woensdag 13 november 2013

Raddraaien: The Beatles



Ik moet eerst een misverstand uit de wereld helpen. Ik ben niet TEGEN The Beatles en ga evenmin zeggen dat het 'niets voor de popmuziek' heeft betekend. Vanuit mijn verzameldrang ben ik altijd voor 'underdogs' gegaan en ben daarbij heel veel leuke jaren zestig-bandjes tegengekomen die vaak nóg inventiever waren dan The Beatles, maar The Beatles was toen al een merknaam. Misschien is de Supra wel beter dan de Douwe Egberts, maar zolang die laatste de marktleider is, ben je een roepende in de woestijn. Als ik moet kiezen tussen The Beatles of The Rolling Stones, antwoord ik altijd als eerste: The Who. Maar als ik écht een keuze moet vellen, dan ga ik toch voor The Beatles. Het zit The Rolling Stones tegen dat het té lang in het rhythm & blues-idioom is blijven hangen en daarmee té weinig progressie heeft doorgemaakt. Mijn vinyl-collectie bewijst het: Ik heb bijna alles van The Beatles en nog niet de helft van The Rolling Stones. Vandaar dat het kwartet uit Liverpool een vast terugkerende naam is in Raddraaien. Vandaag staat 'We Can Work It Out' in de schijnwerpers.

Je moet tegenwoordig van goede huize komen, wil je records breken. Ten tijde van The Beatles is de popmuziek nog maagdelijk. Anno 1965 hebben de meeste huishoudens wel een platenspeler en dus is de massale plaatverkoop nog maar net op gang gekomen. The Beatles is de eerste pure popgroep in Engeland die op grote schaal doorbreekt, vandaar dat iedere single uit die tijd drie records op zijn naam heeft staan en dat je er vaak wel een telefoonboek over kan schrijven. Ideaal voer voor Raddraaien! Vandaag beperk ik me ook weer tot deze ene single en niet het circus erom heen.

Vaak begin ik in Raddraaien met een geboortedatum, maar in het geval van 'We Can Work It Out' wordt het nummer driemaal geboren. Sinds het begin in 1962 worden de liedjes van zowel Paul McCartney als John Lennon gepubliceerd als 'Lennon-McCartney' en dat is minstens zo'n stevig merk als The Beatles zélf. In werkelijkheid zijn de liedjes vaak individuele schrijfsels, maar 'We Can Work It Out' is een van de weinige uitzonderingen. Het idee voor 'We Can Work It Out' komt echter van Paul McCartney, die destijds heeft gezegd dat zijn tekst als 'persoonlijk' kon worden opgevat. Het grote publiek weet nog niet wat er aan de hand is, maar achteraf gezien, kan dit een voorteken zijn geweest van het einde van zijn relatie met Jane Asher. Paul gaat met het liedje onder de arm naar John, welke opeens met het idee van de afwijkende 'brug' op de proppen komt: 'Life is very short/ And there's no time/ for fussing and fighting my friend'. Bovendien voegt Lennon een kilo traporgel toe. Eenmaal in de studio suggereert George Harrison om de brug te laten eindigen met een stukje van een Duitse wals. Op 16 oktober 1965 wordt een ruwe versie opgenomen, vier dagen later vervangen door een definitieve versie. Op 29 oktober 1965 voegt het kwartet enkele 'overdubs' toe. Dan heeft The Beatles maar liefst 11 uren gespendeerd aan het opnemen van de plaat en dat is een record. Ik geloof dat menig dance-producer inmiddels een halve dag aan het pielen is aan een ritme, laat staan aan de productie.

Op de plaat is het ook een heuse samenwerking van Paul en John. Paul doet het 'try to see things my way'-ding en John neemt de brug voor zijn rekening. De stemming slaat van droef en wanhopig om in hoopvol en weer terug. Ondanks een fraai gearrangeerd einde zou je kunnen voorstellen dat het liedje eindeloos door gaat en misschien is de relatie tussen McCartney en Asher evenmin hoopvol. George Harrison wordt verantwoordelijk gehouden voor de tamboerijn die continu is te horen. Volgens de papieren heeft Harrison geen aandeel op gitaar in het nummer, maar brengt wel het walstempo in. Ringo doet in het hele verhaal weer niet mee, hij doet gewoon wat hij moet doen. Ik zag onlangs een recente spreekbeurt van Greg Lake. Hij loofde weer eens het drumwerk van Ringo. Volgens Lake is zijn stijl niet te imiteren en ik geloof wel dat hij daarin gelijk heeft. Net als Cosmo Clifford van Creedence Clearwater Revival loopt ook Ringo Starr als een Zwitsers uurwerk.

'We Can Work It Out' is de eerste Engelse Beatles-single met een dubbele a-kant. In Nederland hebben we dan inmiddels 'Rock'N'Roll Music/ No Reply' en 'Eight Days A Week/ Baby's In Black' reeds gehad. 'Day Tripper' wordt door John in gebracht als 'definitieve b-kant', maar EMI weet wel van tevoren dat 'We Can Work It Out' de meeste hitpotentie heeft. Ditmaal zijn de rollen omgedraaid: John Lennon schrijft het merendeel van het nummer, waarna Paul het op punten perfectioneert. Hoewel... perfectioneren? 'Day Tripper' heeft maar liefst drie hoorbare flaters. Nu is 'We Can Work It Out' al door een vracht artiesten gecoverd, in het geval van 'Day Tripper' kan je er een dag mee vullen!

dinsdag 12 november 2013

Week Spot: Gene Chandler



Een beetje een gekke dinsdagavond. Ik zou om acht uur op Facebook de thema-sessie openen, toen ik plots een boodschapje binnen kreeg van een radio-collega. Of ik meteen de lucht in kon voor twee uren. Tja, de show in kwestie is 'classic rock' en daar heb ik nog wel iets mee. Met rockabilly of reggae was het een stuk lastiger geweest. En zo ben ik zonder voorbereiding binnen tien minuten de lucht in gegaan en ben daar gebleven voor 2,5 uur. Het extra half uur was met onderbrekingen, onze radiobaas had de studio mee gehad naar Specialized en de boel werkte niet in een keer zoals het moest. Ik heb lol gemaakt met de geheugenkaart van de vroegere Nokia, dus menig Telefoontoppertje aangevuld met wat vinyl. Vandaag ga ik de Week Spot aan jullie voorstellen, morgen of donderdag doe ik een dubbele Raddraaier, zodat ik weer op schema zit. De Raddraaier is deze week afkomstig van 'The Duke Of Earl' Gene Chandler en heet 'Nothing Can Stop Me' (1965).

Indirecte investeringen in de radio-uitzendingen. Ten eerste is dat een nieuwe set naalden. De ene kan eigenlijk niet meer, de andere nog wel, maar heb toch voor de zekerheid maar een setje ingeslagen. Ten tweede een 'atomizer' en wat verse vullingen voor de electronische sigaret. Nee, ik heb momenteel nog geen vaste plannen om te stoppen met roken, maar... door de vele uitzendingen en het koudere weer is erbij ingeslopen dat ik tijdens de radioshow menig sigaretje op rook in de kamer. En dat zouden we niet meer doen... Vanaf dit weekend ga ik de nicotinebehoefte uit de electronische sigaret halen en buiten de shows om weer naar het hok voor echte tabak. En dus kan november wel eens een vinyl-loze maand worden, maar dat is niet erg... Het ging de laatste paar weken wel heel erg snel en ik moet ook aan die plaatjes wennen. Bovendien zitten er talrijke potentiële Week Spot's bij, ook al verplicht ik mezelf over iedere Week Spot te schrijven. Bij Gene Chandler gaat dat wel lukken, bij The Tiaras wordt dat flink lastig!

Eugene Dixon heet de man en wordt op 6 juli 1937 geboren in Chicago. In de vroege jaren vijftig is Dixon reeds actief als zanger bij het groepje The Gaytones, maar promoveert in 1957 tot The Dukays. In die groep is Chandler al snel de leadzanger. Na de militaire dienst in 1960 keert Chandler terug naar Chicago en gaat platen opnemen met The Dukays. 'The Girl Is A Devil' komt als eerste uit op Nat Records en kort daarop neemt The Dukays nog enkele liedjes op. 'Nite Owl' is voor Nat de favoriete single-kandidaat, maar de producers Carl Davis en Bill 'Bunky' Sheppard zijn overtuigd van 'Duke Of Earl' uit dezelfde sessie en zoeken Vee-Jay Records op. Die ziet er ook wel brood in, maar niet op conto van een groep, maar door de leadzanger zélf. En zo verschijnt die Dukays-opname als Gene Chandler en de rest is wel geschiedenis. Het zal Chandler's grootste hit zijn en blijven. Binnen het tijdsbestek van een maand zijn er al meer dan een miljoen exemplaren verkocht. De eerste samenwerking met Curtis Mayfield is in 1962 een feit met het nummer 'Rainbow'. In de herfst van 1963 verlaat 'The Duke Of Earl' Vee-Jay en gaat opnemen voor het nieuwe Constellation Records. Vooral 'Just Be True' en onze Week Spot zijn de commerciële uitschieters. Binnen Chicago is Chandler een topartiest, maar op de Billboard Hot 100 is hij meest een middenmoter. Alleen de genoemde nummers behalen de top 20. 'Nothing Can Stop Me' bereikt een achttiende plek op de Hot 100 en nummer 3 in de rhythm & blues-lijst.

'Nothing Can Stop Me' heeft in Engeland in 1968 een opleving en bereikt daar een 41e plek. Het is best aardig dat ik twee oudere muziekkenners vertelde over mijn aankoop en dat die beide een soortgelijk antwoord gaven. De ene, een soul-man, meent dat het de op-een-na-grootste favoriet is en de ander vertelt over de cassetteband die hij stuk heeft gedraaid vanwege dit nummer. 'Nothing Can Stop Me', uit de pen van Curtis Mayfield, is zo'n plaat die bijna een halve eeuw later nog fier overeind staat. Je krijgt nog steeds dansvloeren in beweging met deze plaat. Het duurt voor Chandler evenwel tot 1970 eer hij weer eens naar de bank kan voor een leuk zakcentje. In die tussen tijd maakt hij de ene kraker na de andere, ook in samenwerking met Barbara Acklin. Als producer is hij te horen op 'Backfield In Motion' door Mel & Tim. In 1970 scoort hij zijn tweede grote hit met 'Groovy Situation'. Kort daarop neemt hij een album op met Jerry Butler en blijft voor het grootste deel van de jaren zeventig actief. In Nederland valt hij niet eerder op dan in 1978 met 'Get Down'. De opvolger van 'Groovy Situation' heet 'Simply Call It Love' en die laatste plaat lijkt met karrevrachten naar Nederland te zijn verscheept. Ik heb hem ooit wel vijftien maal in de bakken gehad. Hoewel Chandler in de late jaren zeventig nog steeds nieuwe platen maakt met Carl Davis als producer, stuurt Wolfman Jack hem op een tournee met andere 'vintage' artiesten en dit alles veroorzaakt een interesse in het oudere werk van de man.

Zijn laatste Amerikaanse Billboard-hit is 'When You're #1', dat ironisch genoeg niet verder komt dan nummer 99. 'Lucy' is in 1986 zijn laatste notering op de rhythm & blues-lijst. Toch is Chandler nog lang niet toe aan pensioen en treedt nog geregeld op in de omgeving van Chicago. Een enkele keer zit daar een Europese tournee bij in. Eén van de grootste zangers en producers uit Chicago, maar omdat die stad zoveel historie kent, ben je net als Chandler dan al snel een treetje lager. Wij gaan dat deze week in ere herstellen!

maandag 11 november 2013

Schijf van 5: 'specialized'



Ik heb net mijn uitzending erop zitten. Nou ja, een uur geleden al, maar ik heb ook even de show erna beluisterd. Het was erg leuk om te doen, maar ben wederom weer erg moe. Bovendien had ik het mezelf niet heel eenvoudig gemaakt qua titels voor de Schijf van 5. Het is niet helemaal nieuw, het is wel vaker voor gekomen in de afgelopen jaren, maar het is een wat middelmatige Schijf geworden. Ik moest op het laatst echt titels bij elkaar schrapen, maar die nummer één? Die heeft de afgelopen week bij mij aan interesse gewonnen. Waarschijnlijk dat ik die zondag in The Vinyl Countdown ga stoppen, want ik geloof dat ik hem in jaren niet heb gehoord. De nummer twee is heel erg creatief en 'last minute' en bovendien een liedje waar ik ook wel iets mee heb. De overige nummers zijn heel erg 'bij gebrek aan beter', dus laten we maar meteen beginnen met deze niet-zo-speciale Schijf van 5.

Natuurlijk zou ik voor een vocale versie kunnen kiezen, ik ken onder andere de uitvoering van Johnny Cash, maar toch is het de instrumentale die me het meeste doet. The Spotnicks. Een Zweeds instrumentaal gitaar-groepje. Door de leek nog wel eens als een Shadows-imitatie weg gezet, maar The Spotnicks is eerder een variant op The Ventures. En ook zij hebben 'Orange Blossom Special' in het vinyl geperst, ik heb de single nog ergens liggen. En dus mag 'Orange Blossom Special' van The Spotnicks vandaag op vijf.

Tja, de nummer vier. Moest ik ergens heel erg leuk vinden, maar dat is nooit echt het geval geweest. Ik heb het ooit via Sky Radio leren kennen en dat zegt dan wel weer genoeg. Ik luister middels de wekkerradio de laatste tijd weer veel naar Sky Radio. Wie wil er nu niet wakker worden met dezelfde platen? Ik kan me heugen dat Sky Radio ooit veel meer gericht was op de 'love songs' of haal ik het nu door mekaar? Wel, zo'n 'Special Lady' van Ray, Goodman & Brown was zo'n plaatje dat je omstreeks 1992 op Sky Radio kon verwachten. Dit trio had overigens haar moment al gehad in 1975 als... euh... Moments. Met een andere groep, Whatnauts, scoorden ze een monsterhit met 'Girls', die ik tien keer leuker vind dan dit zouteloze 'Special Lady' uit 1980. Moet toch maar op vier.

De ultieme zondagmiddag? Daar hoort Creedence Clearwater Revival bij. Misschien had ik 'Midnight Special' veel beter kunnen waarderen als Drukwerk niet zo'n enorm leuke vertaling ervan had gemaakt. Maar omdat bij die van Drukwerk geen 'speciaal' in de titel zit, moet ik het toch maar bij Creedence houden. 'Midnight Special' staat op drie.

Nu de nummer twee. Tot zover ik kan overzien helemaal niks meer over te vinden. Ja, de band wordt nog wel genoemd in een historie van het Flevo Totaal Festival, maar daar houdt het dan ook mee op. Als ik me niet vergis, kwamen ze uit Australië, maar weer niet te verwarren met de Australische punkband. Quick & The Dead was een gospelrockband in de jaren negentig. Ze hebben op zijn minst twee cd's gemaakt (ik heb ze ooit gekocht) en ik heb ze 'live' gezien in de Veemarkthal van Sneek tijdens een Youth For Christ-manifestatie. Ik herinner nu opeens dat de eerste cd 'Womb' heette en de tweede? 'Burn'! Ja, er wordt hier even 'live' huiswerk gedaan, met dank aan Discogs. En nu weet ik dan ook de enige correcte titel van het liedje: 'Somebody Special'. Jippie! Die mag erin! Quick & The Dead klonk overigens als een überchristelijke U2 met enige Men At Work-invloeden. Volgens Discogs hebben ze na dit album uit 1996 niks meer gedaan. Het zij zo. 'Somebody Special' van Quick & The Dead staat op twee.

Time Bandits was hier vorig jaar met de Hollandse week nog te gast, ik wist toen te vertellen dat de mannen net weer een cd hadden gemaakt en op tournee waren. Dat heeft blijkbaar weer geen deuk in een pak boter geslagen, want ik ben ze niet tegen gekomen. Deze Schijf van 5 moest 'speciaal' worden vanwege het Specialized-festival in Dorset van afgelopen weekend. Mijn Facebook wordt overspoeld met foto's en blije herinneringen. Heb ik mezelf vanavond horen zeggen dat ik er wellicht volgend jaar ook bij ben? Is komend weekend over een jaar, nog een heel eind vooruit! Het heeft even gedreigd alsof ik zondagavond al een show moest doen na Specialized en dan was ik wellicht met deze van Time Bandits begonnen. De enige in mijn collectie met 'specialized' in de titel. Vandaag dus op 1: 'I'm Specialized In You' van Time Bandits (1983).

Een onderwerp bedenken is erg gemakkelijk, maar de liedjes moeten er ook bij. Zullen we komende zondag eens gezellig met zijn allen naar de disco gaan? Vijf liedjes met 'disco' in de titel. Met dat noodweer wil je toch niet naar buiten?

zondag 10 november 2013

ver-hoes-bui



Zelf ga ik voorlopig even niet meer verhuizen, maar een goede vriendin gaat dat morgen wel doen. Omdat ik geen uitzendingen bij Wolfman had, kon ik haar vandaag en gisteren helpen met inpakken. Wederom een vreemd weekend, zo zonder de radio. Het begint al zo'n vaste gewoonte te worden. Morgenavond mag ik dan toch nog even de twee uren 'From The Catacombs' waarnemen, maar nu ben ik eigenlijk best een beetje gaar. Straks maar wat slapen en morgen maar eens de Schijf van 5 bekijken. Omdat het inmiddels maandagmorgen is, is dit hoesje erg toepasselijk voor Marianne. Ik heb persoonlijk een beetje een hekel aan het liedje, maar voor een verhoesbui is dit toch een hele mooie titel. Tot morgen na 'From The Catacombs', dat is tussen elf en één op Wolfmanradio.

vrijdag 8 november 2013

SIngles round-up: november 1



Eindelijk! De laatste single die tot nu toe onderweg was, is vanmiddag gearriveerd. Daarmee is mijn eerste transactie via Gemm een feit geworden. Ik begon me toch stiekem een beetje zorgen te maken, ik heb per slot van rekening niet zulke lovende woorden over Gemm en Discogs gehoord. Het zijn vooral de handelaars die steen en been klagen over Ebay en deze geven dan de voorkeur aan Gemm of Discogs. Maar deze laatste sites zijn een stuk vrijblijvender dan Ebay en die verplichting mag ik wel. Ik zal Gemm ook niet vaker dan noodzakelijk gebruiken, het was gewoon alweer een flinke tijd geleden dat die van Sharon Soul op Ebay of bij een dealer voorbij was gekomen. En het plaatje staat alweer zo'n vier maanden hoog op mijn lijst, dus dit aanbod via een dealer op Gemm kon ik niet aan me voorbij laten gaan. Vorige week vrijdag arriveerden al de overige vier singles, die komen 'gewoon' bij Buydiscorecords.com vandaan, het dochterhandeltje van Rarenorthernsoul. Een bericht over vijf bereleuke plaatjes. Moest een makkie worden?

* The Del Cords- I'm So Sorry (US, Treasure, ca. 1966, re: 2002)
,,Ik kan echt niet dansen op instrumentale nummers", had een meisje een tijdje geleden geklaagd bij een Northern Soul-dj. De leukste reactie die we in jaren hebben gelezen, want in de Northern Soul gaan de dansers bij uitstek voor instrumentale nummers. Engeland was hier niet uniek in, want het gold in de jaren zestig al voor de Amerikaanse dans-zalen. De zogenaamde 'instrumental tittyshakers' deden het vaak beter dan een gezongen versie van de plaat. Zo werd omstreeks 1966-67 'Soul Step' uitgebracht van The Dogs. Een instrumentaal nummer en voor de rest van de twintigste eeuw werd gedacht dat er geen andere versie bestond. Toen kwam men deze van The Del-Cords tegen. Een nummer dat 'on-af' klinkt, de vocalen zijn erg slordig en lijken ergens wel alsof ze ter plekke op de muziek zijn verzonnen. Maar... nu het mysterie: Deze Del-Cords uitvoering is, met The Dogs op de b-kant, in 2002 in een zwaar gelimiteerde uitvoering uitgebracht met een fotohoesje. John Manship spreekt van een heruitgave die nu al moeilijk is te vinden en schat hem in op vijftien pond. De gebroeders Jeffries zijn blijkbaar een doosje tegen gekomen en verkopen de, hagelnieuwe, singles voor slechts vijf pond per stuk. Voor een 'zeldzame' plaat zou je verwachten dat die geadverteerd zou worden op Rarenorthernsoul, maar nee... hij loopt via de budget-afdeling. Ach, niet zeuren, het is een koopje en ik had in het geval van The Del-Cords er ook geen tien pond extra aan besteed! Nog even wat over The Del-Cords? De leadzanger is Dave Bupp, die vooral bekend is in het wereldje dankzij The Magnificent Men. De overige leden zijn afkomstig van de William Penn High School in York, Philadelphia.

* The Emanons- Look In The Want Ads (US, All Brothers, ca. 1967, re: 2002)
Uit dezelfde serie als The Del-Cords, ook hier hebben we het weer over een tamelijk zeldzame opname uit Philadelphia. Er is in 1958 al een doowop-groepje uit New York dat een single aflevert voor het Winley-label ('We Teenagers Know What We Want'), maar dat is een ander groepje. John Manship spreekt van de twee beste opnames van de Philly-groep, maar tegelijk ontbreekt de informatie over andere opnames. Opnieuw weer een lokale heruitgave met een leuk zwart-wit fotohoesje. Het vinyl oogt tamelijk authentiek. 'Look In The Want Ads' is hier in Nijeveen al een favoriet geworden, de b-kant is niet te versmaden als je van een grootse soul-ballades houdt, maar dat is niet echt mijn kopje thee. Als deze van The Emanons mij niet had aangesproken, had ik vast ook niet die van The Del-Cords gekocht, want hier geldt andermaal: Vijf pond voor zo'n grotendeels onontdekt brok Phillysoul is beslist geen rare prijs!

* The Playthings- Stop What You're Doing (UK, Pye, 1973)
Natuurlijk, ook ik maak wel eens foutjes. Ik heb begin dit jaar dit nummer nog eens afgesabeld toen het op Facebook voorbij kwam. God straft meteen, want een paar weken later trakteert de mp3-speler me dagelijks op de klanken van The Playthings. En... dat vinden we ineens geen bezwaar. Nu ik de plaat heb binnengehaald voor een 'meeneemprijsje' van twee pond, kan ik echter nog steeds relativeren. Het is aanstekelijk! Tien punten. Je kan ook leuk 'voetenwerk' uitoefenen op de plaat. Nog eens tien punten. Maar dan... Soul? Nee. Vijftig punten aftrek. Blijft over: Een grappig pop-plaatje. Eén van de honderdduizend studio-projecten uit Engeland. Deze plaat is geschreven en geproduceerd door Biddu, die een jaar later flinke zaken zou doen met Carl Douglas en zijn 'Kung Fu Fighting'. The Playthings is duidelijk opgenomen met een knipoog naar die oprukkende beweging in het noorden van Engeland, maar is ook gesneden voor de radio en dus voor de hitparade. Ook in de clubs vinden ze het aanvankelijk erg leuk, maar als het een hit wordt, schrappen de deejays het van de speelijst. En nu? Tja, erg populair bij cd-discjockeys omdat die op iedere 'Greatest Hits Of The 70s' staat. In clubs waar ze het niet heel erg nauw nemen met het 'etiquette van de Northern Soul-snobisten' wordt deze soms gedraaid, vooral omdat hij zo 'feelgood' is. Tina Charles heeft in 1976 ook nog een versie opgenomen van 'Stop What You're Doing To Me' opgenomen voor haar 'I Love To Love'-album en heeft iemand anders geprobeerd het nummer op het repertoire van de Spice Girls te krijgen. Dat laatste is niet gelukt...

* Sharon Soul- Girl Crazy (UK, Goldmine Soul Supply Connoisseurs, 1967, re: 1997)
Het is de laatste tijden zeer rustig van de kant van Goldmine Soul Supply, tenminste: op het gebied van vinyl. Het schijnt nog wel verzamel-cd's uit te brengen? Afijn, Goldmine kan terug kijken op een fraaie catalogus met heel veel geluiden die anders nooit binnen ons handbereik waren gekomen. Plus opnames die misschien nooit waren uitgebracht. In 1997 bracht Goldmine vier singles uit in de Connoisseurs-serie, waarvan deze van Sharon Soul de laatste is. Het zijn stuk-voor-stuk onuitgebrachte opnames uit de United Sound-studios in Detroit. Er zitten twee opnames bij van Edwin Starr, toen nog bij Ric-Tic, maar vanaf 1969 bij Motown. De instrumentale 'I Need You Like A Baby' van The Herman Griffin Orchestra, die ik weer in de vocale versie van Andrea Henry heb. Deze single van Sharon Soul is eveneens aan beide kanten zeer de moeite waard. Op de b-kant staat 'Happiness Is Here' van Barbara Mercer. Van haar heb ik 'Hey!' uit 1965 op het Golden World-label, maar deze opname stamt uit 1966 en rond die tijd probeert ze het voor Groovesville. Zonder een release overigens. Sharon Soul heeft in de jaren 1965 en 1966 twee plaatjes gemaakt voor Coral en duikt in 1967 de studio in om haar beste opname te vereeuwigen. Sharon heet van haarzelf Seiger of Seigler, maar zal eventueel mevrouw Edmonds worden. Ze werkt in de jaren zestig al samen met Nate Edmonds en ze stappen in de huwelijksboot. Edmonds zal vooral naam maken als producer voor All Platinum en Sugar Hill in de jaren zeventig, Sharon schrijft mee aan liedjes voor Moments (die van Whatnauts) en Linda Jones. Edmonds is inmiddels overleden en over Sharon is de laatste informatie van 2003. Toen had ze een website die niet meer bestaat en is ze geholpen door een verzamelaar met opnames van haar plaatjes en scans van de labels. Als dank daarvoor kreeg deze man bovenstaande foto uit de jaren zestig, speciaal voor hem gesigneerd. Dat breekt voor mij toch wel een beetje het mysterie, want Sharon lijkt zo wit als sneeuw! En dat had ik me niet voorgesteld bij het hysterische 'Girl Crazy'...

* Stella & The Gazelles- I'm Not In Love With You Anymore (US, Womar, 1967, re: 2002)
Om het verhaal af te maken: Een derde regionale heruitgave uit Philadelphia, ditmaal echter zonder een fotohoes. Op Buydiscorecords werd overigens de andere kant geadverteerd en die heb ik vooral voor de 'novelty' gekocht. Ik kocht in begin 2012 'Spilt Milk' van Alfreda Brockington, een promo van Goldmine Soul Supply. 'Spilt Milk' is nooit officieel uitgebracht en is rechtstreeks van een ruisende acetaat overgezet op vinyl. Op de b-kant is het geluid helemaal om te janken, hoewel? Ze hebben gelukkig nog wat bas toegevoegd, anders was 'Nicer Girl' van The Assassins vast helemaal niet te kauwen geweest. Ook een niet eerder uitgebrachte opname uit Philadelphia die, zonder restauratie, van acetaat in het vinyl is geperst. De andere kant van deze Stella & The Gazelles-single is hetzelfde 'Nicer Girl', maar dan van The Topics. En die groep kennen we wel! 'Women's Liberation' is een ontzettend grappig plaatje met een stalen tempo: De tekst is een sneer richting de dollemina's, maar dan weer zó dat ze zichzelf ook belachelijk maken. Hun 'Nicer Girl' wordt voor mij verstierd door de kopstem van de leadzanger. Nee, dan ga ik liever voor Stella & The Gazelles. Hetzelfde plaatje is op een ander label verschenen als The Passionettes, maar beide komen niet in de buurt van de hitparade. In de Northern Soul is dit enigszins ondergewaardeerd, dus aan mij weer de missie...

donderdag 7 november 2013

Hitpuree



Het is een donderdagavond in december 2011 als ik bij de Free Record Shop in Steenwijk bij de kassa sta. Ik besef me nu pas hoeveel geschiedenis in die zin zit. Free Record Shop? Ja, het bestaat nog, maar is hier in het noorden nauwelijks meer te vinden. Ik ben daar omdat ik een week eerder 'Dancer In The Dark' in de bestelling had gedaan, de film van Lars Von Trier met Björk in de hoofdrol. Plots staat een klant achter mij en vraagt of ze de nieuwe single van Mooi Wark hebben. ,,We verkopen geen cd-singles meer", antwoordt de verkoper en dan valt het me opeens op. De muur die ooit behangen was met de platen uit de Top 40 en de Tipparade biedt nu een overzicht van dvd's en games. Als de klant teleurgesteld de winkel heeft verlaten, vraag ik er even op door. ,,We kunnen ze zelfs niet meer inkopen", vertelt hij. Ik kan enige spijt in zijn stem horen, want ik ken hem als een groot muziekliefhebber. ,,Het hangt tegenwoordig af van de downloads". Dus... wanneer is de cd-single uit het straatbeeld verdwenen? Ik moet jullie het antwoord schuldig blijven. De laatste keer dat ik een cd-single de Top 40 in kocht, moet in 1997 zijn geweest...

Natuurlijk had je in de jaren tachtig eveneens de Nationale Hitparade en de Euro Top 30, maar toch heeft de Top 40 altijd méér geleefd in ons gezin. Ik ben veertien als de Top 40 de vijfentwintigste jaargang in gaat en dit wordt uitgebreid gevierd bij Veronica. Ik ben gelukkig woensdagmiddag om half één vrij en zo kan ik met de cassetteband in de aanslag luisteren naar 'Terug In De Tijd'. Gedurende 1989 gaat Bart Van Leeuwen een uur lang draaien uit een Top 40 uit het verleden, gelardeerd met originele geluidsfragmenten. Mijn broers hebben elk wel een paar t-shirts met een Top 40-formulier erop afgedrukt. Als Jelte het Hitdossier koopt, komt er een ernstige kentering in mijn schoolwerk. In plaats van huiswerk te maken, 'leen' ik zijn boek en begin de 'rijtjes' te leren: 'Spicks And Specks' nummer 2 in 1967, 'New York Mining Disaster 1941' nummer 4 in 1967, 'To Love Somebody' nummer 13 in 1967 en ga zo maar door... Voor de Top 40 zélf ben ik dan helemaal niet interessant, de enige platen die ik nieuw koop, hebben hun tijd erop zitten of maken geen schijn van kans op de hitparade (onder andere een 1989-heruitgave van 'Forever Autumn' van Justin Hayward).

De Top 40-bewustwording is pas tegen het eind van 1994. Na een bezoekje aan De Karre ben ik verslingerd geraakt aan 'Zombie' van The Cranberries en help deze een stukje verder in de Top 40. Vanaf dat moment neem ik regelmatig een Top 40-formulier mee als ik geld kom storten (of ophalen, meestal dat laatste...) bij de Rabobank. Deze heeft in die jaren de Top 40 'gekocht'. In de jaren 1995, 1996 en 1997 ben ik goed op de hoogte van de actuele Top 40. Ik koop geregeld cd-singles de hitlijst in, maar wacht bij anderen even af. Als ze al niet heel groot dreigen te worden, wacht ik liever een maand om ze voor vijf gulden uit de uitverkoopbak te halen. Omdat ik even de ambitie heb gehad om deejay te worden, heb ik in 1995 nog wel eens meuk gekocht. Denk: 'Sjeng Oan De Geng' en 'Waarom Nou Jij' (juist, waarom???). Meestal kon ik het me niet veroorloven. Een cd-single in een kartonnen hoesje (1 of 2 tracks) is op een stuiver na een tientje, een cd-maxi (3 of 4 tracks) is 15,95 gulden. Als ik het voor een tientje kan krijgen, is de keuze niet zo moeilijk. Er zijn maar weinig voorbeelden bekend waarbij de bonus-tracks interessanter zijn dan de hit. Ik moest ergens wel iets koesteren voor zo'n plaat wilde ik tot aanschaf overgaan. Toen ik terug kwam uit Engeland was de Nederlandse hitparade zó veranderd dat ik veertien jaar lang totaal geen interesse heb gehad in het fenomeen.

Sinds ik 'Floorfillers' doe op de zaterdagavond is daar verandering in gekomen. Natuurlijk is de show opgezet voor de 'dance classics', maar het is sinds een paar maanden dat ik steeds meer behoefte voel om juist nieuwe dingen te presenteren. Zo kan het gebeuren dat ik op mijn 38e plotseling weer reikhalzend uitkijk naar de nieuwe Top 40-lijst. Ik 'onderschep' alweer dingen in de Tipparade en druk daarmee wel een eigen(wijs) stempel op het programma. Natuurlijk moet het gezegd worden: Er is heel veel bende in omloop, maar daar staat tegenover dat er pareltjes tussen zitten. Voor de rest van Nederland mag 'Blurred Lines' van Robin Thicke en 'Wake Me Up' van Avicii de zomerhit zijn geweest, voor mij is dat zonder meer 'Clarity' van Zedd featuring Foxes. Een plaat die gedurende het afgelopen jaar op twee verschillende momenten in de Tipparade heeft gestaan, maar de Top 40 niet heeft gehaald.

Maar... voordat ik inhoudelijk met de Top 40 zou beginnen, laat ik het in dit bericht houden bij het instituut zélf. Mensen, dit kán gewoon niet meer! Toen de Mega Top 50/100 werd opgezet, ging deze ook meteen uit van 'airplay'. Iets wat ik nooit heb gesnapt, want een luisteraar cq platenkoper heeft totaal geen invloed op airplay. Het is de zendercoördinator die bepaald dat we naar Adéle moeten luisteren en niet naar één van de honderd andere talentvolle zangeressen zonder een hit. Er wordt ons dus voorgeschoteld wat we leuk moeten vinden en middels de plaatverkoop maakten we dit kenbaar. Maar nu... de cd-single is uit de schappen verdwenen en we halen onze mp3's alleen nog via iTunes en nog een paar sites legaal (en dus voor de hitparade) binnen. Je betaalt ongeveer 1 tot 1,50 euro per liedje. Dat is vijfmaal zo weinig als dat je in 1997 voor een cd-single moest betalen. Je hoeft zo'n zeiknummer als dat van Niels Geusebroek dus maar een heel klein beetje leuk te vinden om het legaal te downloaden. Als je een tientje of vijftien euro ervoor zou moeten betalen, waren er belangrijker zaken in het leven geweest. Zo'n cd-single kocht je slechts eenmaal, als je een tweede Ipod hebt gekocht en daar ook dat liedje op wilt hebben, is het nog steeds te verhapstukken om het opnieuw te downloaden. En dat heeft dan weer zijn weerslag op het verloop in de hitparade. Resultaat: We happen al negentien weken om in Avicii en Bakermat en 24 weken in Mr. Probz. Blij dat dat stomme 'Blurred Lines' nu eindelijk eens uit de lijst is, nu moeten ze het nog bij Sky Radio ontdekken.

woensdag 6 november 2013

Raddraaien: The Everly Brothers



Ik ben in blijde verwachting van een single die sinds een maand of vier hoog op mijn verlanglijstje staat. En dus zijn jullie in blijde (?) verwachting van een verse Singles round-up, want afgelopen vrijdag arriveerden eveneens vier nieuwe Blauwe Bak-aanwinsten. Dat hoop ik dus morgen of vrijdag te kunnen doen, gewoon zo snel als de verwachte single binnen komt. Voordat ik erover ga schrijven, wil ik graag wel even de b-kant 'checken' alsmede de kwaliteit van het 'nieuwe vinyl'. Ja, hij moest hagelnieuw zijn, maar ik heb vaker een heruitgave gekocht die klinkt alsof die drie wereldoorlogen heeft meegemaakt. Vandaag de 28e Raddraaier uit deze vijfde serie die we ruim voor het einde van de maand gaan besluiten. In de bak gemengde jaren zestig-singles staat 'That'll Be The Day' van The Everly Brothers 18 plekjes verwijderd van 'Rhapsody In Blue' van Ekseption en dus mag deze vandaag in de schijnwerpers staan. Een single die in Amerika gruwelijk in de 'bubbling under' is blijven hangen, maar in Europa zowaar voor een opleving zorgde voor het duo.

De single staat bij mij nog niet zo heel lang in de bakken. Ik heb deze in juli 2011 gekocht. Een 'kadootje', omdat ik die dag mijn 500e bericht publiceerde. Hij was niet duur en dat mocht ook niet, want ik wist van tevoren wel dat de plaat meer in de bak zou wonen dan daarbuiten. Een 'vullertje' voor toch nog wel een flinke verzameling singles van het duo. Vooral in het begin van mijn verzamelen had ik een enorm zwak voor hun vroege Heliodor- en Warner Bros.-plaatjes, tegenwoordig kan ik daar eenvoudiger aan voorbij lopen.

Isaac Donald wordt op 1 februari 1937 in de staat Kentucky geboren. Vader Ike Everly is muzikant en radiopresentator en het gezin verhuist geregeld. Als de kleine Don bijna twee jaar oud is, wordt Philip op 19 januari 1939 geboren in Chicago. Van hun geboorteplaatsen maken de broers weinig mee want vader neemt het gezin wederom op sleeptouw. Via Shenandoah in Iowa komen ze in het begin van de jaren vijftig terecht in Knoxville, Tennessee. Met hun ouders vormen de broers The Everly Family, maar bij aankomst in Tennessee is duidelijk dat de twee jongelingen klaar zijn voor hun eigen carriére. Middels hun vader komen ze in contact met Chet Atkins. Hoewel Atkins zelf verbonden is aan RCA, regelt hij in eerste instantie een contract met Columbia. Daar verschijnt een single die genadeloos flopt en The Everly Brothers zit weer zonder contract. Dan gooit Atkins het over een andere boeg: De broers kunnen immers ook zelf liedjes schrijven. Zo introduceert hij het duo bij Acuff-Rose, een populaire muziekuitgeverij. Wesley Rose neemt het stokje over van Atkins en helpt de broers vervolgens aan een contract bij Cadence Records, het nieuwe platenlabel van Archie Bleyer. Het eerste liedje dat het duo opneemt, is eerder door dertig andere artiesten afgewezen. Naar verluid is Elvis Presley één van hen. Het liedje heet 'Bye Bye Love' en is meteen een wereldhit. Voor de eerstvolgende jaren wordt het duo gekoppeld aan het schrijvende echtpaar Felice en Boudleaux Bryant en die combinatie is goed voor menig gouden plaat. In 1962 vindt echter al een verplaatsing in de muziek plaats, welke The Everly Brothers in Amerika buitenspel zet. Als dan de Britse Invasie ook nog eens goed op gang komt, lijken alle kansen verkeken. Maar toch... pak de verrekijker er maar eens bij: Daar aan de overkant van de plas. Wat gebeurt daar toch allemaal?

Inderdaad, terwijl The Beatles, The Rolling Stones en The Dave Clark Five Amerika totaal inpakken met hun ruige sound, krijgt Engeland te maken met een aantal groepjes die wel heel erg de kunst bij The Everlys hebben afgekeken. Vrijwel uit het niets staan 'That'll Be The Day', 'The Price Of Love' and 'Love Is Strange' opeens torenhoog in de Nederlandse hitparade en nodigt The Hollies de gebroeders uit om een plaat met hen op te nemen ('Two Yanks In England'). In 1968 maakt The Everly Brothers een mijlpaal in hun geschiedenis met de elpee 'Roots', nog altijd een album dat fier overeind staat. Na 1973 zijn de mannen even flink op elkaar uitgekeken en gaan met een fikse ruzie uiteen. Zo nu en dan is er een korte reünie, zoals in 1984 met de single 'On The Wings Of A Nightingale' en een paar jaar geleden nog tijdens een wereldtournee met Simon & Garfunkel.

Grappig detail: Vanaf 'Til I Kissed You' worden de hits van The Everly Brothers op de voet gevolgd door The Blue Diamonds. Arrangeur Jack Bulterman zit er bovenop en zodra die hoort van een nieuwe Everly-single, is hij in de studio met Ruud en Riem. In die tijd wordt er nog geen onderscheid gemaakt en is het liedje een hit voor zowel The Everly Brothers als The Blue Diamonds. Don en Phil hebben daar flink de balen van en laten zich meerdere malen uit over 'those leeches from The Netherlands'. Als de successen van The Everly Brothers rond 1962 opdrogen, moet The Blue Diamonds voor een ander repertoire kiezen, maar als 'That'll Be The Day' verschijnt, zijn ze er als de kippen bij. Het zal tegelijk de laatste Top 40-hit zijn van The Blue Diamonds.