze reis is echter 'Free As A Bird' van The Beatles op wit vinyl. Ook twijfel ik bij de V&D of ik de nieuwste single van Nick Cave met Kylie Minogue zal kopen en dat maakt dat ik hier de datum van december 1995 aan vast kan plakken. Overigens is mijn Mr. Waldy een heruitgave van omstreeks 1981 en eentje die niet in de boeken staat. Het is echter een rechtstreekse duplicatie van de originele single met 'Blue Mountain' op de keerzijde.

57. If I Were Your Woman-Gladys Knight & The Pips (Duitsland, Tamla Motown, 1970)
In 'Het zilveren goud' wil ik het deze weer hebben over Horrible Dying, de deathmetalband die ik heb met een stel vrienden. Ik heb de band eigenlijk al verlaten als het een optreden mag verzorgen in 'De Overtoom', de discotheek van Gorredijk. Dat wil op vrijdagavond iets gaan doen met lokale bands en doordat Horrible Dying een gitarist heeft uit de plaats, mogen 'wij' op één van de eerste avonden spelen. Ik ga met de band mee en dat resulteert in een weemoedig weekend. Een week eerder ben ik naar de vlooienmarkt geweest en de zondag na Gorredijk draai ik alle recent aangeschafte singles op mijn slaapkamer. Het voelt aan als een afscheid van Horrible Dying en dat is het eigenlijk ook. Over een paar maanden zal ik me immers 'schamen' voor de betrokkenheid bij de band. Iets dat later weer wordt vergeven en vergeten. Ik geloof dat ik deze middag ook voor het eerst 'The Tracks Of My Tears' draai en dat wordt meteen mijn favoriete cover-versie van het Smokey Robinson & The Miracles-origineel plus één van mijn ultieme Gladys Knight-favorieten.

58. There Should Be A Book-Lee Dorsey (UK, Bell, 1969)
Het is mogelijk om in deze rubriek grote sprongen te maken want... soul is lange tijd niet iets waar ik actief naar zoek. Als ik het leuk en goedkoop tegenkom dan gaat het mee en verder leef ik lange tijd in de veronderstelling dat 'soulmuziek voor watjes is' zoals mijn buurvrouw me in 1991 heeft wijs gemaakt. Pas omstreeks 1997 begin ik met dj-en en merk ik dat soul het nu eenmaal goed doet op de dansvloer. Van nummer 57 naar 58 springen we maar liefst zeven maanden. De zomer van 1996. Ik werk dan via de Jeugdwerkgarantieplanwet op de redactie van het Sneeker Nieuwsblad. Als mijn ouders besluiten om eind augustus met vakantie naar Denemarken te gaan, regel ik een lift. Ik voel me op en top 'hippie' in de zomer van 1996 en koop mijn dure oranje overhemd tijdens deze vakantie. Ook ben ik heel stiekem een beetje verliefd in deze tijd. Ze heet Froukje en ik ben haar in de kroeg tegengekomen toen het net uit was geraakt met haar vorige vriendje. Het zal niet echt de kans krijgen om op te bloeien want even later is ze weer ingetrokken bij dat vriendje. Terug naar Denemarken: In de stad Herning heeft een boekhandelaar besloten om zijn volledige platencollectie van de hand te doen buiten de schijven van Elvis. Ik geloof dat hij later een Elvis-museum is begonnen. De singles, vooral jaren zestig en zeventig, worden voor een leuke eenheidsprijs aangeboden op de bovenetage van zijn boekwinkel en ik doe daar flink boodschappen in de zomers van 1996 en 1997. Lee DOrsey is één van de eerste platen die ik daar haal. Het staat voornamelijk in de Blauwe Bak voor de keerzijde: 'Everything I Do Gonh Be Funky (From Now On)' en nee.... 'Gonh' is geen typefout maar een extra funky 'touch' aan de titel.

59. Wicky Wacky-Fatback Band (UK, Important, 1974, re: 1985)
En dan is het immiddels april 1997. Ik werk bij de muziekoefenruimte in Sneek als ik naar de jaarlijkse fancy-fair ga in de Veemarkthal. Buiten deze single van Fatback Band en een paar anderen koop ik hier ook een Philicorda-orgeltje voor een paar losse guldens. Alleen... hoe krijg ik het ding weg uit de Veemarkthal. Collega Jan brengt uitkomst en we vervoeren het orgeltje naar de Popkelder. Het geeft geen kik en dat heeft te maken met kapotte lampjes. Ik informeer nog wel bij een 'elektronicazaak uit de oude doos' en daar wordt me keurig voorgerekend wat het gaat kosten om de Philicorda weer te laten spelen. Dat heb ik er niet voor over en het instrument gaat naar de vuilstort. Fatback Band 'ontdek' ik pas in 2012 als ik in Nijeveen ben komen wonen. Het is een single met een dubbele a-kant en 'Is This The Future' is typisch het Fatback-geluid uit de midden jaren tachtig. De kant van 'Wicky Wacky' vermeldt alleen 1985 als bouwjaar en dat maakt het meteen interessant omdat het veel ouder klinkt. En wat blijkt? Het is ouder! 'Wicki-Wacky' is de oorspronkelijke titel en het verschijnt in november 1974 op het Event-label. Het is tijdens de opname van een 'Soul-X-Rated' dat ik ter plekke besluit om de plaat tot Week Spot te bombarderen.

60. That's The Way Love Is-Marvin Gaye (US, Tamla, 1969)
Vevolgens eindigen we in juli 1997. Ik ben een paar weken eerder op slag verliefd geworden op een roomwitte Vespa PK 50 S uit 1983. We hebben het dan over een bromscooter dat qua uiterlijk een replica is van de iconische PK 125 uit 1961. Er schijnt iets met de accu te zijn en dat maakt dat de droom even wordt uitgesteld en toch ga ik geregeld even in Molkwerum kijken bij de jukebox-boerderij. Dat heeft een partij singles in de aanbieding die ik in een paar delen ophaal. Deze van Marvin Gaye zit ook in de partij. De Amerikaanse Tamla en Motown hebben in de jaren zestig en zeventig een vreemde eigenschap bij het vermelden van de jaartallen op labels. Doorgaans is dat het oorspronkelijke verschijningsjaar van de single die je in de handen houdt. Motown gaat echter uit van de eerste publicatiedatum van het liedje. Dat maakt dat 'Gonna Keep On Tryin' Till I Win Your Love' het jaar 1967 op het label heeft en 'That's The Way Love Is' 1966 op het etiket. Het verschijnt namelijk in dat laatste jaar als een single voor The Isley Brothers. Gaye heeft na het monstersucces van 'I Heard It Through The Grapevine' ruim baan gekregen om oude Motown-hits te vertragen en extra dramatiek toe te voegen en dat doet hij eveneens bij dit upbeat nummer van The Isleys.

Eretitel: 'Let's Work'



Ik heb al een paar weken 'gesnipperd' van de 'Eretitel' en het richt geen schade aan om daarom eentje extra te doen. En hoe kan het mooier op de eerste dag van de nieuwe werkweek? De week begint voor mij met een gesprek met mijn jobcoach en zoals gewoonlijk hebben we niet veel nieuws wederzijds. Ik heb hem al jaren verteld dat ik niets anders wil dan op deze manier oud en grijs te worden. Voor mij geen carrière switch of opleidingen. Gewoon een beetje post sorteren, post rondbrengen, radioshows maken, een fietstocht op zijn tijd en, 'last but not least', het dagelijks kalken op deze praatpaal. Over dat laatste gesproken: Ergens deze week hebben we een klein feestje te vieren. Ik lig een flink aantal berichten achter op schema en vanavond ga ik dan toch eindelijk eens dubbel publiceren. Eerst de 'Eretitel' met 'Let's Work' en straks het tiende deel van de 'Blauwe Bak Veteranen'.

3. Kurd Maverick (2007)
Dinsdag is mijn vrije dag en op deze dag doe ik 'Tuesday Night Music Club'. De reden dat 'Let's Work' als 'Listen Carefully' in de show zit, heeft te maken met de dag van uitzending: Dinsdag 1 mei 2018. De dag van de arbeid en dus een uitgelezen kans om eens samen aan het werk te gaan. De nummers 1 en 2 staan meteen vast en dan hoef ik alleen een derde te zoeken. Die vind ik op een dance-verzamelaar uit 2007. Kurd Maverick is een soort van 538-dance waar ik eigenlijk weinig mee op heb maar vooruit... het maakt een 'Listen Carefully' met 'Let's Work' mogelijk en dus mag deze op drie.

2. Mick Jagger (1987)
Als ik het jaartal wil checken op Google lees ik de introductie van de Engelse Wikipedia-pagina over deze single van Mick Jagger. ,,Ondanks hoge verwachtingen verkoopt de single een stuk minder dan zijn voorgangers", lees ik. Ik kan mijn ogen niet geloven en klik op de pagina en, inderdaad, de single heeft in Engeland niet de top dertig gehaald. In Nederland boert Jagger beter en heeft hij een derde top tien-hit (na 'Just ANother Night' en 'Memo From Turner') in de achterzak.

1, Prince (1981)
We schrijven Koninginnedag 2002. Ik woon pas een paar weken in Steenwijk (na twee jaar in Tuk) en Beatrix en haar gevolg bezoekt Meppel. Toch is dit niet het eerste waarmee ik me bezig hou op deze dag. Ik heb veel gehoord over de traditionele rommelmarkt op Koninginnedag in Steenwijkerwold en ga hier dus een kijkje nemen voor platen. De vangst is beperkt en ik neem deze single van Prince mee omdat ik weet dat Prince-platen nogal 'duur' zijn volgens de catalogus. Ik wpring een gat in de lucht als ik thuis zie dat het in de Record Collector Rare Record Price Guide 1995 staat, alleen... is dat de zeldzame Engelse persing en niet deze 'algemene' Duitse persing met fotohoes. Ik heb aanvankelijk het idee om de plaat te verkopen op Ebay, iets dat ik korte tijd doe met 'minder interessante' platen. Hoewel de plaat minder zeldzaam is dan dat ik in eerste instantie denk, ben ik blij dat ik deze in de verzameling heb gehouden. Het is namelijk een erg leuke single van de koninklijke Paarsheid. 's Middags zal ik nog een glimp opvangen van de leden van het koninklijk huis en een optreden bijwonen van Da Skoda's maar dat is iets voor over acht jaar in 'Het zilveren goud'.

Donderdag de volgende 'Eretitel' en dan met een titel waar we op Wolfman Radio veel plezier aan beleven. De puberale woordspeling ga ik vast met jullie delen want 'How Deep Is Your Love' is de volgende titel in de lijst.

zondag 13 oktober 2019

Spoorzoeken in de achtertuin: Zondag 13 oktober



Ik kan het nauwelijks een fietstocht waardig noemen en toch wil ik even stil staan bij dit ommetje. Niet dat het iets heel bijzonders is, hoewel...? Misschien maakt dat het juist wel zo bijzonder? Ik verklaar niemand voor gek en dwing de medemens evenmin om zijn of haar vakantie in eigen land te slijten. Verre vliegreizen zijn gewoon niet aan mij besteed. Bovendien heeft het met mijn jeugd te maken. De vroegste vakantieherinneringen zijn die van Nunspeet. Als ik in de omgeving van bos ben met schelpenpaden parallel aan een zandweg en kleine paaltjes ter afscheiding, krijg ik meteen zin in een ijsje. En dan wel een softijsje in een vierkant hoorntje bij de ijsboer op de heide van Epe. Sinds een paar jaar moet ik dit gevoel onderdrukken of ik sta iedere dag bij de snackbar voor een ijsje. Ik woon sinds een paar jaar immers in een gebied dat ik voortdurend als vakantie ervaar. Deze middag ben ik niet toe gekomen aan het ijsje hoewel het weer er geschikt voor zou zijn geweest? Een tikkeltje overdreven en toch heb ik het vanmiddag warm gehad!

Tot mijn grote schrik zie ik dat ik gisteravond de laatste koffiefilter heb gebruikt en de oude zojuist in de vuilniszak heb gegooid. Toch heb ik gelukkig nog wat koffie over van de vakantie en heb ik verder ook nog diverse soorten oploskoffie in de kast. Er zullen echter wel nieuwe koffiefilters moeten komen en dus vervalt mijn eerdere plan. Ik ben aanvankelijk van plan om eens lekker te dwalen door 'de achtertuin'. Rond een uur of half zes stap ik op de fiets. Omdat de lucht dreigt, heb ik mijn 'dikke' bomberjack aangetrokken en dat was achteraf gezien niet nodig geweest. Ik meen echter dat ik in het bos tussen Uffelte en Havelte wat regen heb gevoeld. Aan de andere kant van de zon breekt de lucht en laat een mager zonnetje door. Ik haal chocolade en koffiefilters bij de Albert Heijn plus een doosje sigaren en heb dan nog wel zin in een klein ommetje. Ik heb een fiets te leen van de zaak en dat is niet bepaald de meest comfortabele fiets ondanks de zadelvering en dus ben ik niet van plan om tientallen kilometers rond te fietsen. Ik wil een paadje op herhaling dat ik nog maar sinds kort heb ontdekt. Even buiten Havelte loopt een oudere man in een korte broek. Ik schud alleen het hoofd maar moet tegelijk concluderen dat een gewatteerd bomberjack het andere uiterste is.

Ik fiets een stukje richting Darp en ga dan rechtsaf een zandpad in. Ik kom hier reeds jaren langs fietsen en toch is het slechts een paar maanden geleden dat ik het eens helemaal ben uit gefietst. Het eerste stuk heeft de Turfweg. Het gaat achter de Schierbosweg langs en is een zandpad met een parallel fietspad. Het komt uiteindelijk uit aan de N353 tussen Havelte en Frederiksoord bij de theetuin en het restaurant. Ik twijfel nog even of ik het kort zal houden en langs de hunebedden zal gaan, maar nee... We zijn een klein beetje ambitieus en fietsen verder naar de ingang van de Johannes Postkazerne. Daar steek ik de weg over en ga de bossen door de heide op. Dat gedeelte heet het Voermanspad en leidt onder andere langs het meertje dat op de foto staat. Ik heb mijn camera niet bij me en dus heb ik deze foto 'geleend' van de ANWB. Ik rook een sigaar op een bankje aan het meer en stap dan weer op de fiets. Nu richting Havelte en Uffelte en dat moest op zichzelf gesneden koek zijn en toch heb ik een afwijkend richtingsgevoel op dit stuk. Ik kom echter uit op de Studentenkampweg bij Holtinge en vijf minuten later sta ik aan de voordeur van mijn huisje. Later heeft het nog even gehoosd en daarmee komt deze bizarre dag tot een besluit. De twintig graden geloof ik meteen maar het is hier niet zomers geweest.

zaterdag 12 oktober 2019

Eretitel: 'Day After Day'



Na een potige aflevering van 'Het zilveren goud' is het laat geworden en ik heb beloofd om vandaag vroeg op de zaak te zijn. Dat is de reden waarom het gisteren bij één bericht is gebleven. Vanavond heb ik ook niet meer in de aanbieding dan een bericht. Ik weet dat het morgen geen zonovergoten dag wordt en toch wil ik nog wel iets mee maken van de twintig graden. Extreem? Welnee, een paar jaar geleden was het 25 graden in dit weekend. Het weer is vandaag alleszins meegevallen. De buienradar had het weliswaar over een constante regen maar in Meppel hebben we enkele droge momenten gehad en regende het bovendien niet erg hard. Dag in dag uit in de buitenlucht post bezorgen, dan wen je vanzelf aan het weer en ook moet ik benadrukken dat ik twee jaar in een regengebied in Engeland heb gewoond. Er bestaan voor mij kwalificaties in het 'nat zijn' van de regen en vandaag zou ik bijna willen stellen dat het 'droog' is geweest. Geen doorweekte kleding. Dag in dag uit is ook het thema van de 'Eretitel' van vanavond.

3. The Alan Parsons Project (1977)
De nummer 1 steekt met kop en schouders uit boven de rest en bij de nummers 2 en 3 moet ik een besluit nemen dat elk moment kan veranderen. Het nummer van The Alan Parsons Project heeft 'The Show Must Go On' als tweede titel en staat op het album 'I Robot'. Doorgaans moet ik niet zoveel hebben van The Alan Parsons Project maar net zoals hij zijn momenten heeft gehad, heb ik zo nu en dan ook mijn momenten. Ik mag mezelf een liefhebber noemen van oude symfonische rock alleen moeten de toetseninstrumenten dan ook oud zijn. Alan Parsons bedient zich in de jaren zeventig en tachtig van de laatste snufjes. Ik wil niet zeggen dat Yes, King Crimson en The Moody Blues overlopen van de 'soul', maar het latere werk is me té klinisch. Het zijn vooral de momenten waarop Eric Woolfson naar de microfoon kruipt of, nog beter, Colin Blunstone. We horen Eric in 'Day After Day' dat verder heel veel weg heeft van Pink Floyd. Niet zo verwonderlijk omdat Parsons een technicus was in de Abbey Road Studio waar ook Pink Floyd is begonnen. Alan mag vandaag op de derde plek.

2. The Pretenders (1981)
Ik luister eerst naar The Alan Parsons Project en heb bijna besloten deze op twee te zetten dankzij de stem van Eric Woolfson. Dat verandert op slag als ik Chrissie Hynde hoor. Als er één zangeres is met een stem die je uit duizenden kent dan is het Chrissie Hynde. Ze heeft onlangs nog een jazzy bigband-album opgenomen en daarmee bewijst ze dat deze stem overal inzetbaar is en toch echt Chrissie Hynde blijft. 'Day After Day' is één van de vele leuke singles van The Pretenders uit de begintijd van de groep. Het mag op nummer twee want de nummer een staat op voorhand al vast.

1. Badfinger (1972)
Omstreeks 1992 bestaat er een soort van cult rondom het Apple-werk buiten The Beatles om. Het is een tijd waarin heel veel oud werk op cd is uitgebracht en toch blijft EMI maar uitstellen met de Apple-albums. Met name 'Day After Day' is lange tijd niet tot nauwelijks op een fatsoenlijke cd verkrijgbaar. Het maakt dat de waarde van de single tijdelijk naar een toppunt stijgt want wie de single in 1972 heeft gekocht, wil blijkbaar geen afstand doen van het kleinood. Ik vind mijn exemplaar voor drie gulden bij 'Golden Years' in Sneek en als ik dat kenbaar maak aan andere regionale verzamelaars wordt me nog wel eens een hoofdprijs geboden. Nu leven we in het digitale tijdperk en heeft EMI inmiddels ook de Apple-singles allemaal uitgebracht op cd. En nog steeds is het goed te begrijpen waarom menigeen zoveel wilde betalen voor de single. Het is een perfecte popsong met een prachtige, eenvoudig klinkende, productie van Todd Rundgren. Hoe vaak ik deze heb gehoord? Ondanks de honderden keren nog niet vaak genoeg. De ultieme 'Day After Day' is deze week voor Badfinger.

vrijdag 11 oktober 2019

Het zilveren goud: september 1994 deel II



Ik loop inmiddels fors achter op schema maar heb nog altijd het gevoel alsof alles onder controle is. Als ik echt zin heb, zou ik vandaag bijvoorbeeld drie berichten kunnen publiceren, maar ook met de 'Eretitel' als extraatje loop ik weer een bericht in. In 'Het zilveren goud' blik ik terug op de singles die ik vijfentwintig jaar geleden heb gekocht en welke nog altijd in de bakken staan. Daarbij heb ik me lange tijd bediend van de kaartenbak, maar deze eindigt in de zomer van 1994 abrupt. Sindsdien is het een beetje gissen aan de hand van de platencollectie die ik op zolder heb staan. Het is het oorspronkelijke idee om de platen van een maand binnen een maand te houden maar augustus 1994 heeft ons een tijdje zoet gehouden. In oktober 2019 beginnen we pas aan september 1994 hoewel in twee weken het eerste deel 'Het zilveren goud' van oktober 1994 plaats heeft. We zijn afgelopen week gebleven bij de boeken- en platenverkoop voor het ontzettend goede doel in Nijezijl, vlak buiten IJlst. Ik heb daarbij eerst de collectie demo's, promo's en acetaten behandeld en daarvan vandaag het tweede deel plus de eerste twee uit de 'goedkope' hoek, hoewel Joanne & The Streamliners van afgelopen week waarschijnlijk eveneens goedkoper is geweest.

Omdat dit toch wel wat meer bijzondere singles zijn, doe ik het ietsje anders dan normaal en behandel ik liever de platen per stuk.

1977 My Love Loves Me-Valerie Anne Lawrence (UK, Decca, 1965)
Over een paar weken is er gebak en groot feest! Of toch niet? De enige solo-single van Valerie Anne Lawrence is uitgebracht op 29 oktober 1965 en hier zal bij stil worden gestaan in iedere radio- en televisieshow? Als het lot gelukkiger was uitgevallen voor Lawrence dan waarschijnlijk wel. 'My Love Loves Me' is gebaseerd op de Franse volksmelodie 'Plaisir D'Amour' en dat brengt meteen het grootste obstakel met zich mee. Rond deze tijd brengt The Rolling Stones bijvoorbeeld het opzwepende 'Get Off Of My Cloud' uit en staat Ken Dodd hoog in de Engelse hitlijsten met 'Tears'. Een weinig spannende bewerking van een folksong uit de achttiende eeuw is niet waar het publiek niet op zit te wachten. Als je het doet zoals The Animals het heeft aangepakt met 'The House Of The Rising Sun' of The Byrds en andere folkrockers, dan zou er een hit in hebben gezeten. De b-kant is in de stijl van Marianne Faithfull en dat is niet verbazingwekkend. Het orkest wordt namelijk geleid door Mike Leander die even daarvoor ook de hits van Faithfull heeft gearrangeerd. Op 45cat meldt iemand dat Lawrence in de midden jaren zeventig Cindy Kent heeft vervangen in de folkgroep The Settlers en dat ze anno 2017 nog steeds actief is als Valeryan.

1978 A Man Without Love-Kenneth McKellar (UK, Decca, 1966)
In 1965 heeft de jury bepaald dat, dankzij France Gall, het Eurovisie Songfestival van 1966 in Luxemburg gaat plaats vinden. In het Verenigd Koninkrijk laten ze er geen gras over groeien en zet men een 'zwaargewicht' uit Schotland in: Kenneth McKellar. Hij is de meest populaire zanger van Schotland op dat moment en deze single wordt reeds in februari gepresenteerd. Dat lijkt vroeg als je het vergelijkt met nu. Als ik nogmaals naar de afleveringen kijk in de jaren zestig dan blijkt dat het Songfestival eerder in maart werd gegeven. Toch maakt McKellar met het bombastische 'A Man Without Love' geen schijn van kans tegenover Udo Jürgens die er in 1966 met de hoofdprijs vandoor gaat.

1979 Tchaikvosky One-Second City Sound (UK, Decca, 1965)
Terwijl een gedeelte van de muziekbusiness op zoek blijft naar de stap vooruit in de muziekgeschiedenis, zitten bij Decca enkele mensen die graag terug naar toen willen. Second City Sound wordt in de markt gezet als 'terug naar het pre-Beatles tijdperk'. Verfijnde instrumentale muziek door vier jongemannen waar het opeens niet meer gaat om sex-appeal maar om de muziek. Second City Sound is een kwartet dat oorspronkelijk uit Birmingham komt en het is min of meer het stokpaardje van Ken Freeman die als Decca wordt beschreven als een 'elektronisch genie'. De platenspeler moet even aan want de b-kant staat niet op Youtube. 'Shadows' is een compositie van Rod Argent en ik heb zojuist geleerd dat Second City Sound een héle leuke gezongen opvolger heeft gehad ('Love's Not Funny'). Ook dat is instrumentaal maar wel interessanter dan de riedel van Tchaikovsky.

1980 Don't Go 'Way Little Girl-The Shame (UK, MGM, 1967)
Deze single is al eens heel vroeg voorbij gekomen op Soul-xotica. Blader hiervoor terug naar 19 april 2010: 'Het schandalige debuut van Greg Lake'. Als ik in 2019 de single weer eens bekijk, lijkt het wel alsof ik steeds meer begin te ontdekken aan de plaat. Zo heb ik al eens de naam van Martin Kayne opgezocht. Dan hebben we het namelijk over een veteraan uit de Engelse offshore radio. Hij wordt geboren op 27 oktober 1943 in Gravesend in het graafschap Kent en maakt zijn radiodebuut voor Radio Essex. Ten tijde van het verschijnen van deze single van The Shame maakt Kayne deel uit van Caroline North, een voortzetting van het Engelse Caroline nadat de overheid de schepen van zee heeft gehaald. De plaat is geproduceerd door Dru Harvey. Op de keerzijde van de Goldmine-heruitgave van Venicia WIlson's 'This Time I'm Loving You' staat 'Soul Sound' door Harvey & The Jokers. De plaat is in werkelijkheid van een obscure Amerikaanse band genaamd The Jokers, de naam lijkt geinspireerd door Dru Harvey & The Jokers, een populaire live-band in het noorden van Engeland in de jaren zestig. Janis Ian heeft 'Don't Go 'Way Little Girl' geschreven voor haar solo-debuut (met een iets andere titel) en Greg Lake mag voor het eerst in een studio zingen. Het resultaat is een freakbeat-nummer dat zijn weerga niet kent en een plaatje dat ik koester in mijn verzameling.

1981 Flowerman-The Syn (UK, Deram, 1967)
'Flowerman' zou de meeste hitpotentie hebben gehad maar inmiddels mogen we de single omkeren voor het werkelijke prijsnummer: '14 Hour Technicolour Dream'. Aan de ene kant is het best wel jammer. Ik had best de halve wereld 'Fa-la-la-la-lower Man' willen horen zingen. De single is in 2004 door Acme opnieuw uitgebracht en nu met '14 Hour Technicolour Dream' als terechte a-kant. De single en de groep dankt een deel van haar bekendheid aan één bescheiden lid: Chris Squire zal een paar jaar later een belangrijk onderdeel worden van de band Yes.

1982 Let It Be Me-Mick Tinsley (UK, Decca, 1967)
Een plaat die voor erg veel verwarring heeft gezorgd bij mij. Op het label wordt het toegeschreven aan M. Tinsley en ik leg meteen een link met Mike Tingley die eveneens singles heeft gemaakt op Decca. Het is pas met behulp van het Avro-forum als ik zie dat de naam Tinsley is in plaats van Tingley. Mick Tinsley is daarvoor lid geweest van Hedgehoppers Anonymous ('It's Good News Week') en doet hier een erg matige versie van 'Let It Be Me'. 'Version 3' staat op het label van de acetaat maar volgens mij is het gewoon de reguliere single-versie. Ook al zou het een outtake zijn geweest, dan zou nog niemand interesse hebben. Blijft alleen de vraag: Wie was die Mike Tingley? Het valt me op dat zijn singles alleen in Nederland zijn uitgebracht en geproduceerd zijn door Tony Vos...

1983 Walk Away Renee-The Truth (UK, Decca, 1967)
Ik geloof dat deze single ook al eens aan bod is gekomen. Het nummer wordt in 1968 pas echt beroemd dankzij The Four Tops maar is oorspronkelijk een hit voor Left Banke in Amerika. Volgens mijn herinnering komt The Truth uit Hull. Het herinnert me opeens aan het gegeven dat in deze partij ook een single van The Game zat maar deze staat andermaal niet op zijn plek in de bakken en moet ik dus vergeten. The Truth doet 'Walk Away Renee' precies zoals je het mag verwachten van een Brits folkrock-bandje. Keurig binnen de marges en dat levert evenwel een zeer fijn plaatje op. Tot slot twee 'gewone' en goedkope singles en daarmee besluit ik 'Het zilveren goud' van vandaag.

1984 The Sun Always Shines On TV-A Ha (Duitsland, Warner Bros., 1985)
1985 Island In The Sun-Harry Belafonte (Duitsland, RCA, 1956)

woensdag 9 oktober 2019

Week Spot: Genty



Het wordt lastiger met de Week Spot. Niet dat ik moeite heb om een plaat uit te kiezen want ik heb keuze in overvloed. Toch hóórt bij de Week Spot ook een informatief verhaaltje over de betreffende single en wat dat betreft wordt de spoeling dunner. De grote namen met biografieën van het formaat postcodeboek hebben we in de afgelopen 7,5 jaar al eens te gast gehad en dat geldt eveneens voor de 'bekende' namen in de meest recente 'Singles round-up'. Latimore, Leroy Hutson, The Drifters... allemaal hebben ze al eens de Week Spot gehad en daarmee heb ik ook het verhaal geschreven over de betreffende artiest of groep. Toch kan het ook bevrijdend werken om niet naar het eventuele verhaal te kijken maar een Week Spot te kiezen op intuïtie. Afgelopen zaterdag heb ik in de 'Sweet 16', het derde uur van 'Do The 45' Blauwe Bak-aanwinsten uit 1979 gedraaid. Gedurende de eerste twee uren draai ik de singles die de 'Sweet 16' niet hebben gehaald en daarbij hoort ook 'Baby Goodnight' van Genty. Vanmiddag hoor ik het nummer opnieuw in de 'Vakantiemix' als ik vanaf het werk kom fietsen en dan heb ik het besluit genomen. Ik kijk nog eenmaal of ik aan wat informatie kan komen over de groep maar helaas... De Week Spot is het ontroerende 'Baby Goodnight' van Genty uit 1979.

In 1968 wil Motown de rest van de wereld bespelen en beseft dat dit niet enkel vanuit Detroit kan gebeuren. Mickey Stevenson wordt erop uit gestuurd om in Californië een sub-label van Motown op te zetten. Hij noemt het label Venture en het zal twee jaar actief zijn en nimmer in de buurt komen van het succes van een Motown-single. Tien jaar later is iedereen het debacle van Venture vergeten als Isaac Hayes een nieuw label uit de grond stampt en dit Venture gaat noemen. Terwijl in Den Haag de supporters van zeezender Veronica op het Malieveld verzamelen om zich hard te maken voor het voortbestaan van de piraten, geeft Isaac Hayes op 18 april 1973 het ja-woord aan Mignon Harley. Het koppel krijgt twee kinderen en vraagt in 1986 echtscheiding aan. Mignon is Isaac's tweede vrouw en medeverantwoordelijk voor het nieuwe Venture-label. Tegen het einde van hun huwelijk worden ze beide bankroet verklaard en kost het Hayes een aanzienlijke tijd voordat hij zichzelf heeft hervonden. Mignon komt uit het bankwezen en ik durf te betwijfelen of ze ergens een aandeel heeft gehad in 'Baby Goodnight'. Het nummer ademt echter de dramatiek van een Isaac Hayes-compositie en het zou me niets verbazen als Hayes het heeft opgedragen aan zijn vrouw en haar daardoor een credit heeft gegeven op het label.

De a-kant van de single is meer het uptempo werk en dat wordt geschreven door het koningskoppel van Hayes en David Porter. Mark adverteert de single echter met 'Baby Goodnight' en daarvoor heb ik de plaat ook gekocht. Het is een compositie in de stijl van Hayes' bewerking van 'Walk On By' met een typische Hayes-'hook' hoewel het geluid ietsje synthetisch aan doet. Het is immers ook de late jaren zeventig als het nummer wordt opgenomen. De single verschijnt echter niet eerder dan oktober 1980 en het zal geen verrassing zijn dat het geen grote hit is geworden. Wat geldt voor alles op Hayes' Venture-label en wellicht ook medeverantwoordelijk voor het bankroet. We gaan het deze week voor de verandering eens héél rustig aan doen met de Week Spot. Misschien volgende week weer eens iets vlotters hoewel er nog een 'slowie' uit 1979 wacht op de titel van Week Spot.