woensdag 8 juni 2022

Week Spot: Kim Tibbs


De Buienradar krijgt vandaag een onvoldoende van mij. Ik heb in de nacht al eens gekeken en werp een laatste blik op de app voordat ik naar Steenwijk fiets. Beide keren geeft het aan dat het pas om vier uur continu gaat regenen. Tot die tijd zal het droog zijn. Echt? Ik kan dat niet geloven als ik naar Steenwijk fiets. Hoe dichter bij de zaak hoe donkerder de lucht wordt. Als ik goed en wel binnen ben, begint het met plenzen en blijf zelfs even langer op de zaak om te wachten totdat het droog is. Er is gelukkig niet veel post. Als ik in het centrum ben van Steenwijk is het weer serieus gaan regenen. Ik fiets dan net voorbij de viswinkel en zo heb ik opeens trek in kibbelingen. Als ik de lunch op heb, is het ook weer droog. Tot Havelte zal het droog blijven en als ik thuis ben, begint het serieus te regenen. Thuis ga ik opnieuw op speurtocht naar informatie over Kim Tibbs maar zal weinig meer informatie vinden. Ik moet het hiermee doen, zoveel is wel duidelijk. Wel zie ik dan iets grappigs op Discogs... De Week Spot is deze week 'Where Would I Be Without You' van Kim Tibbs uit 2022.

In 1992 staat het internet nog in de kinderschoenen en is het toekomstmuziek voor de consument. Dan heb je nog geen Youtube, Spotify of iets dergelijks en moet je je oordeel baseren op de fantasie van de schrijven van de bio. In 2022 hebben we veel meer technische snufjes en toch is het heel soms weer even 1992. Neem nu de tekst die Patrick heeft geschreven om dit plaatje aan te prijzen. Het staat niet op Youtube of een streamingsdienst. Het schijnt dat hij mp3-tjes heeft rond gestuurd naar enkele bevriende dj's. Ik sta niet op deze lijst en kan daarmee leven. Immers, in 'Do The 45' ga ik geen mp3 draaien en voor de overige shows vind ik het niet interessant genoeg. Niet dat het nummer niet interessant is, maar ik wil een plaat graag het juiste podium geven en de soul-dj's luisteren vast niet naar 'Afterglow' of 'Tuesday Night Music Club'. Het promotiestukje van Patrick komt superlatieven tekort en het wekt de nieuwsgierigheid. Ik doe geen enkele moeite om het nummer te horen en ben alleen gefixeerd op wanneer het als single wordt aangeboden. Dan is het begin mei en heb ik een dag niet op Facebook gekeken. Als ik weer kijk, blijkt de single al uitverkocht te zijn. Gelukkig heeft Patrick een paar exemplaren gereserveerd voor vaste klanten en zo heb ik nog steeds eentje uit de eerste oplage.

Eerste oplage? Jawel, de plaat is opnieuw beschikbaar. Nu op rood vinyl en in een blanco hoesje gestoken. Dat moet de honger stillen van de overige Izipho-volgers die te laat zijn voor de eerste oplage. Wat heb ik gezien op Discogs? Welnu, daar wordt een exemplaar aangeboden uit de eerste oplage. De verkoper heeft er een maand geleden twaalf pond voor betaalt. Nu heeft hij de plaat in de aanbieding voor iets onder de honderd pond. Als ik Patrick confronteer met de advertentie moet hij lachen. 'Hopelijk maakt de heruitgave een einde aan deze onzin'. De single wordt aangeprezen met de mededeling dat de lange versie op de b-kant staat. Nou en? Dat is ook de b-kant op rood vinyl en bovendien verschijnt later dit jaar een elpee van Kim Tibbs met ook dit nummer.

Ik had graag wat biografische details gedeeld met jullie en een uitgebreide geschiedschrijving van haar carrière van voor 2016. Helaas... ze blijkt slecht te zijn gedocumenteerd. Kimberley Tibbs is een zangeres, componist en toetsenist uit Tennessee. Qua toetsen bespeelt ze een Hammond B3 en geldt ze voor de Hammond-fabriek als één van de weinige 'specialisten' van Amerika. Als Hammond met een nieuw snufje komt, is Kim een van de eerste die het mag uitproberen. Ze heeft ruim dertig jaar ervaring met het instrument als professional en toch begint haar biografie in 2017. Dan verschijnt haar album 'Kim' op de markt. Volgens haar zeer beknopte Wikipedia-pagina komt Tibbs oorspronkelijk uit Huntsville in Alabama, maar de credits op de single wijzen allemaal naar Tennessee. Ik heb ook ergens gelezen dat ze haar tijd verdeeld tussen Tennessee en Londen. Feit is dat haar muziek vooral aanslaat in Engeland. 'The Science Of Completion Vol. 1' is de titel van het album dat later dit jaar zal verschijnen op het Sophomore-label. Tibbs is net als bijvoorbeeld Laura Rain een artieste die vooral gebruik maakt van het internet en de licenties van haar muziek doorspeelt naar labeleigenaren. Izipho Soul mag dus de single voor haar rekening nemen, het album verschijnt op een ander label.

'What Would I Be Without You' is een grootse productie. Ik tel negentien muzikanten (inclusief Tibbs op Hammond B3) en drie extra zangeressen. Er komt geen computer of synthesizer aan te pas. Dit is een productie welke tot stand is gekomen door middel van hoofden, handen en voeten. De drums doen een beetje Hi-achtig aan en het heeft ook dezelfde klasse te pakken. Daar eindigt de vergelijking dan ook want verder is het klassieke Modern Soul dat gemakkelijk in 1975 zou kunnen zijn uitgebracht met een dominant grommend Hammond-orgel en Tibbs' zeer fijne stem. De conclusie is dat Patrick niet heeft overdreven. Er zijn al meer dj's die het hebben gezegd en ik zeg het ook maar eens: Dit is één van de beste 'moderne' soul-platen die de afgelopen jaren is uitgebracht. Het zit voor mij op dezelfde hoogte als bijvoorbeeld 'This Is What Love Looks Like' van Carlton Jumel Smith. En als single is exclusiviteit gewaarborgd want ook de heruitgave is wederom in een gelimiteerde oplage. Hoewel de lange versie niet te versmaden is, ga ik voor de 'radio edit' als de Week Spot. Scheelt een minuutje.

(Kn)uffelt(j)e uit den ouden doosch


Vandaag wil ik dubbel publiceren om in ieder geval op dinsdag uit te komen. Waarschijnlijk dat ik morgenmiddag de foto ga nemen voor 'Het zilveren goud'. Ik wil om de zeven berichten de Week Spot hebben en hiervoor moet ik nu even improviseren. Een recente foto dan? Als ik door mijn foto-archief blader, zie ik opeens een paar foto's. Ik kijk naar de datum en zie dan dat ze op 5 juni 2015 zijn genomen. En het is ook nog eens vlakbij huis? Technisch gezien is het Havelte maar ik keur het goed. Ik heb zojuist uitgerekend dat het een vrijdag is in 2015. Waarom heb ik dan het fototoestel mee? Goede vraag! Het lijkt zo'n vrijdagmiddag te zijn zoals ik ze vaker heb in deze jaren. Na het werken ga ik dan een blokje om en doe boodschapjes in Havelte alvorens ik over Veendijk terug fiets naar Nijeveen. Dan ontdek ik dit verborgen plekje en moet ik een paar foto's maken. Ik kies uiteindelijk voor een close-up van de fiets.

Het is een moeizame periode. Hoewel ik een paar maanden eerder 'Geni' van Terri Bryant heb gekocht (en dat is tot op heden de duurste in de verzameling), zou ik het geld in deze maand goed kunnen hebben gebruiken. Twee maanden eerder eigenlijk al. De fiets gaat stuk en omdat ik niet veel te besteden heb, komt deze Altra op mijn pad. Het is een krot. Het fietst en daarmee is ook alles gezegd. Het is één van de eerste keren dat ik camera mee heb tijdens een fietstocht. Tot die tijd heb ik hem vooral binnenshuis gebruikt en nog vaker met de video-functie. Als het vakantiegeld komt, heb ik net een maand huurachterstand opgelopen en als dat is betaald, blijft er weinig over voor een vakantie. Een paar weken later zal ook de Altra aan zijn einde komen en moet ik nog eens voor erg weinig aan een fiets te komen. Ik beschouw de Multicycle letterlijk als een geschenk uit de hemel. Kort voor de vakantie krijg ik een fraai bedrag terug van de belastingdienst en kan ik even zo goed nog een mooi verblijf hebben in Sleen. Het is echter niet alleen maar de financiën die me dwars zitten. Het postbedrijf heeft de sociale werkvoorziening laten weten me te willen overnemen, maar er zit geen progressie in de zaak. Tegelijk gaat de consulent lastig doen met een sollicitatie elders die ik verplicht moet uitvoeren. Maar... binnen nu en een maand komen er betere tijden en over een jaar ben ik alle perikelen al lang weer vergeten. Deze foto's ben ik een tijd lang 'kwijt' geweest. Ik kom ze in december 2020 tegen als ik mijn Facebook-account aan het opruimen ben. Ik maak in 2015 een paar fotoalbums aan en daar zit ook deze tussen. De foto is overigens genomen bij de brug over de Oude Vaart, iets buiten Havelte. Het is aan de overkant van de rijksweg tussen Havelte en Uffelte en dus ook aan de andere zijde van de Hoofdvaart. Een klein stukje bos met de vaart welke in de zomer een favoriete zwemplek is voor de plaatselijke jeugd. (Edit: Bij nader inzien toch maar een foto van de Oude Vaart. De foto met de fiets heb ik al eens eerder gebruikt).

dinsdag 7 juni 2022

Niet vergeten: Grimskunk


Enkele dagen geleden heb ik mezelf afgevraagd hoe ik in 1997 een ambulance heb geregeld voor iemand. Hoewel het nog maar vijfentwintig jaar is geleden kun je je nu al niet meer een leven zonder mobiele telefoon voorstellen. Heeft het ontbreken van de technologie ook zijn charmes? Jazeker! Als het aankomt op het bezoeken van concerten van min of meer onbekende groepen of artiesten bijvoorbeeld. Je 'kent' nu al een artiest dankzij een album op Spotify en je kan desgewenst ook voorbije concerten terug zien op Youtube. Iedere zichzelf respecterende band heeft wel een Wikipedia-pagina en anders kun je de informatie vinden op sociale media of Bandcamp. In de jaren negentig is de enige leidraad het verhaaltje dat de vrijwilliger in Het Bolwerk heeft geschreven in het krantje. Dat wordt een-op-een overgenomen voor de persberichten en daarmee moet je je dan maar redden. Als recensent kun je een hele wilde vergelijking maken welke ten tijde van publicatie kant noch wal lijkt te raken, maar hee... er is niemand die het kan controleren mits je zelf bij het optreden bent geweest! Ik weet niet helemaal meer precies wanneer dit concert heeft plaats gevonden. Iets zegt me dat het in 1995 moet zijn geweest, maar het kan een jaar eerder of later zijn. Het Bolwerk heeft dan vrijwel nooit concerten op een zondagmiddag en ik weet niet de reden waarom dit concert dan plaats heeft. Heeft de band wellicht 's avonds nog een concert? Ik doel dan op het zeer verrassende concert van de Canadese band Grimskunk.

Twee radio-collega's zijn vrienden voor het leven en al jaren samen bezig met podcasts. Ze zijn prachtig op elkaar ingespeeld en kunnen beide oeverloos in de ruimte lullen over van alles en nog niks. Ze hebben een half jaar lang hun podcast op de radio gedaan. Hooguit twee tot drie platen en de rest van de twee uren deze twee mannen die plezier maken in de studio. Sinds een paar jaar doen ze eveneens 'Theme Time Radio' op de woensdagavond. Een show met platen met een thema in de titel is op zichzelf niet uniek. Het wordt anders als de twee een soort van 'gevecht' gaan houden met platen. De mensen in de chatroom mogen stemmen voor de favorieten. Natuurlijk zijn er altijd een of twee die weinig te maken hebben met het onderwerp en wij, als luisteraars en chatroom-bezoekers, laten dan onze onvrede kennen. Een van de twee mannen heeft afgelopen weekend een optreden op een festival en heeft woensdagavond zijn studio al afgebroken. De andere nodigt mij opnieuw uit nadat we eind vorig jaar ook al eens samen een 'Theme Time Radio' hebben gedaan. Hij stelt voor om 'computeronderdelen' als thema te nemen. Alles wat je binnen de kast van een computer aantreft en uiteraard mag het woord een dubbele betekenis hebben. Hij is computerprogrammeur en heeft het aanzienlijk gemakkelijker dan mij. Ik heb de 'bits' over het hoofd gezien. Omdat ik ook een discutabele titel wil hebben, kies ik voor een 'bug'. Het hóórt niet in een computer te zitten, maar het kan immers wel gebeuren. Maar dan... een geschikte titel met 'bug'. Dan denk ik opeens aan 'Bugs In Billy Bob's Bed' van Grimskunk. Een album dat ik al twintig jaar niet meer heb gehoord en waar ik opeens heel veel zin in heb!

Het bericht in het programmaboekje van Het Bolwerk is kort en bondig. Het wekt de nieuwsgierigheid zonder dat er al teveel wordt gesproken over muziekstijl, genre of gelijke bands. Anno 2022 leer ik dat de band het zelf 'world punk' noemt en dat vind ik een fraaie omschrijving. De band speelt in de grote zaal maar niet op het podium. De muzikanten spelen op de plaats waar normaal gesproken de mosh pit is voor metal- en hardcorebands. De organist neemt een hoofdrol in en muzikaal drijft het van lome reggae en snelle ska naar Pink Floyd uit de Syd Barrett-periode. Ik kan me herinneren dat ook een cover van Uriah Heep voorbij komt. Er hangt een zoete geur van wiet in de zaal want zoals de bandnaam al doet vermoeden, houden de Canadezen ook wel van een jointje. Ik ben dolenthousiast. Er is met name één nummer dat ik erg mooi heb gevonden en bij navraag blijkt dit op het eerste album te staan. Deze koop ik ter plekke op cassette. Het is 'Nursery Rhyme' dat in de rustige momenten erg vroege Pink Floyd is met meer punky stukjes tussendoor.

Anno 2022 heeft de band zelfs een uitgebreide Wikipedia-pagina. Hieruit blijkt dat de vroege ska- en reggae-elementen meer op de achtergrond zijn geraakt en Grimskunk in de laatste jaren meer metal en punk is geworden. Beetje jammer. De groep is na ruim dertig jaar onverminderd actief. Ik heb afgelopen weekend een paar meer recente albums geproefd, maar nee... Het haalt hem niet bij de diversiteit van 'Exotic Blend' dat oorspronkelijk in 1992 is uitgebracht. Wanneer heb ik het album voor het laatst gehoord? Best wel een gedenkwaardig moment! We zijn in augustus 1999 met een hippie-karavaan onderweg naar Kaiserslautern om de zonsverduistering mee te maken. Het is dinsdag en de dag vóór de eclips dat we naar Trier zijn geweest en waar mijn opgewekte humeur ervoor zorgt dat de groep niet ter plekke uit elkaar valt. De ambulance mist de deurrubbers maar is verder helemaal 'hard'. Het effect is dus dat er een badje ontstaat op de vloer na een hevige regenbui. We hebben alle drie muziek bij ons: Des, de vrouwelijke bijrijder en ikzelf. Dat wisselt voortdurend. We hebben al een paar uur naar Doe Maar geluisterd als ik het bandje van Grimskunk tevoorschijn haal. Ook nu speelt 'Nursery Rhyme' weer een belangrijke rol in het verhaal. Daarna raak ik het bandje kwijt. Het afgelopen weekend heb ik daarentegen lekker herinneringen opgehaald bij het album, nu ik het weer in digitale vorm heb gevonden.

Nooit tabak van?


Okay lieve mensen, ik geef het eerlijk toe. Het gaat momenteel even nergens over voor wat betreft Soul-xotica. Ik wil doorgaan en hoop op betere tijden. De discipline om dagelijks te publiceren is al een paar maanden zoek. Een week geleden is het al een zootje en dat is het nu weer. Zoals ik eerder heb geschreven: Aan inspiratie geen gebrek. Het is alleen een kwestie om ervoor te gaan zitten en het op papier te zetten waar het mis gaat. Wat heb ik zoal in gedachten? In ieder geval een 'Hier en nu' met een actuele band, een 'herontdekking' van een oude favoriet uit de jaren negentig en ik speel enige tijd met een bericht over Pinksteren door de jaren heen. Dat laatste heb ik echter al in 2020 geschreven. De jaren 2009 tot en met 2019 in vogelvlucht met weinig opzienbarend nieuws over 2020. Ik kan me nu al niet meer herinneren wat ik op Pinkstermaandag 2021 zou hebben gedaan en 2022 is ook niet veel soeps. Ik ben zondag naar een grote demonstratie geweest in Leeuwarden, maar daarover wil ik dan juist weer niet schrijven... Dan komt 'Van het concert des levens' voorbij en realiseer ik me dat er een jubileum ongemerkt aan me voorbij is gegleden. Eigenlijk twee. In februari is het dertig jaar geleden dat ik mijn eerste schreden in de journalistiek heb gezet. Een maand later biets ik mijn eerste sigaretje van een vriendin in 'T Hokje. Overeenkomst tussen beide: Na dertig jaar heb ik er nog altijd geen tabak van!

Ik schat in dat menig lezer eens een diepe teug lentefrisse adem zal nemen en denkt: 'Wanneer stopt die gast nu eens met de ongezonde hobby?'. Ik zal meteen het antwoord geven: Waarschijnlijk nooit! Ook al rook ik de helft minder dan pak hem beet tien of vijftien jaar geleden, de nicotine volledig uit mijn leven verbannen heeft al lang geen prioriteit meer. In 1992 is roken tot op zekere hoogte nog altijd 'stoer'. Het imago is al wel aan het kantelen maar de rijksoverheid is vooralsnog drukker met het waarschuwen voor het overmatig gebruik van alcohol dan het geval met de tabak. Er zit voor mij ook een rebels tintje aan het roken. Onze vader heeft dertig jaar lang gerookt. In het begin sigaretten of shag, maar ik ken hem niet anders als dat hij sigaartjes rookt. Ik haal ze iedere zaterdag bij het sigarenmagazijn in het dorp. Een kistje sigaren, de Telegraaf en drie rollen King pepermunt. Dat kost dan samen ongeveer vijfentwintig gulden. Vaak krijg ik een kwartje wisselgeld en daarvan koop ik dan het goedkoopste pakje kauwgom. Vader is in 1988 gestopt met de nicotine en ik kan de geur van zijn kuur nog herinneren. Het is een drankje dat de pure nicotinesmaak moet benadrukken. Al gauw wordt er bij ons in huis niet meer gerookt en ook het kokertje sigaretten voor de gasten verdwijnt van tafel. Als zeventienjarige wil je je graag afzetten tegen de gevestigde orde en ik doe dat door te gaan roken. Het klinkt gek maar ik kan geen andere reden bedenken. Ik wil rock'n'roll zijn. Lang haar, nonchalante looks en een peuk in de rechtermondhoek.

Het begint voor mij met filtersigaretten van Marlboro. Een meisje in 'T Hokje rookt deze en ik mag zo nu en dan eentje van haar hebben. De eerste sigaret hoest ik de longen uit mijn lijf maar ik besluit door te zetten. In april 1992 koop ik mijn eerste pakje sigaretten en doe daar een maand mee. Misschien ook wel twee! Omdat ik niet wil dat mijn ouders het weten, moet ik de rookmomenten beperken tot Het Bolwerk en 'T Hokje, ofwel: Plekken waar mijn kleding en haar automatisch naar rook gaat ruiken. Tijdens de stage op het waterschap leer ik het kettingroken. Na de tweede week is hier namelijk niets meer te doen op kantoor. In september zit ik dan met een probleempje. Ik ben over mijn enkel gegaan en moet twee weken horizontaal doorbrengen. Op een onbewaakt moment naar buiten hinkelen voor een peukje is geen optie want immers... de buren mogen het ook niet weten! In oktober koop ik een pakje in het sigarenmagazijn in het dorp en krijg ik een flinke preek van de eigenaar. Rond oud en nieuw is het niet langer meer vol te houden. Moeder vindt té vaak aanstekers en lege sigarettenpakjes in mijn jas- en broekzakken.

Bij mijn eerste baantje op de zuivelfabriek leer ik shagjes rollen. Ik heb op een gegeven moment niet meer genoeg aan een pakje Marlboro per dag en dus moet ik iets bedenken waardoor ik minder ga roken. Het wordt dus de moeite van het sjekkies rollen, iets waarmee ik lange tijd moeite zal hebben. Hoewel ik voornamelijk Drum en Samson rook, zal in de loop van 1993 een paar keer driekwart Javaanse Jongens op mijn pad komen. Het wordt de smaak van het avontuur. In 1994 besluit ik de overstap naar driekwart te maken en kort daarop naar de zware Javaanse Jongens. In Engeland is de rookwaar schreeuwend duur en daar word ik al eens gedwongen om zonder een rokertje te moeten. Eenmaal terug in Nederland ben ik weer terug aan de zware Jongens, hoewel ik bij Harrie in Tuk meer naar de driekwart toe ga. In 2001 wil ik goedkoper gaan roken en kom ik uit op de budget-merken. Veertien jaar later is me dat ook al té duur geworden en word ik door Engelse vrienden overgehaald om te gaan dampen.

Voor een periode van drie maanden damp ik bijna uitsluitend en dan komt de vakantie in zicht. Het is wederom een kampeervakantie zonder elektriciteit en de twee batterijen voor de damper gaan me niet door de dagen heen helpen. Ik begin in Sleen aan de sigaren. Natuurlijk rook ik al sigaren sinds de jaren negentig, maar eerder als extraatje naast de shag. Op de laatste dag van de vakantie verlies ik ook nog eens een damper en stoom ik thuis erop los met de sigaren. Als Uffelte in zicht komt, heb ik me al voorgenomen dat ik hier nóóit binnen ga roken. Iets waar ik me zes jaar lang strikt aan heb gehouden. Een enkele keer op zolder maar de laatste keer is dan ook wel twee jaar geleden. Iets met sneeuw en kou... Hoewel ik tijden zeer goedkope sigaartjes heb gerookt, ben ik de laatste jaren trouw aan een a-merk. Gemiddeld gaat er een doosje of anderhalf door in de week. Als ik niet veel buiten ben, rook ik ook niet veel en zeker in de winter niet. Ik heb inmiddels ook al de discipline gevonden om niet te roken totdat ik in Steenwijk de post heb gesorteerd. Ik moet dan onderweg op de fiets wel een muziekje aan hebben want anders vind ik er helemaal geen bal aan!

Ik mag een aantal dingen niet meer van mezelf. Ten eerste is dat de drank, ten tweede zijn dat verdovende middelen. Niet dat het me veel moeite kost om van beide af te blijven maar nog altijd wil ik graag iets doen dat slecht is voor mezelf. Zie daar het roken. Aan lichamelijke inspanning ontbreekt het me niet en ik eet vrij afwisselend, gezond en vooral bewust. Geen vaste frituurmomenten, geen pizza's en geen chips. 'Als het duurder wordt dan zes gulden stop ik ermee', zeg ik in 1994. Inmiddels betaal ik 2,5 keer zoveel voor een doosje sigaren en heb ik geen doelen meer gesteld om te stoppen. In 2009 en 2012 heb ik een paar periodes gekend zonder nicotine.

maandag 6 juni 2022

Top G-duizend: The Electric Prunes


Uiteindelijk is het balletje weer rond. Ik heb even gezocht in het archief of ik al nooit eerder had geschreven over The Electric Prunes en wat blijkt? Het is een 'Telefoontoppertje' geweest in 2011. Het is de tijd dat ik nog de beschikking heb over een Nokia N95. Als de 3G-connectie er vorig jaar niet uit was gegaan, had ik overigens een 'refurbished' Nokia N95 gekocht. De mooiste telefoon die ik ooit heb gehad. Naast dat ik al mijn internet (inclusief deze praatpaal) op de Nokia schrijf, heeft het ook een goedgevulde muziekbibliotheek. In de rubriek 'Telefoontoppertje' zet ik dan een favoriet van de telefoon in de schijnwerpers en mag ik op Google zoeken naar een leuke foto van een telefoon. Het is eveneens rond deze tijd dat ik naar 'Nether Lands' luister van Dan Fogelberg op genoemd apparaat. Ik speel dan met het idee om een soort van 'monumentenlijst' op te zetten met monumentale platen. Dat komt er niet van. Sinds december presenteer ik echter zo nu en dan een plaatje dat zonder meer thuis hoort op mijn monumentenlijst. Met dank aan de onlangs gekochte single van The Thought is het de hoogste tijd om 'I Had Too Much To Dream Last Night' van The Electric Prunes toe te voegen aan de Top G-duizend.

Voordat Radio 3 in 1992 start met de horizontale programmering is iedere dag van de week gereserveerd voor een omroep. Alleen woensdag is een versplinterde dag met de eerste acht uren de EO en de VPRO voor de rest. Op deze dag luisteren wij echter naar Veronica dat op woensdag op Radio 2 zit. De vrijdag is de dag van Veronica op Radio 3 met traditioneel de Top 40 op de vrijdagmiddag. Goud Van Oud is echter ook een onderdeel van de vrijdag van Veronica. Normaliter wordt de samenstelling van dat programma door een vast team gedaan, maar zo heel nu en dan hebben ze een 'gastoptreden'. Zo ook deze vrijdag in oktober 1992. Het is een medewerker van het Veronica Magazine dat voor eens de drie uren mag vullen. Dat levert een exotische lijst op met een hoop jaren zestig-liedjes welke je nauwelijks meer hoort op de radio. Ik zit klaar met de cassette in de aanslag en zo maak ik kennis met 'I Had Too Much To Dream Last Night' van The Electric Prunes. De plaat komt meteen bovenaan mijn zoeklijst, maar de Nederlandse single blijkt extreem lastig te vinden.Internet kennen we nog niet in deze jaren en dus blijft The Electric Prunes jaren lang een 'droomplaat' voor mij. Dan kom ik in 1997 aan het werk bij de Popkelder en leer ik van Jan dat zijn broer de elpee heeft. Ja, hij wil hem wel kwijt en we komen een prijs van 25 gulden overeen. Ik neem aan dat hij hetzelfde heeft betaald want het is de jaren tachtig 'nice price'-uitgave. Of... ik denk dat 'nice price' de serie was van CBS, maar ook Warner Bros. heeft een soortgelijk assortiment van oudere uitgaven voor een vriendelijke prijs.

Het is dan inmiddels eind 1997 en de elpee gaat vanzelfsprekend ook mee op mijn reis naar Engeland. Daar is die niet beter van geworden! Hij zakt heel erg snel van Near Mint naar Good Plus om in het jargon te blijven. 'Good' is eigenlijk helemaal niet goed voor de meeste verzamelaars. Nu ik dit schrijf, heb ik de enorme behoefte om eens te kijken op Discogs naar een exemplaar. Immers... ik heb pas een plaat als ik de single heb! Ik neig dan enigszins naar de Engelse Radar-uitgave van 1979. Maar ook zonder het vinyl kan ik het nog altijd dromen. Ik heb slechts eenmaal oog in oog gestaan met een single van The Electric Prunes en dat is een andere titel. Het is de zomer van 1994 en de plaat moet dan al een kapitaal opbrengen. Ongeacht wat de prijs is, ik moest ditmaal maar eens doorpakken en een volgende van de eindeloze zoeklijst toevoegen aan de verzameling.

Hoewel de mannen van The Electric Prunes al een tijdje aan de slag zijn als ze in 1966 onder de nieuwe naam aan het werk gaan, zijn ze vrij onervaren en vatbaar voor allerminst aantrekkelijke contracten. De groep heeft in de oervorm gewerkt als een surfband als het in 1965 twaalf cover-versies opneemt in een lofi-studio. Deze opnames verschijnen pas in 2000 maar worden dan al geroemd vanwege de uitmuntende opnamekwaliteit. In 1966 maakt de groep haar eerste single als The Electric Prunes maar 'Ain't It Hard' raakt kant noch wal. De groep staat onder contract bij Dave Hassinger en deze zorgt desondanks voor een contract met Reprise. Door spelenderwijs te 'jammen' in de studio komen ze op een specifiek gitaargeluid dat we horen in het intro van 'I Had Too Much To Dream Last Night'. De single bereikt een elfde plek op de Billboard en stipt ook de Engelse Top 50 aan. De opvolger, 'Get Me To The World On Time', doet het zelfs ietsje beter in Engeland. Het eerste album verschijnt en is aanvankelijk titelloos. Latere releases worden verkocht met de titels van de twee hits. Hoewel de groep bij machte is om haar eigen repertoire te schrijven, beslist het contract met Hassinger dat de dames Annette Tucker en Nancie Mantz voor de liedjes mogen zorg dragen. Met name op de eerste elpee zorgt dat voor een onevenwichtig geluid waarover de band zélf ook niet tevreden is. Nummers als 'Onie' of 'Toonerville Trolley' zijn té poppy voor een 'free form garage'-band zoals The Electric Prunes.

De groep staat onder contract bij Hassinger en deze is daarmee eigenaar geworden van de naam. Hassinger besluit David Axelrod in de arm te nemen voor een ambitieus werk: 'Mass In F Minor'. Het is een uiterst complex werk en hoewel de groepsleden innovatief zijn, gaat het enkele muzikanten boven de pet. De plaat wordt ingespeeld met behulp van de Canadese The Collectors en andere sessiemuzikanten en The Prunes heeft niet de aanleg om het werk 'live' uit te voeren. Hassinger is echter overtuigd dat 'Mass' een opvolger verdient en omdat hij eigenaar is van de naam besluit hij een band samen te stellen. Deze band is verantwoordelijk voor 'Release Of An Oath' waarna Axelrod zich weer gaat richten op eigen muziek en producties. De pseudo-Electric Prunes maakt nog één album in 1969 en gaat het volgende jaar uit elkaar.

Zanger James Lowe blaast in 1999 The Electric Prunes nieuw leven in met enkele oude namen. Bassist-toetsenist Mark Tulin is de laatste naast Lowe van de eerste bezetting. Tulin overlijdt in 2011 en de band gaat even op slot. In 2013 en 2014 is het echter weer sporadisch actief en is Lowe de enige uit de oude bezetting. Het heeft intussen een aantal nieuwe albums uitgebracht en dat zijn voornamelijk platen die The Prunes het liefste zelf had willen uitbrengen in de jaren zestig, ware het niet dat ze onder een wurgcontract stonden bij Hassinger. Straks maar eens gaan zoeken naar de single! Het zal de rest van de dag blijven regenen in Uffelte...

vrijdag 3 juni 2022

Van het concert des levens: 1992


Een paar weken geleden heb ik al het gevoel alsof ik erg ben verbrand. Eigenwijs als ik ben (niet hoor! echt!!!), kijk ik dan niet in de spiegel want ja... wat doe je eraan? Ik zal straks eens rondkijken voor mijn petje want die vergeet ik iedere keer mee te nemen. Daarbij speelt dan ook nog de hooikoorts op en de uitkomst is dat ik me momenteel wat suf voel en zo nu en dan moet proesten. Desondanks ga ik er toch voor zitten om een berichtje te schrijven. Het is alweer drie weken geleden sinds dat ik 1991 heb gehad en dus ben ik wel klaar voor 1992. Ik zou originele 'content' kunnen toevoegen als ik een week geleden niet de boel heb weggegooid. Het is het jaar dat ik 'tot leven' kom. Ik ontdek het plezier van een vriendenclub, biertjes drinken en twee hobby's combineren tot een weekendbaantje. Het is tevens het jaar dat er weinig terecht komt van school en dat ik in december mijn schooltijd definitief achter me zal laten. Een dollemansrit waarvan het zaadje al in 1991 wordt geplant. Tijdens de praktijklessen op het KMBO mag de radio aan en mogen we zelf cassettebandjes meenemen. Zo neemt een klasgenote een bandje mee van een cd welke ze juist heeft aangeschaft: De nieuwste van een, voor ons, totaal onbekende Amerikaanse rockband welke vooral bekend is in VPRO-kringen. Ze krijgt van mijn een cassettebandje van negentig minuten en ik ontdek net het album als 'Smells Like Teen Spirit' op de Top 40 komt. Toch hoort dit het fotomodel van 1992 te zijn!

Een dag na de begrafenis van 'heit' bedank ik hem hier persoonlijk voor een aantal zaken waar ik nooit echt bij stil heb gestaan. Eentje daarvan is hoe hij groen licht heeft gegeven voor mijn baantje als muziekrecensent voor de plaatselijke krant. Moeder is niet enthousiast en 'we moeten het er maar met heit over hebben'. Als moeder niet enthousiast is, dan deelt vader vaak dezelfde mening. Vergeet het maar! En dan...? 'Goed idee, Gerrit. Je kan er alleen maar van leren'. De volgende dag zal er een concert zijn van een bluesmuzikant waar ik mijn zinnen op het gezet maar de voorspelling van ijzel in de nacht gooit roet in het eten. Ik moet natuurlijk éérst ook nog iets anders in mijn leven toelaten? Ik weet dat mijn vroegere klasgenoten en nog wat jeugd samen een 'dophok' hebben. Een soort van 'zuipkeet' maar dan in de vorm van een stenen gebouwtje naast een boerderij. Ik ben een paar jaar 'geheelonthouder' geweest, de grapjas die ik ben. Dat is voornamelijk op een leeftijd dat ik wettelijk gezien niet mag drinken, maar van mijn ouders mogen we met de kerst of soms op een zondag óók een wijntje bij het eten hebben. Ik weiger zelfs likeurbonbons. Terwijl ik enerzijds had gehoopt om mijn schrijversdebuut te maken, ga ik op deze zaterdagavond met een kameraad naar 'T Hokje. Mijn leven zal nooit meer hetzelfde zijn en al helemaal niet in 1992. Is er geen concert in Het Bolwerk? Dan hang ik die avond in 'T Hokje. Ruim een maand na mijn eerste stap binnen, word ik dronken. Tijdens de kater van de volgende dag besluit ik dat ik dit punt wil vermijden. Mooie woorden!

Intussen ga ik aan de slag bij het Sneeker Nieuwsblad als poprecensent. Aanvankelijk richt ik me puur op Het Bolwerk. Later komen daar andere zalen bij evenals cafeetjes en feesttenten. Vooral in de midden jaren negentig moet ik nog wel eens kiezen tussen een band in Het Bolwerk of een folkconcert. Bovendien mag ik concerten bezoeken in het gehele verspreidingsgebied van de krant en dat strekt van Oosterend tot aan Balk en van Nijland tot Terzool. Ja, ik gebruik de 'oude' Nederlandse plaatsnamen. Terzool is al jaren 'Tersoal' en bij Oosterend twijfel ik ook omdat 'Easterein' me erg bekend voor komt. Het is dus een flink gebied, dat wil ik alleen maar zeggen. In het begin is het nog een concert op vrijdag of zaterdag, op zondag op de typemachine en speciaal Sneeker Nieuwsblad-papier de recensie uit tikken en deze in een envelopje door de brievenbus doen op zondagmiddag. Op maandag staat deze dan afgedrukt in de krant. Per geplaatste recensie ontvang ik vijfentwintig gulden. In het begin red ik het nog wel met een geeltje: Garderobe, consumptiemuntjes en een snackje na afloop. Later in de loopbaan is het geld een doekje voor het bloeden. Dan kost een avondje uit vaak iets in de buurt van de vijftig of zestig gulden.

Intussen heb ik ook nog mijn school. Ik ben in september 1991 begonnen aan het KMBO maar ben buiten de taalvakken nog nauwelijks begonnen met de overige lesstof. Er zijn vier praktijkstages tijdens de twee jaar van het KMBO en omdat ik té ver achter loop met bepaalde vakken moet ik achter aansluiten in de rij. Mijn eerste stageplek is in januari en februari 1992 op de administratie van onze school. Vorige week vond ik de werkstukken en ook die van de eerste stage. Bij het onderdeel van de geschiedenis van de school zie ik de journalist terug. Inhoudelijk kom ik een stukje tegen over het kopiëren. Met een kopieerpasje en een kopieermachine. Hoe nostalgisch wil je het hebben? Nee, ik heb ze weggegooid. De tweede stage is in juni en is bij het waterschap. De eerste week heb ik het druk met enveloppen typen van de aanslagen, de tweede week is het druk met het aannemen van telefoontjes van mensen die het niet eens zijn met de aanslag en de andere vijf weken leer ik het roken. Onder het mom van 'het is stoer' biets ik wel eens een peukje van iemand in 'T Hokje. In april 1992 koop ik mijn eerste pakje Marlboro en doe daar twee maanden mee. Op het waterschap zit ik op een bepaald moment op een pakje in de week en dat is nog maar het begin. Daarna volgt een lange hete zomer, zoals ik het me herinner. In deze periode raak ik in de ban van een Friese feestband met de naam Wiegel's Wjukkelmasine (Wiegel's helikopter, een woordspelletje met Jefferson Airplane als uitgangspunt). Ik volg de band op een tournee, neem een interview af met één van de leden en zal de vakantie besluiten met een concert van de Wiegels in Scharnegoutum. Daar misdraag ik me op de dansvloer met een stel andere jongeren en ga daarbij over mijn enkel. Hierdoor wordt mijn schoolvakantie drie weken verlengd, alleen moet ik daarvoor wel met mijn been op een kussen op een stoel zitten.

Als ik terug kom op school blijkt dat er nieuwe leerlingen zijn ingestroomd. Eentje daarvan doet het laatste beetje enthousiasme voor school dalen tot min twee. We hebben in de derde en vierde klas van de LEAO bij elkaar in de klas gezeten en dat is niet goed bevallen. Ik lees ten tijde van de schoolreünie in 2011 dat zijn levensdoel is geworden om mensen gelukkig te maken. Hij heeft niet daarvoor geoefend bij mij. De komst van dit heerschap op school doet mijn loopbaan op school voorgoed de das om. Ik lig nog steeds stukken achter met de administratieve vakken terwijl ik bijna klaar ben met twee jaar Nederlands en Engels. Mijn derde stage zal de grote finale zijn. Ik zit op kantoor van een bedrijf in Lemmer dat zich heeft toegelegd in de funderingstechniek. Ik kan niet communiceren met de collega's/meerderen, het werk is gortdroog administratief werk en als er één plek ter wereld is waar mijn journalistieke ambities niet op prijs worden gesteld dan is het hier wel. Ik vertrek vrijwillig met een grote bek naar de baas en dat is mijn eerste 'wegloopavontuur'. De reis eindigt in Tuk en mijn ouders horen die avond op school hoe de vlag er écht bij hangt. De keuze is reuze! Of het journalistieke werk opgeven en maanden blokken om op schema te komen of van school gaan zonder diploma. Ik kies voor het laatste.

Terug naar de muziek dan maar? Sunrise ligt onder vuur in Sneek en zal in april 1992 de deuren sluiten. Daar tegenover zit de oude winkel van Twister, waar ik in 1989-90 de deur plat loop. Daar begint Klaas zijn jukebox-winkel en zal op een gegeven ogenblik intrek nemen in het oude Sunrise-pand. Dat is nu mijn voornaamste leverancier van platen. In 'T Hokje ontdek ik dat ik mijn leeftijdsgenoten een paar jaar in de ijskast heb gezet. De ergste plaaggeesten van weleer blijken me nu wel helemaal te accepteren. Binnen het vriendenclubje zijn een aantal die een band willen beginnen. Hoewel ik nog nooit van 'death metal' heb gehoord, heb ik er meteen oren naar. Net zoals ik uren met een gitaar op schoot kan zitten dromen, wil ik gewoon in een band zitten. Dan maakt het niet uit wat het repertoire of de stijl is. Desnoods een metalband. In oktober doen we ons eerste onofficiële optreden tijdens een playbackshow in het dorpshuis. Natuurlijk winnen de Smurfen!

Eenmaal van school 'moet er gewerkt worden' (in de woorden van mijn vader) en dus schrijf ik me in bij ieder uitzendbureau. Het is echter nog maar twee weken tot de kerst en dus zijn de vacatures op een laag pitje. In 1993 komt dat op gang en daarover zal ik de volgende keer schrijven.

donderdag 2 juni 2022

Het zilveren goud: juni 1997 deel I


Het is technisch gezien al de start van de derde juni als ik mijn eerste bericht van de maand nog moet publiceren, maar aan inspiratie kom ik op dit moment niet tekort. Het zal dus geen enkel probleem zijn om binnenkort dubbel te publiceren en weer op de rit te komen met Soul-xotica. Gisteren heb ik te lang en teveel nieuws gekeken waardoor het publiceren alsmaar wordt uitgesteld. Ook heb ik een plan voor vandaag dat toch eindelijk eens moest gebeuren. En...? Dat heb ik vanmiddag gedaan. Dat is het onder handen nemen van de tuin. Het gras is gemaaid, de laaghangende takken van de plataan verwijderd (bovenop volgt later) en de struiken aan de weg bij geknipt (ook daarvan komt een tweede deel). Nog net op tijd voor de tuinkeuring? We hebben dit weekend dorpsfeest in Uffelte maar ik zal er ditmaal weinig last van hebben. Tot een paar jaar geleden staat de tent naast mijn fietsenschuur, dit weekend staat hij helemaal aan de andere kant van het dorp. Ik kom waarschijnlijk alleen de optocht tegen als ik zaterdag naar het werk fiets. Nu ga ik beginnen met 'Het zilveren goud'. Dat hou ik ook deze maand in het midden van de week. Ik heb vier afleveringen over juni 1997 in de planning. De vijfde woensdag van deze maand trap ik alvast af met de eerste singles van juli. Want ja... juli en augustus worden dik gevulde afleveringen! In juni zijn het echter nog steeds zes singles per aflevering.

Aan inspiratie voor verhaaltjes ook geen gebrek. Afgelopen week herinner ik me opeens iets uit juni 1997 maar dat kan ook nog wel in een latere aflevering. Terwijl ik dit schrijf, schiet me iets anders te binnen. Dat is dan weer een herinnering van 22 juni 1997 en kan dus ook wel later. Bij de singles uit Leeuwarden weet ik eigenlijk niet meer of dat eind mei of begin juni is geweest. In de vorige aflevering heb ik nog aangehaald dat ik rond deze tijd even ben gestopt met het reli-shoppen. Ofwel: Doodleuk een 'vreemde' kerk binnen stappen om te kijken of het bij me past. Dat neemt niet weg dat ik tot over mijn oren in de godsdienst zit. Ik heb een paar maanden geleden nog gezocht op het internet maar niets meer kunnen vinden. De foto heb ik, geloof ik, ergens liggen. Het bericht zelf ben ik kwijt geraakt. Ik weet nu niet meer precies hoe het is gekomen want het kan via twee wegen tot stand zijn gekomen. De broer van Sneeker Nieuwsblad-collega Cees is journalist bij het Fries Dagblad. Daarnaast werkt hij als cabaretier en schrijft voor een religieus tijdschrift. Welk blad? Dat is me ontschoten, maar het interview is ten behoeve van dit laatste.

Mijn bekeringsverhaal is het onderwerp. Vanuit een kerkelijke omgeving 'helemaal op het verkeerde pad gekomen' en lid geweest van een deathmetalband met duivelse boodschappen. Nu is hij aangeraakt door de Here en wil zich muzikaal gaan inzetten voor zijn Koninkrijk. Dat is de strekking van het verhaal. Ruurd bezoekt me dan ook in de Popkelder en ik poseer met een elektrische gitaar op schoot. Zoals ik eerder al heb geschreven, begint en eindigt daar mijn muzikale inzet op de gitaar. Ik kan uren met zo'n instrument op schoot zitten zonder dat ik wil spelen. Ik oog op de foto alsof ik de volgende gospel-countryster in wording ben. Haar in een staartje, kleurig t-shirt aan van Het Pakhuis en de oranje broek. Of Ruurd nog actief is als journalist weet ik niet. Wel dat hij zich méér is gaan toeleggen op het christelijk cabaret en hij zichzelf aanbiedt met verschillende programma's.

Het is ook de tijd dat Muziekkrant Oor (dan nog nét een beetje relevant vlak voordat het een veredelde Hitkrant zonder posters zal worden) de laatste shockrock-sensatie op de voorplaat zet. Dat kost het blad enkele trouwe abonnees. Het gaat hem om het gezelschap Rockbitch. Op zichzelf ben ik best gecharmeerd van bands met een sterke visuele presentatie. Ik heb per slot van rekening tweemaal GWAR gezien en herinner me nog bijna alles van het concert van God Bullies. In 1997 ben ik echter in den Here en moet ik afkeurend staan tegenover de sm-show op het podium van Rockbitch. Het gezelschap treedt op een donderdagavond op in Zalen Schaaf in Leeuwarden. Ik weet dat een aantal mensen van de Youth For Christ in Leeuwarden gaat protesteren buiten de zaal en ik ben van plan om me aan te sluiten bij hen. Hoe dichter ik bij Leeuwarden en het centrum in de buurt kom, hoe onzekerder ik me voel. Heb ik een argument om concertbezoekers te overtuigen om niet naar binnen te gaan? Nee! In plaats daarvan spendeer ik de avond in de verschillende platenzaken. Dat resulteert onder andere in de volgende zes singles.

2795 Oh Oh What A Kiss - Will Andy (NL, CNR, 1966)
2796 EP What You're Doing - The Beatles (Spanje, Odeon, 1965)
2797 Thunder And Lightning - Chi Coltrane (NL, CBS, 1972)
2798 Evil Woman - Electric Light Orchestra (NL, Polydor, 1975)
2799 He's Gonna Step On You Again - John Kongos (NL, Ariola, 1971)
2800 Keep On Smiling - James Lloyd (NL, Ariola, 1970)

Bij The Beatles heb ik het eerste nummer op kant a genoemd. De EP heeft verder geen extra titel maar is in mei 1965 in Spanje uitgebracht. De overige nummers zijn 'I Don't Want To Spoil The Party', Everybody's Trying To Be My Baby' en 'Every Little Thing'. Chi Coltrane heeft in een grijs verleden in de Blauwe Bak gestaan. Ik vind de plaat de juiste 'groove' hebben voor de optredens die ik in deze tijd doe en kan dat nog altijd voorstellen als ik de plaat hoor. John Kongos heb ik dan pas ontdekt middels een cd en ik moet nog leren dat het in Engeland vooral bekend is geworden als 'Step On' van The Happy Mondays. Volgende week in ieder geval de rest van de singles van deze avond uit Leeuwarden.