dinsdag 13 oktober 2026

Honderd achteruit 2024-26: De avonturen van Neil Innes


Het is een week geleden dat ik voor het eerst kijk naar het onderwerp van vanavond. Ik heb immers dit jaar The Bonzo Dog Doo Dah Band in de Top 100 gehad en dat zou ik wel kunnen combineren met The World. Ik ben nog niet op zoek gegaan naar fotomateriaal op 45cat als ik me bedenk dat The Rutles eveneens in de Top 100 van 2024 staan. Ach... waarom niet? Laten we de drie verenigen met Neil Innes als grote gemene deler. Omdat de Nederlandse hoes van The World niet op 45cat staat en omdat een collage met drie singles ook lastig gaat worden, stal ik de singles uit op zolder voor de foto. Dus inclusief de beschadigde fotohoes van The Bonzos terwijl de vorige eigenaar ook het hoesje van The World heeft bijgeknipt. Vandaag ga ik een persoonlijke held en een favoriete band in de schijnwerpers zetten. Het hoe, waarom en wanneer gaat waarschijnlijk ook ietsje langer nemen dan gebruikelijk. Vandaag in de schijnwerpers: Neil Innes. Omdat 'Angelina' van The World op 16 staat in de Top 100 van 2024, 'I Must Be In Love' van The Rutles op 33 in dezelfde lijst en 'I Want To Be With You' van The Bonzo Dog Doo Dah Band op 73 in de lijst van 2026. 

In huize Louwsma is het 's avonds na elf uur stil. Iedereen ligt dan te slapen en de beeldbuis is gedoofd. In 1990 of 1991 heeft Nederland 3 een themamaand met popfilms en -documentaires. Omdat deze in het weekend vallen, krijg ik de uitzondering om op te blijven en ze te bekijken op een laag volume (of misschien zelfs over de koptelefoon, dat weet ik niet meer). Deze maand zie ik 'The Commitments' voor de eerste keer en komt ook 'The Rutles' voorbij. Een paar jaar later lees ik een lovende recensie in een programmablad van een poppodium over een recent verschenen verzamelalbum van The Bonzos. In 1999 kom ik 'The Equestrian Statue' tegen op een markt in Mossley en maak dan ook kennis met het controversiële 'The Intro And The Outro'. In 2000 koop ik tenslotte een cd van The Bonzos met de 'grootste hits'. Sindsdien mag je mij rekenen tot de schare Bonzo Dog Doo Dah Band-fans. In 2021 heb ik 'I'm The Urban Spaceman' gekocht op single en zal ongetwijfeld in de lijst van 2021 staan. The World kom ik op 19 juli 2023 tegen op Discogs. The Rutles komt op 15 februari 2024 bij me wonen nadat ik de single bij Minstrel in Zwolle heb gekocht. Tenslotte ga ik op 9 maart 2026 voor dampbenodigdheden naar het Duitse Itterbeck en vind 'I Want To Be With You' voor een fraaie prijs bij de kringloopwinkel in Dedemsvaart. Deze drie singles staan vanavond dus centraal in de 'Honderd achteruit'. 

Neil James Innes komt ter wereld op 9 december 1944 in Danbury in Essex. Zijn vader is militair in het Engelse leger en is enige jaren gestationeerd in Duitsland. Neil groeit dus op in Duitsland maar als het tijd wordt voor het voortgezet onderwijs is de familie Innes weer op de geboortegrond teruggekeerd. In 1966 ontvangt hij een bachelor aan de kunstacademie. Tijdens zijn studie aan de Goldsmith-academie sluit hij zich aan bij de semi-professionele schoolband. Deze is al opgericht in 1962 als The Bonzo Dog Da Da Band. 'Bonzo The Dog' is een tekenfilmfiguur en 'Da Da' refereert aan de dadaïstsche kunststroming. Omdat de mannen na verloop van tijd moe worden om iedereen te onderwijzen over het dadaïsme wordt besloten er 'Doo Dah' van te maken en later in hun carrière het helemaal van de naam af te halen. In 1966 heeft Geoff Stephens met studiomuzikanten de single 'Winchester Cathedral' gemaakt als The New Vaudeville Band. Daar moet een album en een live-band op volgen en zo wordt The Bonzos benaderd. Er is eentje (trompettist Bob Kerr) uit de originele bezetting die overstapt naar The New Vaudeville Band. Innes kent de heren Viv Stanshall, Rodney Slater en 'Legs' Larry Smith inmiddels maar wordt door basgitarist Vernon Dudley Bohay Nowell bij de groep gehaald. Met Innes begint The Bonzos aan een succesvolle periode. Uiteraard weet Innes nét de juiste composities aan te leveren. In de grote boze wereld zal het de boeken in gaan als eendagsvlieg dankzij 'I'm The Urban Spaceman', maar dat doet teniet aan de uitstekende albums en singles die de band heeft afgeleverd. 

Door het schrijven van dit verhaal leer ik opeens dat Apollo C. Vermouth niet alleen Paul McCartney was, maar een combinatie van McCartney met Gus Dudgeon. De eerste keer dat McCartney de studio binnen stapt, draagt Stanshall enkel een zwembroek en een duikbril 'omdat hij een nieuwe sound wil proberen'. Persoonlijk is het album 'The Doughnut In Granny's Greenhouse' een favoriet. Soms absurd, dan weer perfect, maar altijd met een vette knipoog. Het album 'Keynsham' verschijnt in 1969 en bevat onder andere 'I Want To Be With You' dat op single wordt uitgebracht. Vlak daarna barst de bom en heeft de band nog één album te maken om van het contract af te komen. Dat wordt de 'reünie'-elpee 'Let's Make Up And Be Friendly'. Begin 1970 formeert Innes The World met Bonzo-bassist Dennis Cowan, drummer Ian Wallace en gitarsit Roger McKew. Doel is om méér commercieel succes te hebben dan The Bonzos maar dat is al te hoog gegrepen. The World maakt een album dat drie achteruit verkoopt. 'Angelina' verschijnt als single en zal vooral bekend worden dankzij Slade. De laatste voert het nummer veelvuldig uit tijdens concerten. The Bonzos hebben in 1969 wekelijks opgetreden in 'Do Not Adjust Your Tv Set' en daar maakt Innes kennis met de mannen van het toekomstige Monty Python. 

Eerst maakt The Bonzos nog 'Let's Make Up And Be Friendly' en daarna gaat Innes aan de slag met Stanshall en onder andere Keith Moon van The Who dat moet leiden tot een live-band met de naam Freaks. Dit komt niet van de grond en dus gaat de band een fusie aan met The Scaffold en wordt het GRIMMS. Dit bonte gezelschap zal het volhouden tot 1974. Rond die tijd gaat Innes zich bezig houden met Monty Python. Hij draagt bij in de muziek op 'Monty Python's Previous Record' uit 1972 en 'The Monty Python Matching Tie And Handkerchief'. Hij blijft tot 1976 betrokken bij Monty Python en gaat in 1980 opnieuw op tournee met het gezelschap. In 1976 gaat Innes aan de slag met Eric Idle in de Rutland Weekend Television waar ook de parodie op The Beatles, The Rutles, wordt geïntroduceerd als 'The Prefab Four'. George Harrison ziet de lol er wel van in en is één van de investeerders in het project. Het is een beetje zuur dat Innes later toch nog wordt aangeklaagd door de publicatiemaatschappij van The Beatles en een deel van de royalties moet afstaan. 'I Must Be In Love' verschijnt als single in 1978 en schopt het tot 39 in Engeland. In Nederland woont het in de Tipparade. Als The Beatles hun 'Anthology' heeft uitgebracht, komt The Rutles met 'Archeology' en zelfs dat levert nog een kleine Engelse hitsingle op met 'Shangri-La'. Het nummer is mede ingegeven door de vermeende plagiaat van Oasis in 'Whatever' dat veel lijkt op 'How Sweet To Be An Idiot' van Innes uit 1973. 

Neil Innes overlijdt op 29 december 2019 in Frankrijk waar hij dan al jaren resideert. Hij is tot aan zijn dood actief gebleven, onder andere met The Idiot Bastard Band. Hij is eerder in de maand 75 jaar geworden. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten