vrijdag 8 oktober 2021

Singles round-up: oktober 2


Kan iemand Rob De Nijs weg sturen. Ik denk vanmiddag even dat het zomer wordt als ik me plotseling realiseer dat het oktober is en we de winter tegemoet gaan. Andermaal een voordeel dat ik twee dagen in de week werk want ik denk dat ik anders deze dag wel eens gemist zou kunnen hebben? De dag begint goed want er zit een single in mijn brievenbus. Deze ga ik straks in de derde 'Singles round-up' toevoegen omdat ik dan al een andere single op het Izipho Soul-label heb. Vanavond ga ik eerst verder met zes singles van Mark en de laatste uit deze bestelling bij Record Shack. Er staat verse koffie voor mijn neus, de eerste reep chocola is al bijna op en ik ga de apparatuur starten om de platen 'live' te beoordelen.

* Clyde McPhatter- Anyone Can Tell (UK, Go Ahead, 1970, re: 2013)
Gisteren heb ik de loftrompet gestoken voor de mensen van Record Shack en noem daarbij het voorbeeld van Time-Lag Records. Ik zou het ook bij soul kunnen houden en Go Ahead kunnen noemen. Dit label wordt in 2010 opgezet door de legendarische Northern Soul-dj Richard Searling. In een tijdsbestek van vijf jaar brengt het label vijftien platen uit. Allemaal heruitgaven of niet eerder in Engeland verschenen werk. Sinds 2015 hebben de heren andere zaken aan het hoofd, maar de website is nog altijd in de lucht. Deze van Clyde McPhatter is inmiddels uitverkocht. Ik zie wel een paar platen die inmiddels vijfentwintig of veertig pond moeten kosten. Volgens mij heb ik die van veertig nog vrij recent voor de 'oude' prijs gezien op Discogs. Een beetje bizar. Deze van Clyde McPhatter heb ik indertijd gemist, maar ik betwijfel of deze me in 2013 of 2014 in vuur en vlam had gezet. Het zijn twee prijsnummers van een elpee uit 1970  Dat herinnert me eraan dat ik nog eens een ander plaatje van Clyde in een betere staat moet kopen. Dit zijn nummers van dezelfde elpee, 'Welcome Home', waar ook 'I'll Belong To You' op staat. 'Anyone Can Tell' is crossover-perfectie en de keerzijde heeft iets meer een jaren zeventig-Motown-feel. De laatste is wellicht het meest geschikt voor een Modern Soul-dansvloer hoewel ik de voorkeur geef aan 'Anyone Can Tell'.

* Mike & Bill- Things Won't Be This Bad Always (UK, Arista, 1976)
Het is jammer dat ik de titel niet meer kan herinneren. In de weken dat ik in York woon, ga ik regelmatig naar de bibliotheek om te lezen. Ik vind daar een boek met een ultieme mix van muziekgeschiedenis en droge humor. In het boek worden enkele mythes ontkracht, stellen de schrijvers een lijst op met de tien grootste miskleunen van Bob Dylan en is ook hoofdstuk gewijd aan 'Do's en dont's'. Een 'don't' is een contract tekenen bij Arista mits je als artiest aan het einde van een creatieve loopbaan bent en alleen nog platen willen verkopen vanwege je naam. Arista is voor enkele grootheden een (voorlopig) eindstation. Denk aan The Kinks en Aretha Franklin. Ik moet de eerste soulliefhebber nog tegen komen die enthousiast raakt van Whitney Houston. Toch kom ik zo heel nu en dan nog eens een leuk plaatje tegen op het Arista-label hoewel ik toch steeds weer aan dat boek moet denken. Hier hebben we het duo van Mike Felder en Bill Daniels, hoewel de heren alleen de voornamen gebruiken. Het is lekker feestelijke disco met een zeer aanstekelijk refrein. Echt een 'feelgood'-plaatje dat desondanks niet de wereld hoeft te kosten. De belofte van een Engelse persing trekt me verder over de streep.

* Billy Paul- Lately (UK, Total Experience, 1985)
Hoewel 'Thanks For Saving My Life' een paar jaar geleden Week Spot is geweest, ga ik al lang niet meer af op een plaat van Billy Paul. Totdat ik deze jaren tachtig-single zie van de beste man. 'Lately' is een prachtige ballade en opnieuw spotgoedkoop met het fotohoesje. Of ben ik toch wakker geschud door de b-kant? Ik kan me namelijk niet voorstellen dat 'Lately' voor een dergelijke reactie heeft gezorgd. 'I Search No More' is inderdaad meer het spul dat ik ben gewend. Een veelvoud aan synthesizers voor de beukende disco-beat en net een paar gimmicks teveel, maar ook een veel fijner refrein dan 'Lately'. Goedkoop, Engelse persing, fotohoes, jaren tachtig. Dat zijn de steekwoorden die het momenteel doen voor mij.

* Peaches & Herb- I'm A Hurting Inside (Barbados, Mercury, 1972)
De Barbados-collectie ligt al een tijdje stil, gewoon omdat ik ze té weinig tegenkom. Dan tref ik bijvoorbeeld deze van Peaches & Herb en is alles weer goed. Dit plaatje is vast een grote hit geweest op het eiland of op zijn minst in de dansclubs. Ik denk toch dat ik als eerste door de knieën ben gegaan voor 'Keep It Coming'. Dat is méér 'feelgood'-werk van Herb en één van zijn Peaches. Hoewel? Het is, al ik me goed herinner, nog de originele Peaches op de plaat, maar qua Peaches voor de optredens heeft hij al een paar versleten. Iets minder geschikt om te schuifelen maar 'Keep It Coming' is dé favoriete kant voor in de Blauwe Bak.

* N.F. Porter- Keep On Keepin' On (US, Lizard, 1971)
Op 45cat wordt een waarde genoemd van 53 euro. Een NM-exemplaar zou in 2019 45 pond hebben opgebracht. Gelukkig is deze een stuk voordeliger, maar ja... het is wel een veel gezochte favoriet in de Northern Soul. N.F. Porter is niemand minder dan Nolan Porter. Ik heb onlangs een andere single van hem gekocht bij Mark welke is toegeschreven aan Nolan. Porter is getrouwd met de zus van Frank Zappa en het gerucht gaat dat enkele leden uit Mothers Of Invention mee spelen op de platen van Porter. Als we het buiten de Northern Soul bekijken is het een gemeen doordenderende mix van blues en funk. In eerste instantie niet succesvol maar een jaar later een tweede geboorte in de Engelse Northern Soul-scene. De b-kant is ook te omschrijven als experimentele bluesrock maar beduidend minder interessant dan 'Keep On Keepin' On'.

* Clarence Reid- That's How It Is (US, Alston, 1970)
De b-kant van 'Chicken Hawk'. Hoewel Florida niet bepaald tot het zuiden gerekend kan worden, komt deze kant over bij mij als 'Southern Soul'. Muzikaal doet het me denken aan een andere plaat maar kan me op dit moment niet bedenken welke. Als het refrein losbarst is alles weer vergeten want oef... wat is dit een lekker nummer! Veruit het beste dat ik tot nu toe van Reid heb gehoord. 'Chicken Hawk' heeft wel een lekkere groove, maar verder is dit vooral een 'novelty'. Echter beduidend onschuldiger dan de platen die hij later als Blowfly zal maken.

* Charlie Roberson- Let Me Do Something For You (US, A&E Enterprsies, 1984)
Met name in de jaren tachtig zit de blues gemeen dicht in de buurt van de soul. Het is omdat deze Charlie Roberson qua zang de blues-structuur lijkt te willen verlaten en de toevoeging van blazers maken eveneens een soul-plaat. Verder is dit vooral een volgende stap in de evolutie van de blues. Er zit waarschijnlijk net iets teveel solerende elektrische gitaar in het nummer voor veel soul-liefhebbers, maar ik lik mijn vingers af bij deze performance van Roberson. Het klinkt namelijk heerlijk 'lo-fi' hoewel ik het wel meer belabberd heb gehoord. Op de b-kant staat een nummer van Al 'TNT' Braggs en dat is je reinste blues. Roberson volgt meer het patroon van de blues en dat is voor mij niet echt interessant.

donderdag 7 oktober 2021

Singles round-up: oktober 1


Eigenlijk heb ik er wel belang bij om de Blauwe Bak-singles te behandelen voor het weekend. 'Het zilveren goud' stel ik daarvoor uit tot het weekend. Gedurende het weekeinde moest ik immers ook over iets anders schrijven dan wéér een stoet van de 'Singles round-up'. Volgende week kan ik weer aan de bak met vijf afleveringen over de singles die ik gisteren in Meppel heb gekocht en verwacht ik nog een pakketje van zes singles. Ik heb vanmiddag de ipod opgehaald van het postkantoor en wellicht had ik beter eerst informatie kunnen inwinnen. Niets mis met het apparaat, alleen zijn de computers té modern geworden en wil ik juist om iTunes heen kunnen. Dat moet wel mogelijk zijn, maar daarvoor moet ik een paar avonden gaan zitten. Intussen nog maar een nieuwe 'normale' mp3-speler besteld om me de komende weken en maanden te kunnen redden. Ik heb voor de 'Singles round-up' de singles van Record Shack toegevoegd aan het pakket van Mark en dat levert meteen twee RS-platen op in deze eerste aflevering. Morgen een dubbele aflevering en dan ben ik eerst klaar met de Blauwe Bak. Het andere pakketje (met zes singles) zal vermoedelijk volgende week arriveren.

* Con Funk Shun- Mr. Tambourine Man (US, Fretone, 1974)
Ik heb een paar platen van Con-Funk-Shun op het Mercury-label die ik wel aardig vind. Mark adverteert de single met de b-kant maar ik ga pas overstag als ik zie dat de a-kant een cover is van het Bob Dylan-nummer. Wat kan je verwachten? De versie van The Byrds? Nee, dit is echt iets heel anders geworden. Een lekker funky feestje. De andere kant is een beetje hetzelfde als 'Mr. Tambourine Man' en zo mogelijk nóg feestelijker, hoewel het instrumentaal blijft. Nee, her is waarschijnlijker dat Mark hem met 'Tambourine' heeft geadverteerd, maar de andere kant is niks minder!

* The Darling Dears- I Don't Think I'll Ever Love Another (US, Cultures Of Soul, 1972, re: 2012)
Record Shack heeft een immens pakhuis en komt soms een doosje singles tegen. Een doosje met singles die al lang zijn uitverkocht. Zo is ook het geval met Almeta Lattimore en deze plaat had ik bijna gemist. Ik kijk even bij een paar andere labels en zie dan deze staan bij het aanbod van Cultures Of Soul. Dit is uit een serie zéér obscure funk, maar The Darling Dears bevalt me meteen helemaal. De mijne is overigens het laatste 'nieuwe' exemplaar bij Record Shack. Er zit een klein tikje in het vinyl, maar dat past wel bij de gruizige opname. Dit is 'Deep Funk' van de bovenste plank. Ik heb de plaat al twintig keer gedraaid sinds gisteren. Alles klopt aan dit nummer. Een leidende stem die me blijft boeien en fraaie harmoniezang op de juiste momenten en een drummer die helemaal zijn dag heeft. Grote kans dat dit binnenkort nog eens de Week Spot wordt. Hopelijk is nog enige informatie te vinden over dit merkwaardige plaatje.

* The Dukes- Mystery Girl (UK, WEA, 1981)
De jaren tachtig heeft sindskort mijn interesse en het is alleen maar een bonus als het dan ook nog een stevige Engelse persing is. 'Mystery Girl' is een plaatje dat nog even moet groeien, maar het was niet duur en dan gun ik het de tijd. Het is op dit moment niet de meest essentiële single uit de Blauwe Bak, maar ik heb goede hoop dat het wel goed gaat komen met de plaat. De b-kant is iets meer 'poppy' en voor de Blauwe Bak hou ik het dus bij 'Mystery Girl'.

* James Gadson- Got To Find My Baby (US, Cream, 1972)
Ik noteer weer de titels waarvoor ik de plaat aanvankelijk heb gereserveerd bij Mark. Aan de nummers op het label is te zien dat dit de b-kant moet zijn. Hoewel het Cream-label is gelieerd aan Willie Mitchell en zijn Hi-label klinkt dit niet als een typisch Hi-product. Wel een fraai arrangement, maar minder glad dan het gebruikelijke spul. Let wel: Sommige platen heb ik al zo vroeg als in mei of juni gereserveerd en het is vanavond dat ik ze voor het eerst weer hoor. Een aantal moet nog 'groeien' en dat geldt ook voor James Gadson. 'Let The Feeling Belong' klinkt zelfs sterker dan 'Find'. Ik denk dat ik deze kant ga uitzoeken als a-kant want dit voelt meteen goed aan.

* Almeta Lattimore- These Memories (Oostenrijk, Record Shack, 1975, re: 2013)
Het zijn goudeerlijke mensen daar bij Record Shack. Ik heb eens gehoord over het Time-Lag-label. Dat doet héle kleine oplages van folk- en avant gade-elpees van een bedroevende vinylkwaliteit. Omdat de platen binnen een uur zijn uitverkocht, doen ze daarna idiote prijzen op Ebay. Het schijnt dat het label steevast een doosje 'vergeet' en deze een paar maanden later voor 'big money' verkoopt. Daar doet Record Shack niet aan. Ze menen lange tijd dat deze single van Almeta Lattimore is uitverkocht, maar dan komen ze opeens een doosje tegen en biedt het voor de gewone prijs aan. Er zijn zelfs nog demo's van de plaat, maar ik ga voor de reguliere mét fotohoes. Almeta zit tot 1973 in het koortje van Aretha Franklin en, naar het schijnt, investeert Aretha in de eerste opnames van Almeta. In 1975 lukt het haar toch een contract te krijgen bij het Mainstream-label en dat levert 'These Memories' op. Volgens de kenners één van de allermooiste soul-platen uit de jaren zeventig en, ja, het loopt over van de klasse. Originelen zijn niet te betalen en dus is deze heruitgave zeer welkom. 'Memories' is echter wel in een alternatieve mix, maar dat mag de pret niet drukken.

* LeVert- Casanova (UK, Atlantic, 1987)
Dit is ook in ons land een hitje geweest, maar desondanks is het niet in mijn hoofd blijven hangen. Ik weet niet wat ik moet verwachten als ik zie dat Mark een Engelse persing in de aanbieding heeft. Vooruit... dan wil ik wel overstag gaan. Het is een niet bijster opvallende club-plaat uit de jaren tachtig. Het heeft in Engeland in de top tien gestaan en dan is het best opmerkelijk dat Mark het aanbiedt. De prijs is goed en hee... het is een Engelse persing! Het past mooi bij de andere jaren tachtig-platen in de Blauwe Bak en dus 'mag' deze helemaal voor mij.

* Skip Mahoaney & The Casuals- Bless My Soul (UK, Contempo, 1976)
Ik heb nu drie platen van Skip. Eentje als Skip Mahoney ('Janice'), eentje als Skip McHoney en nu deze als Skip Mahoaney. Het is alle drie keren dezelfde Skip en ik vermoed dat de Engelsen gewoon een spelfout hebben gemaakt. Terwijl 'Janice' een disco-stamper van de bovenste plank is, doet Skip vooral het meer meeslepende werk en daarvan is 'Bless My Soul' een prachtig voorbeeld. Ik vind hem zelfs beter dan de D.C. International-single die ik van hem heb. De coupletten zijn in ballade-stijl, maar het krijgt een aardige versnelling als het refrein aanbreekt. En het werkt!

woensdag 6 oktober 2021

Week Spot: Jaibi


Een klein beetje een verandering van plan. Tot mijn grote verrassing is vandaag het pakket van Mark gearriveerd. Gewoon in de brievenbus en niks geen kosten in rekening. Verder zijn ook drie singles van Record Shack binnengekomen en wacht nu nog één pakket op het postkantoor. Dat kan wel eens een andere Engelse order zijn? Ik heb tot vanmiddag 'Let Me Love You' van Kenyatta in gedachten omdat het Epsilon-label mooi midden in de show van zaterdag valt. Met extra labels en titels toegevoegd, valt dit een stuk later uit en kijk ik opnieuw naar de lijst. Ik ben een paar weken geleden al van plan om de laatste aanwinst van Jaibi tot Week Spot te maken, maar ja... ik heb in april of mei al 'You Got Me' als Week Spot gehad en daarbij alles opgeschreven wat ik ben tegengekomen over de artiest. Ze valt echter wel midden in de show van zaterdag en dus wordt dit een heel kort bericht. Vanaf morgen kan ik aan de bak met de 'Singles round-up' want buiten de soul-platen om heb ik vanmiddag ook nog vijfendertig in Meppel gekocht. Dit omdat ik de Engelse zendingen pas volgende week had verwacht. De Week Spot van deze week is één van Dave Godin's ultieme favorieten: 'It Was Like A Nightmare' van Jaibi. Het is opgenomen in 1967 maar pas in de nieuwe eeuw op single uitgebracht. Zie voor het bericht over Jaibi bij 28 april van dit jaar en roep nog maar eens 'hoera'.

dinsdag 5 oktober 2021

Verzameldraaien: Jaren 60 bak 16


De keuze voor de Week Spot is inmiddels al gemaakt en dat moest maar een plaat worden welke op een label is uitgebracht dat met een 'E' begint. Dan valt het mooi halverwege de show van zaterdag. Ik vermoed dat het bericht over de Week Spot pas morgen gaat worden want ik lig nog altijd een bericht achter op schema. Ik heb zondagmiddag even het plan om een tweede 'Verzameldraaien' te doen met de jaren zestig-bak van afgelopen zondag. Ik tel de nummers alvast uit en doe dit maandag opnieuw. Tot mijn stomme verbazing heeft het twee verschillende uitkomsten. Als ik nog eens opnieuw wil tellen, ontdek ik het euvel. De 'new additions', de nieuwe aanwinsten in de verzameling, zijn op zondagmiddag nog niet toegevoegd en onder andere 'I'll Never Find Another You' van The Seekers maakt meteen al een groot verschil in de bak. Ik hou echter de bak aan mét de nieuwe aanwinsten en zoek daar de nummer 16, 33, 45 en 78 van uit. Eentje van dit kwartet moest een extra verhaaltje krijgen. Het lijkt er echter op alsof het vandaag een min of meer 'algemeen' verhaaltje gaat worden.

16: Take It Or Leave It - The Searchers (NL, Pye, 1966)
33: Witch Doctor - David Seville (NL, London, 1958)
45: Sammy - Ramses Shaffy (NL, Philips, 1966)
78: Your Husband, My Wife - Sherry & Skip (US, Plantation, 1969)

We hebben vandaag de zestiende jaren zestig-bak te gast. De laatste plaat in de bak is vorige week ter sprake gekomen bij de eerste 'Verzameldraaien'. De bakken splijten namelijk de discografie van Sir Henry & His Butlers in tweeën. De zeventiende begint met de Duitse Metronome-persing van 'Camp' terwijl de Nederlandse Columbia en een oudere Artone-single van Sir Henry in deze zestiende staan. De bak begint al even exotisch: 'Die Beschwipste Hit-Parade' van Der Schräge Otto. Een EP uit 1964 met twee medleys van grote hits uit dat jaar. 'My Boy Lollipop' en 'Shake Hands' zijn daarvan het meest 'pop' en de rest zijn vooral schlagers die het niet voorbij de landsgrenzen hebben gemaakt. Maar... de hamvraag is: Welke plaat krijgt een apart berichtje? The Searchers heeft een paar jaar geleden aandacht gekregen in 'Raddraaien'. Daar ontdek ik dat 'Take It Or Leave It' nimmer een grote hit is geweest in Engeland. Voor de rest vind ik het niet bijster interessant om te schrijven over David Seville. Eigenlijk evenmin over Ramses Shaffy, maar bij Sherry & Skip ben ik nog sneller klaar. Ik heb de plaat nooit gedraaid en ben dat ook niet van plan. Plantation is het country-label van SSS International en dit is het enige plaatje van het duo Sherry & Skip. Dan blijft uiteindelijk alleen Ramses Shaffy over...

Het voert terug naar de afleveringen van 'Het zilveren goud' van één en twee jaar geleden. Ik werk in 1994-95 een jaar lang op de vuilstort van de gemeente. Feitelijk komt het erop neer dat ik de mensen moet vertellen wat ze waar in de container moeten gooien. Het wegen en afrekenen gebeurt op kantoor en heb ik niets mee van doen. Ik bespaar de machines in het latere proces eveneens door dingen 'klein' te maken. Niet dat het moet maar ik kan wel heerlijk mijn frustratie botvieren op de 'rommel'. Achterop het terrein staat ook een keet welke betere tijden heeft gekend. Ik ga het ding gebruiken als rariteitenkabinet met allerhande spullen die ik vind op de vuilstort. De zeldzaamste platen die ooit ben tegengekomen op het stort? Die neem ik zelf op een maandagmorgen mee samen met het fototoestel. Ik hou in zekere zin van de 'vergankelijkheid der materialen' en schiet een paar foto's van redelijk gewilde platen in de omgeving van een container. De realiteit is echter dat ik erg weinig platen vind in dit jaar.

Ik wil een kastje kleiner maken als een paar singles eruit rollen. 'Ivanhoe' van Co Hagendoorn is daar eentje van. Een paar weken later vind ik wel een hele mooie partij. Ze brengen bijna een complete inboedel maar 'de platen willen ze voor geen goud kwijt'. Daar heeft vrouwlief anders over gedacht want ik vind een prachtig stapeltje jaren zestig-singles, veelal met fotohoes. Mijn baas verbiedt me bijna om de dag na Hemelvaart langs te komen op het stort. Helaas, ik onderschep de platen. Veel oude Stones-elpees en 'Them Again' van Them. De vuilnismannen redden ook nog eens een doos met platen en daar zitten enkele hele leuke folk-titels tussen maar ook 'Songs Of Love And Hate' van Leonard Cohen. 'The Coaldust Ballads' van The Ian Campbell Folk Group is één van de aardigste platen. Het is pas jaren later dat ik leer dat Ian de vader is van Ali en Robin Campbell van UB40. Dan is er nog een zeer gezellige man die zeer geregeld langs komt met eigenlijk ook een complete inboedel.

'Nee, je zal geen platen tegenkomen. Daarvoor zijn we té zuinig op de platen', laat hij desgevraagd weten. Omdat hij vaak terug komt, begint hem op te vallen dat ik cassettebandjes draai met hoorbaar oude singles. 'Ik neem ze wel eens voor je mee. Ze zijn niet voor het stort, maar jij mag ze hebben'. Dan komt hij langs met het koffertje. Het bevat een 78-toeren-plaat, een hoop EP's en een single. De eerste is 'Love Letters In The Sand' van Pat Boone in de originele Nederlandse uitdossing. Op 78 toeren! In Nederland komt de platenhandel pas in 1955 op gang als de vinylsingle zijn entree heeft gemaakt. 78 toeren uit de late jaren vijftig zie je niet vaak. Overigens het tegenovergestelde van Engeland waar 78 toeren tot en met 1958 het favoriete formaat is gebleven. Alleen bakeliet uit 1959-60 is een bom geld waard in Engeland en de 'custom' persingen van na 1960. Het spijt me nog altijd dat ik de 78 toeren-plaat uit 1961 nooit heb kunnen redden. De enige single of EP die het dichtst in de buurt komt van popmuziek is dan wel 'Sammy' van Ramses Shaffy. Ik hoop dat ik niet teveel mensen voor het hoofd ga stoten, maar ik heb altijd meer fascinatie gevoeld voor de persoon van Ramses dan voor zijn muziek en kleinkunst. 'Laat Me' heb ik in de midden jaren negentig nog wel eens als lijflied gehad totdat dit nummer in de nieuwe eeuw ontzettend 'mainstream' wordt. De overige EP's zijn 'verloren' geraakt in de verzameling. Ik zal vast nog een paar hebben, maar kan me nu niet meer herinneren hoe ik er ooit aan ben gekomen. Pat Boone woont al jaren samen met 'De Kleine Man' van Louis Davids, de originele eerste persing uit de jaren twintig. De Numark PT01 staat al jaren werkloos in de slaapkamer en hiermee heb ik dan ook niet meer de mogelijkheid om 78 toeren-platen te draaien.

Hier en nu: Meggie Lennon


Op Soul-xotica ben ik er dol op om naar het verleden te kijken. Vaak aan de hand van singles of persoonlijke herinneringen maar zo nu en dan kijk ik ook naar heden voor wat betreft de muziek. 'Hier en nu' is een zeer onregelmatige rubriek gebleken. Soms gaat er drie maanden voorbij zonder een aflevering, nu is het opeens het tweede bericht in zes weken tijd. Voorwaarde is dat ik, als deze voor handen is, negentig procent van het album moet kunnen waarderen. Bij Meggie Lennon is dat nog niet gebeurd. Het is echter één van de eerste albums welke op de 'nieuwe' iPod mag plaatsnemen. Aan de hand van dit ene nummer kan ik namelijk wel bepalen of het een liefde is voor langer of niet. Het eerste dat meteen opvalt is de achternaam. Nu is Lennon een vrij normale naam, maar vaak al wel geassocieerd met de ex-Beatle. Julian en Sean Lennon krijgen een bak met mest over zich heen als zij gewoon hun achternaam blijven gebruiken. Tot zover ik kan nagaan heeft Meggie helemaal niets met John te maken, maar de naam valt wel op. Tot mijn grote verrassing zie ik dat ze op haar debuutalbum een nummer heeft staan met een titel die door John is gebruikt. Ik ga even luisteren en val binnen twintig seconden als een blok voor het nummer. Dat is de aanleiding tot deze 'Hier en nu'. Mocht ik ooit wel weer willen beginnen met de 'Eretitel' dan komt deze ook nog eens voorbij. Ik heb hem vandaag behandeld in 'Listen Carefully'.

Meggie is niet helemaal nieuw in de business. Ze werkt enige jaren als de leadzangeres van Abrdeen, een rockband welke enige stof doet opwaaien in met name thuisland Canada. Feit dat ik van de groep heb gehoord, zegt wel iets, want ik zit niet dagelijks te spitten in literatuur over de Canadese popmuziek. Als soliste wil ze het over een andere boeg gooien. De critici die het album hebben beluisterd of haar hebben zien optreden, struikelen over elkaar met hippe namen en exotische omschrijvingen. Dat laatste vloekt een beetje met de missie die Lennon op zich heeft genomen. Ze zoekt zelf juist voortdurend naar authenticiteit in de muziek en een bepaalde vorm van eenvoud. We hebben gemeen dat ook zij radio maakt en eigenlijk een hekel heeft aan commerciële radio. Eigenlijk hoef je slechts twee woorden aan elkaar te verbinden, maar het probleem is dat deze sticker al op heel veel muziek wordt geplakt en iedere criticus wil graag aan de wieg staan van een nieuw subgenre. Ik hou het echter gewoon bij 'dream pop' en dat is een term die geregeld voorbij komt in 'Hier en nu'.

Fantasierijke teksten, een instrumentkeuze welke apart is en tegelijk een 'gewone' pop-beat welke je voeten aan de aarde houdt. 'Dream pop' is als de eerste paar minuten nadat je wakker bent geworden. Als je dan je ogen sluit, breidt je de nacht vaak ongewild uit en kom je in conflict met de dagelijkse beslommeringen. Helemaal bij de les zijn, lukt vaak ook niet meteen. Je loopt naar de badkamer en...? Je zit in de atmosfeer van de dream pop. Zonder de dromerige vocalen of geluidjes zou het oorverdovende pop kunnen worden waar je op dat moment niet op zit te wachten, zonder de beat wordt de nachtrust verder uitgebreid met alle gevolgen van dien. Ik heb de rest van het album nog niet beluisterd want ik kom steeds terug bij dat ene nummer: 'Mind Games'. Ik vermoed eerst nog dat het een cover is, maar nee... het is een hele andere 'Mind Games' dan die van John Lennon. Overigens ook weer een andere dan die van Billy Ocean. Niet dat de laatste écht bekend is, maar het maakt vandaag de 'Listen Carefully' wel compleet.

Ik haal een deel van haar informatie vanaf haar Bandcamp-pagina en zie dat ze nog een paar laatste exemplaren van de vinyl-versie heeft van 'Sounds From Your Lips'. Een behoorlijk exclusieve aangelegenheid want er zijn slechts honderd van geperst. Hoewel de prijs niet verkeerd lijkt, bedank ik toch voor de eer. Ik hou het wel bij de digitale versie. Ik zie daar ook dat 'Mind Games' vorig jaar zomer reeds als single is uitgebracht. Het album is echter vrij recent en bevat 'Mind Games', dus dat is de aanleiding om het een 'nieuwe' plaat te noemen. Als alles goed gaat, bezorgt de postbode donderdag mijn nieuwe muziekapparaatje en kan ik het album meteen toevoegen om kennis te maken met de wereld van Meggie Lennon. Als 'Mind Games' een voorbode is, heb ik daar alle vertrouwen in!

maandag 4 oktober 2021

Blauwe Bak Veteranen deel 74


Maandag 4 oktober 2021 is een historische dag geworden. Ik zit rond een uurtje of zes of Facebook als ik opeens de melding krijg dat ik offline ben. Beetje raar, want Google en andere websites werkt wel gewoon. Na een reboot kijk ik even bij de NOS en zie dan dat Facebook, Instagram en Whatsapp een wereldwijde storing hebben. Inmiddels is het weer terug, maar de 'paniek' was her en der merkbaar op het internet. Vanmiddag wil ik de radioshow van zaterdag toevoegen aan mijn 'good old' mp3-speler welke bijna tien jaar oud is. Dan blijkt dat de usb-connector de geest heeft gegeven en daardoor ben ik genoodzaakt om tot het einde der tijden te genieten van de huidige shows die op de speler staan. Een paar maanden geleden heb ik al een neiging hiertoe, maar vanmiddag heb ik de daad bij het woord gevoegd: Ik heb een iPod besteld. Natuurlijk een 'classic' en niet zo'n ding met een touchscreen. Het ding heeft een capaciteit van 30 GB en het is al langer het plan om een paar favoriete albums toe te voegen. Daar is de oude net een beetje té klein voor. Met deze stap voorwaarts in de technologie raakt Facebook meteen helemaal van slag. Of... dat probeer ik te geloven. Ik trap vandaag eerst af met een volgende aflevering van de Blauwe Bak Veteranen en eentje welke ik om gekke redenen een tijdje heb uitgesteld...

Bij de Blauwe Bak Veteranen kijk ik behalve naar de singles ook een beetje naar de tijd waarin ik de platen heb gekocht. Natuurlijk staat 2017 in de schaduw van 2016. Dat kan niet anders. Ik heb eigenlijk niet direct een herinnering aan deze tijd en zo ga ik vanmiddag eens door de berichten op Soul-xotica. En wat blijkt? Het is eigenlijk best wel een prettige tijd geweest en allerminst een straf om hier naar te kijken en over te schrijven. De zestien singles uit de aflevering van vandaag zijn van 8 augustus tot en met 11 oktober in 2017. Dat is dus inclusief de vakantie. Het jaar ervoor breng ik eerst de ligfiets naar Sleen en ga dan met de bus en trein terug naar Uffelte om dezelfde dag nog met tent en tassen naar de camping te gaan. Hoewel ik dit procedé in 2018 zal herhalen, heb ik in 2017 behoefte aan meer rust. Het wordt ook de langste vakantie in Sleen want ik vertrek al op woensdag en kom pas de dinsdag weer thuis. Ik huur ter plekke de fiets van de camping en maak de donderdag een rondje over Coevorden en Emmen. Vrijdag ga ik andermaal naar Grolloo naar het Cuby + Blizzards-museum. Zaterdag heb ik een soort van rustdag en zondag doe ik de 'Op Fietse'-route naar het liedje van Skik. Maandag is het broeierig warm en worden niet heel veel kilometers gemaakt. Daags na de vakantie heb ik ontzettende last van de kuiten, maar het is wel een ontspannen vakantie geweest.

Eenmaal thuis kruip ik meteen weer op de Pioneer. Zowel voor woon-werkverkeer als de gebruikelijke zondagmiddagen, hoewel ik in deze periode niet echt gedenkwaardige tochten heb gefietst. Wel gaat de Pioneer in september over de tienduizend kilometer. Ik heb de fiets dan nog net geen anderhalf jaar in mijn bezit! Ik heb 2017 'ondeugend' genoemd in het laatste bericht van dat jaar. Soms moet ik op een houtje bijten gedurende dat jaar, maar in het najaar begint de lucht een beetje te klaren. Ook al heb ik, bijvoorbeeld, nog niet het geld om een nieuwe winterjas te kopen. Dat brengt me op United Wardrobe en tegenwoordig Vinted. Het zijn mijn favoriete 'kledingwinkels' geworden. En ach... Wie heeft geld nodig als je een ligfiets hebt en het zonnetje schijnt? In deze aflevering komen we ook langs de kringloopwinkel van Meppel. Dat is een 'bijzondere' dag. Ik loop eerst post in Steenwijk en besluit dan bij een kringloopwinkel in Steenwijk te kijken waar ik nog niet eerder ben geweest. Ik koop wel een paar platen (waaronder 'Harmony' van Ray Conniff) maar verder is het niet veel soeps. Ik besluit even door te fietsen naar Meppel en bij de kringloop hebben ze net weer de collectie singles aangevuld. Dat levert een flinke tas platen op waaronder twee voor de Blauwe Bak. Dat is een zaterdag om in te lijsten!

978. Please Stay - The Ivories (UK, Wand, 1967, re: 2017)
979. A Lover's Concerto - Mrs. Miller (US, Capitol, 1965)
980. Show And Tell - Al Wilson (Canada, Bell, 1973)
981. Now That We Found Love - The O'Jays (NL, Philadelphia, 1974)
982. My Thing - Sylvia (België, London, 1973)

The Ivories is een bootleg. Ik zie nu dat Outta Sight een jaar later de single legaal heeft uitgebracht met bovendien de originele b-kant. Als ik dat van tevoren had geweten? Eigenlijk is de kant met The Masqueraders de a-kant, maar ik heb de single voor The Ivories gekocht. Deze reken ik af op 8 augustus 2017. Dezelfde dag bestel ik op Discogs  bij een Deense handelaar de volgende twee singles. Mrs. Miller is dan al een cult-legende geworden bij Wolfman Radio met dank aan mijn Schotse maat. 'A Lover's Concerto' is wel een leuke 'novelty' voor in de reserve-Blauwe Bak. Ook biedt hij deze brandschone Al Wilson aan. De meeste exemplaren van deze single zijn flink versleten. In eerste instantie 'slaapt' de single een beetje in de Blauwe Bak totdat ik de Top 100 ga samenstellen en de plaat bijna op nummer 1 komt. The O'Jays en Sylvia heb ik op de beschreven zaterdag gekocht. Het is 23 september 2017. Vreemd als het is, maar ik weet dan niet dat The O'Jays het origineel doen van het nummer van Third World. 'Pillow Talk' is op zichzelf best een grappig nummer, maar ik geef al snel de voorkeur aan de b-kant: 'My Thing'. Mrs. Miller staat in de reserve-Blauwe Bak en The O'Jays is pas weer verhuisd naar de koffers.

983. Love Me - Ad Libs (US, Capitol, 1971)
984. When It's Love - Direct Current (US, TEC, 1979)
985. If You Don't Cheat On Me - R.B. Hudmon (US, Atlantic, 1974)
986. This World Of Mine - Jay & The Techniques (US, Silver Blue, 1974)
987. That's What I Get - J., J. & G. (US, Atlantic, 1972)
988. You Ought To Be Here With Me - Little Milton (US, Golden Ear, 1980)

Ook in 2017 is het weer eens de hoogste tijd om af te rekenen bij Mark. Dat doe ik op 11 oktober en bovenstaande vijf en de volgende vier zijn hiervan het resultaat. Van Direct Current is de b-kant ernstig uit het lood en deze zou ik nog wel eens beter willen hebben. De b-kant is namelijk de uitgebreide versie van 'When It's Love' en met drieëneenhalve minuut is mijn honger nog niet gestild. Jay & The Techniques doet op de a-kant een matig interessante versie van 'I Feel Love Comin' On', het liedje van Felice Taylor. De b-kant heeft iets van een Vietnam-disc en is dan ook mijn favoriet van de twee. J., J. & G. is croosover-soul van de bovenste plank en zou eigenlijk een stuk duurder moeten zijn geweest. De plaat is echter vrij algemeen verkrijgbaar, maar een 'builder' als deze vindt je niet snel een tweede keer. Alle zes singles staan gewoon in de koffers.

989. If You Can Feel - The Metros (US, 1 2 3, 1969)
990. Chalk It Up To Experience - The Temprees (US, WeProduce, 1973)
991. Can't Help But Love You - The Whispers (US, Janus, 1972)
992. A Feeling For Someone Else Has Grown - Bette Williams (US, Gregar, 1971)
993. Are We Losin' Touch - Nancy Wilson (US, Capitol, 1973)

Alleen de laatste staat in de reserve-Blauwe Bak en de rest in de koffers. Bette Williams heeft echter wel een tijd in de reserve-bak gestaan. Ik weet in het begin niet goed wat ik met de plaat aan moet. Bette is echter de lieftallige van Jerry Williams in 1971. Beter bekend als Swamp Dogg. Terwijl Wolfmoon ook gewoon in de koffers mag staan, is het vreemd dat Bette dat niet mag en dat heb ik een jaar geleden hersteld. The Metros is een andere formatie dan de groep uit Detroit op het RCA-label. Fijne crossover welke aanvankelijk méér obscuur lijkt dan het eigenlijk is. 1 2 3 is een zeer tijdelijk label van de Amerikaanse divisie van Capitol.  In de volgende aflevering ga ik vermoedelijk zeventien singles behandelen en dat zijn dan de laatste van het jaar 2017. We gaan dan ook over de duizend. Als ik kijk naar de afgelopen jaren dan denk ik dat we wel richting de zestienhonderd gaan in deze serie. We kunnen voorlopig dus nog wel even vooruit!

zondag 3 oktober 2021

Verzameldraaien: Jaren 70 bak 12


Er zijn verschillende rubrieken die ik graag nog eens wil doen op Soul-xotica, maar voor alle gevallen moet ik een foto maken. De afgelopen dagen is het me steeds té laat om nog naar zolder te gaan om een foto te maken en dus begin ik deze maand direct al met achterstand. Ik heb de bakken van vorige week van 'The Vinyl Countdown' nog beneden staan en dus heb ik vanmiddag de foto genomen. Nu staan ze weer op zolder met de bakken voor vanavond in de huiskamer. Gisteravond ben ik met iets 'nieuws' begonnen in 'Do The 45': Ik wil alle soul-platen van 2021 tot dusver draaien op alfabetische volgorde van de platenlabels. Ik heb gisteren vier uren gedaan en weet nét de Week Spot te bereiken. De keuze voor de Week Spot zal deze week dus eentje zijn met een platenlabel dat met een E, F of G begint. De opname van de show, sinds gisteren op Mixcloud, moet een beetje gezien worden ter vervanging van de 'Vakantiemixen' waar ik dit jaar (op twee afleveringen na) niet aan toe ben gekomen. Ik heb nu alweer plaatjes 'ontdekt' die ik bijna zou zijn vergeten. Ik trap vandaag af met de tweede aflevering van 'Verzameldraaien' met de twaalfde jaren zeventig-bak.

Deze twaalfde bevat het leeuwendeel van de jaren zeventig-platen van artiesten wiens (achter)naam begint met een 'L' plus de eerste van de 'M'. De bak trapt af met 'Bron-Y-Aur Stomp' van Led Zeppelin en eindigt met een andere favoriet: 'Cousin Norman' van The Marmalade. Ik kijk even met een schuin oog naar het bericht van afgelopen maandag. Dan moet ik nog uitleggen hoe ik voor vier nummers heb gekozen en deze ga opzoeken in de betreffende bak. Eentje van het kwartet krijgt dat nog een verhaaltje van normale lengte zoals dit lange tijd de gewoonte is geweest bij 'Raddraaien'. De vier kandidaten voor een bericht zijn de volgende.

16: Mind Games - John Lennon (België, Apple 4C 006-05494, 1973)
33: Sold My Rock'N Roll - Linda & The Funky Boys (Duitsland, RCA Victor PPBO 4124, 1975)
45: It's A Long Way There - Little River Band (NL, Harvest 5C 006-85007, 1976)
78: I Love The Sound Of Breaking Glass - Nick Lowe (UK, Radar ADA 1, 1978)

Lastig besluit? Valt wel mee! Over John Lennon zijn al boeken geschreven en Linda & The Funky Boys is een Duits studioproject dat in eerste instantie is opgericht om een cover op te nemen van 'Shame Shame Shame' van Shirley & Co. Little River Band bevat vast wel een fraai verhaal, maar dat ga ik een andere keer doen. Nee, als ik de keuze heb uit bovenstaande vier, dan ga ik vandaag voor de meest geniale. En dat is uit bovenstaande rijtje 'the great little legend' met de naam Nick Lowe. Dan kan ik misschien meteen al het 'waar en wanneer' doen. Deze single heb ik tijdens '2nd Boxing Day' in 1998 gekocht. 'Boxing Day' is in Engeland wat wij Tweede Kerstdag noemen. Alleen vieren zij het door met de familie naar een pub of naar een sportwedstrijd te gaan. Hoewel... in 1998 valt kerst voor een gedeelte in het weekend waardoor we in de nieuwe werkweek een paar dagen 'tegoed' hebben. Op de tweede 'Boxing Day' ga ik met de kerstcadeaus (een aantal enveloppen met inhoud) naar Manchester om onder andere een nieuw shirt te kopen. Bij een 'Tapes & Record Exchange' aan Oldham Street koop ik deze beduimelde versie van Nick Lowe's 'Breaking Glass'. Het meeste geld is dan al op, maar deze vijftig pence kan ik nog wel missen.

Nicholas Drain Lowe is de naam die op zijn paspoort staat. Hij wordt geboren op 24 maart 1949 in Walton-on-Thames in het Engelse graafschap Surrey. Tegenwoordig resideert hij aan de westelijke kant van Londen in de wijk Brentford. Als hij achttien is zet hij zijn eerste schreden in de muziek als hij samen met schoolvriend Brinsley Schwarz zich aansluit bij de band Kippington Lodge. Dat maakt een paar singles voor het Parlophone-label totdat in 1969 de band wordt omgedoopt tot Brinsley Schwarz. Het management van Brinsley Schwarz heeft grootse plannen. Ze organiseren een concert van de band in Fillmore East in New York en stuurt de Britse muziekjournalisten op haar kosten op het vliegtuig om de 'doorbraak' bij te wonen. Het heeft echter niet het gewenste effect en de band zal vooral terecht komen in de grotere pubs en kleinere clubs. Daar staat het evenwel aan de wieg van de pubrock. Pink Floyd heeft een paar jaar eerder het album 'Ummagumma' uitgebracht en op de achterkant van de hoes staan de leden te midden van alle apparatuur die ze nodig hebben voor een concert. De pubrock wil het tegenovergestelde doen: Een compleet bandgeluid voortbrengen met een minimale bezetting en instrumentarium. Lowe is verantwoordelijk voor enkele van de grote 'hits' van Brinsley Schwarz waaronder '(What's So Funny 'Bout) Peace, Love And Understanding' dat later door onder andere Elvis Costello op de plaat zal worden gezet. In 1975 verlaat hij Brinsley Schwarz en voegt zich als bassist bij Rockpile, de band van Dave Edmunds.

Lowe is in 1976 eveneens betrokken bij de oprichting van Stiff Records. Zijn eerste elpee voor het label heet 'Bowi' en dat is een verwijzing naar het album 'Low' van David Bowie. Het grapje wordt herhaald bij het album 'Max' van The Rumour dat verwijst naar 'Rumours' van Fleetwood Mac. Nick Lowe is de vaste producent op vroege Stiff-uitgaven dat middels Graham Parker & The Rumour en Elvis Costello een nieuw hoofdstuk toevoegt aan de Engelse popgeschiedenis. Enerzijds rukt de opzwepende punk op en aan de andere kant zijn onbereikbare stadion-bands als Fleetwood Mac, Supertramp en The Eagles. Nick Lowe en zijn bands en producties gaan juist verder waar het in 1968 'mis' is gegaan. Fraaie liedjes met een kop en een staart en een duidelijk herkenbaar refrein. Barokke ondertonen, psychedelische versiersels of juist wild pompende rock'n'roll is het handelsmerk geworden van Lowe. In februari 1978 verschijnt in Engeland 'I Love The Sound Of Breaking Glass'. Dit is de 'kale' versie. Met name in Amerika voegen ze nog glasgerinkel toe voordat Nick begint te zingen.

Nick zal in ons land pas in 1984 zijn grootste hit scoren met 'Half A Boy, Half A Man'. In 1992 heeft hij in Nederland enig succes met de gelegenheidsformatie Little Village. Dat is feitelijk het personeel dat heeft gewerkt aan John Hiatt's 'Bring The Family'-album uit 1987 en bestaat uit Lowe, Ry Cooder, John Hiatt en Jim Keltner. De groep zou eerst Hiatus worden omdat de leden allemaal even 'vrijaf' hebben genomen van hun dagelijkse beslommeringen. Het laatste album van Nick Lowe stamt uit 2013 maar hij heeft in recente jaren een paar aantrekkelijke EP's gemaakt voor het Amerikaanse Yep Roc-label. Meet name 'Love Starvation/Trombone' uit 2019 is een favoriet gebleken in 'Tuesday Night Music Club' en 'Afterglow'.