zondag 8 september 2013

Schijf van 5: fantasie



Ik kan niet vaak genoeg benadrukken hoe 'toeval' een rol speelt in The Vinyl Countdown. Je hebt soms zo van die dagen, zoals vandaag, dat iedere plaat die je uit de bak tovert een winnaar is. Plaatjes die je in jaren niet hebt gehoord of juist degene die je altijd al eens de wereld wilde insturen. De speellijst van vandaag is bont: Van Gigliola Cinquetti tot King Crimson en van Stiltskin tot Nick Drake. Het mocht wel... Ik heb een razend druk weekend gehad en had gisteren het gevoel dat ik 'het' niet had. Hoewel er momenteel een lobby aan de gang is om Floor Fillers op de radio te houden. Waar ben ik aan begonnen? Van drie tot vijf in de zaterdagnacht? Mij niet gezien! Terug naar Soul-xotica. De zondag is inmiddels zo'n hectische dag geworden dat de Schijf van 5 in de toekomst wel vaker op maandag gepubliceerd gaat worden, zo verwacht ik. Maar nu heb ik nog wel even inspiratie om eentje te doen. Vandaag vijf titels over fantasie.

Het dreigt even een Schijf van 4 te worden, maar na een blik op Youtube hebben we zowaar een hagelnieuwe ontdekking gedaan. En die vinden we zó leuk dat die niet eens de hekkensluiter is. Nee, die eer valt te beurt aan een plaatje dat al klaar stond, louter vanwege het feit dat er 'fantasy' in de titel zit, want verder is het natuurlijk een oorwurm eerste klas. Een minder goed geconserveerde herinnering aan de zomer van 1982. De nummer vijf in de eerste Schijf na de zomerstop is 'Fantasy Island' van The Millionaires.

Ja, er is dus een lobby aan de gang. We wachten rustig af wat er van komt. Eigenlijk ben ik best wel een beetje trots dat ik het ei van Columbus heb uitgebroed bij Wolfman, vóór Floor Fillers was de 'feelgood'-dance zwaar in de minderheid, maar ik kijk er ook stiekem naar uit om weer op zaterdagnacht vrij te zijn. Dubbel gevoel dus... Bij het zoeken naar een vijfde stuit ik spontaan op een hagelnieuw plaatje dat ook mooi in Floor Fillers zou passen. Het is pas in mei van dit jaar verschenen: 'Fantasy' van het duo Juveniles. Klinkt als...? Electropop/disco uit medio jaren tachtig, de zang heeft iets weg van Depeche Mode. Bovendien smaakt deze ontdekking wel naar meer en heb ik ook nog heel veel 'klassiekers' over het hoofd gezien. Ik kan zo weer een serie Floor Fillers maken!

Op drie vinden we een groep die ik met terugwerkende kracht ben gaan waarderen. Verder is deze 'Fantasy' vooral een jeugdherinnering. Ik ben drie jaar oud als deze plaat prominent op de radio is en misschien heeft Henk deze wel op single gekocht. Toch veeg ik Earth Wind & Fire jaren later op de grote hoop van 'té gladde disco', maar kan het inmiddels wel weer waarderen. Twee jaar geleden was het wellicht de hekkensluiter geweest, maar Earth Wind & Fire staat vandaag op drie met 'Fantasy' (1978).

De introductie met The Vinyl Countdown is niet toevallig. Ik was van plan geweest om vanavond 'Return To Fantasy' van Uriah Heep in de album-versie te draaien, maar weer tot nader order uitgesteld. Ik heb echter wel King Crimson gedraaid en die stond nog veel langer op de verlanglijst. Voor deze Schijf van 5 geef ik toch de voorkeur aan de single-versie. Zoals bij meer rock-platen is die net ietsje directer en dat kan ik wel waarderen. En dus mag de tweede en laatste hitsingle van Uriah Heep uit mijn geboortejaar op de tweede plaats.

Over de nummer 1 valt niet te twisten. Ik reken 'Mr. Fantasy' van Traffic al jaren tot mijn favoriete albums. En dan met name de Amerikaanse versie. Daarop ontbreken twee Dave Mason-niemendallen, maar is die aangevuld met 'Hole In My Shoe' en 'Coloured Rain'. Bij de zoektocht naar de vijfde kom ik op een site terecht waar 'Dear Mr. Fantasy' wordt toegeschreven aan Grateful Dead, maar daar heb ik verder niet naar gezocht. 'Double Fantasy' van John Lennon wordt er ook als een liedje genoemd, maar die moet de man nog steeds opnemen. Bovenaan in deze Schijf van 5 staat de mooiste fantasie die er in mijn ogen bestaat: 'Dear Mr. Fantasy' van Traffic (1967). Omdat ik de albumhoes al eens had gebruikt en het niet als single is verschenen, heb ik maar een afbeelding gezocht van de bladmuziek.

Volgende week zondag draai ik in Het Pandje en zal die dag vast wel niet publiceren. Of de Schijf van 5 daarmee op zaterdag of maandag wordt geplaatst, moet ik nog even bekijken, maar het onderwerp wordt het dagelijks brood. Geen Herman, maar wel vijf titels met deze lekkernij.

zaterdag 7 september 2013

niet vergeten: KLF



Ik ben gisteravond, echt, vergeten om te publiceren. Toch hou ik het vandaag gewoon bij een bericht en morgen waarschijnlijk ook. Ik heb nog steeds geen onderwerp voor de Schijf van 5 bedacht, dus gebruik ik mijn fantasie en kom met een Schijf van 5 over fantasieën. Ik ga straks en morgen nadenken over geschikte kandidaten, het kan ook zo zijn dat die pas maandag wordt gepubliceerd. Mijn zondagen beginnen inmiddels goed gevuld te worden. Maar goed, straks ga ik weer 'in de lucht' met Floor Fillers en ik heb het voorgevoel dat het de laatste wordt. Volgende week doe ik samen met collega's Paul en Lee een Northern Soul-allnighter op Wolfman, de week erna treed ik op in De Buze. Dan blijft er nog één zaterdag over en zoals het nu lijkt zit ik na vanavond door mijn oorspronkelijke lijst heen. Of ik ga 'last minute' nog een Floor Fillers organiseren en samenstellen of ik doe iets volslagen anders. Zo'n Subspace-achtige show was best lollig, maar het juiste onderwerp wil me zo snel niet te binnen schieten. Ja, ik kan altijd een 'reisje' maken, maar waar naar toe en waarover? Ik heb desondanks toch wel wat te danken aan Floor Fillers: Ik ben de laatste weken anders gaan luisteren naar dansmuziek uit de jaren negentig. Muziek waar ik dan een enorme hekel aan heb, blijkt anno 2013 zeer fijn te smaken. Eén van die acts is KLF, hun 'Justified And Ancient' is sinds een maand een kleine 'hit' in huize Louwsma.

'Justified And Ancient' staat in de Top 40 genoteerd van 14 december 1991 tot en met 14 maart 1992. Dan hebben we meteen wel een hele markante periode uit mijn leven te pakken. Ik heb twee weken ervoor 'Smells Like Teen Spirit' van Nirvana gekocht en deze plaat heeft mijn leven op de kop gezet. Tot die tijd heb ik me vrijwel ondergedompeld in de muziek uit de jaren zestig en zeventig en plots sta ik met beide benen in de wereld van de alternatieve muziek. Op 1 februari 1992 schrijf ik mijn eerste recensie voor het Sneeker Nieuwsblad. Jutrijp is dan pas een paar maanden aangesloten op de kabel en MTV staat geregeld aan. KLF, dat stelletje lawaaimakers uit Engeland, komt ook geregeld voorbij. De samenwerking met de beschaafde country-zangeres Tammy Wynette heb ik nooit kunnen begrijpen. Maar ik maak me er ook niet heel erg druk over, want op het gebied van het gitaargeweld gebeurt er genoeg! Begin 1992 hang ik eveneens veel in 'T Hokje, ons clubhuis in Hommerts, en word in deze periode voor het eerst dronken en rook mijn eerste sigaretjes. Geen dank aan KLF.

Bill Drummond en Jimmy Cauty hebben beide een voorliefde voor cijfers. Daar kan ik me ook in vinden. Drummond is 33 jaar en vier maanden (33 1/3, als het toerental van een elpee) als deze besluit dat zijn leventje maar eens een omwenteling moest hebben. Hij werkt dan als A&R-manager bij WEA en heeft zodoende Echo & The Bunnymen en Teardrop Explodes onder zijn hoede. Drummond is zijn leven lang al geobsedeerd door de Illuminatis Trilogie, een esoterische roman, en bouwt met Cauty aan een filosofie die hierop gebaseerd is. Cauty heeft even daarvoor gespeeld bij de groep Brilliant, die in 1986 een heel klein hitje heeft met 'It's A Man's Man's World', maar nooit de verwachtingen waar heeft kunnen maken. Het is aanvankelijk het idee van Drummond om een hiphop-duo met Cauty te beginnen. De naam komt eveneens van Illuminatis: The Justified Ancients Of Mu-Mu, ook wel afgekort tot J.A.M.'s. Hiphop zal het nooit worden, maar binnen de electronische dansmuziek zorgt het duo wel voor een aantal veranderingen. Zo wordt KLF/JAM's verantwoordelijk gehouden voor de uitvinding van de 'stadium house': 'Rave'-muziek met een pop-productie gemixt met kreten uit een fictief publiek. Maar wie de groep nauwkeurig onder de loep neemt, herkent overeenkomsten met The Residents. En is hun hit 'Doctorin' The Tardis', als Timelords, niet stiekem de eerste 'mash-up' die in de hitparade terecht komt?

Justified Ancient Of Mu Mu brengt al hun platen in eigen beheer uit en dan ook nog in verschillende oplagen. Met iedere plaat is namelijk wel iets aan de hand. Vaak zijn er samples gebruikt waarvoor de oorspronkelijke schrijvers hun toestemming niet hebben verleend. Dit is meteen raak met de eerste plaat, 'All You Need Is Love', een wilde mix tussen The Beatles en Samantha Fox. We hebben het dan over het jaar 1987 en zo heet ook de eerste elpee. Daarop staat 'The Queen And I', waarop JAM's is los gegaan op 'Dancing Queen' van ABBA. Ook deze plaat moet vroegtijdig uit de handel worden gehaald. Drummond en Cauty gaan vervolgens met de overgebleven albums en een journalist van New Musical Express naar Zweden om ABBA te ontmoeten. Die laten zich niet zien en op de terugweg gooit het duo de overgebleven exemplaren van '1987' overboord. Na het uitstapje als Timelords, de eerste grote hit voor het duo, gaan ze verder als KLF. Nu richten ze zich meer op eigen nummers en zijn het niet de minsten die komen opdraven. Tammy Wynette zingt op 'Justified And Ancient', terwijl Deep Purple-zanger Glen Hughes 'America: What Time Is Love' zingt. KLF doet eveneens remixen, onder andere voor Pet Shop Boys. Neil Tennant is zwaar onder de indruk van de werkwijze van Drummond en Cauty. Ze remixen niet, maar herschrijven het compleet, met als uitgangspunt een akoestische gitaar. Het muzikale genie van het duo wordt echter dwars gezeten door de reputatie van hun optredens. Het optreden met Extreme Noise Terror tijdens de Brit Awards in 1992 vormt de slagroom op de taart: Bij de receptie na afloop van het feest laat KLF een dood schaap bezorgen. De boodschap is duidelijk: KLF bestaat niet meer. De gewonnen award wordt later opgegraven nabij Stonehenge. Er verdwijnt niet alleen een act, maar ook een volledige catalogus. Alleen 'The White Room' wordt in Amerika nog geperst door Arista, maar verder zijn alle platen en cd's van KLF en JAM's uit roulatie. Samen met de beperkte oplagen en de, door het duo zelf, verbrande platen, vormen deze al jaren een apart hoekje van de Britse platenverzamelaars-cultuur.

Het duo mag dan niet meer heel actief platen maken, wel komt het nog geregeld in het nieuws. Bijvoorbeeld in 1994 als ze, van de opbrengsten uit de KLF-verkopen, 1 miljoen pond in de hens steekt. In 1997 komt het nog eenmaal terug als 2K en 'Fuck The Millenium', in Nederland staat het twee weken in de Tipparade. Dan heb ik het verhaal nog kort en bondig proberen te houden, want je kan een boek schrijven over dit merkwaardige avontuur.

donderdag 5 september 2013

Raddraaien: Willem Wip



Als deze plaat een week geleden bij Raddraaien uit de bus was gekomen, had ik deze vast terug gezet en een ander uitgekozen. Maar het is sinds gisteren dat ik iets meer weet over deze plaat en dus gaan we die vers opgedane kennis meteen tentoon spreiden. Ik weet zo snel niet meer waar en wanneer ik deze plaat op de kop heb getikt, maar het is nog vrij recent. Minder dan vijf jaar geleden. De titel en de artiestennaam doen me gniffelen. Hier moet ik meer van weten. Helaas blijkt het op papier leuker te zijn dan in werkelijkheid. Dit bericht gaat een stukje korter worden dan gewoonlijk, het is al laat en ik wilde beslist vandaag nog publiceren. Bovendien is er ook weer niet zoveel te vertellen over Willem Wip en diens' 'Wat Heb Ik Voor 'N Wijf' (1980).

Ik heb Karel leren kennen via de muziekfora waarop ik de afgelopen jaren actief ben geweest. Bij binnenkomst op het Steenen Tijdperk Forum, november 2008, kreeg ik meteen een berisping van hem toen ik meende 'het ene en het ander' te kunnen vertellen over 'I Love You' van Larry Cotton. Daarmee sloeg ik de plank mis en Karel gaf een correctie aan, die achteraf helemaal blijkt te kloppen. Je hebt Nederpop-verzamelaars in verschillende maten en vormen. Karel is iemand die niet alleen tevreden is met een plaatje, maar meteen het hele verhaal wil weten. Een journalist in hart en nieren. Zodra hij de ware naam van een artiest heeft ontdekt, pakt hij het telefoonboek erbij en gaat willekeurig mensen bellen om deze artiest op te zoeken. In negen van de tien gevallen lukt hem dat ook. Petje af! Hij heeft mij ooit iets aangegeven bij een persoonlijke zoektocht, maar had niet het lef om zomaar te gaan bellen. Een paar jaar geleden is Karel begonnen met www.nldiscografie.nl, een site waar zijn vergaarde kennis omtrent Nederlandse singles is verzameld. Ja, het draait hem om vinylsingles die in Nederland zijn gemaakt. Het loopt dus uiteen van rock'n'roll, beat en hardrock naar iedere piratentopper die in de loop der jaren een vinylsingle heeft mogen opnemen. Sindskort heeft NLdiscografie een Facebook-pagina waar hij ons geregeld 'zoekplaatjes' voorschotelt evenals nieuwe toevoegingen aan zijn database. En zo leerde ik gisteren kennen dat Willem Wip niemand minder is dan... Johnny Blenco!

'Een man die meer platen op zijn naam heeft staan dan menigeen', schreef Karel op Facebook. De discografie op zijn site laat daar geen twijfel aan over. Wie de catalogus van James Brown bekijkt, kan geloven dat die iedere week een plaat aan het opnemen was. Datzelfde geldt ook voor Blenco, maar die heeft het onder een veelvoud van namen gedaan. Hoewel Karel een slag om de arm houdt met de jaartallen, moet Blenco's eerste plaat in 1961 zijn verschenen: 'Teenagertraum'. Tot en met 1975 is hij alleen onder de naam Johnny Blenco actief en neemt verschillende schlagers en Nederlandstalige liedjes op. Ook een aantal in zijn moedertaal, want Jef Vriezelaar is in 1938 in Maastricht geboren. Op deze Limburgse singles wordt hij vaak bijgestaan door Beppy Kraft. Opvallend is ook dat bepaalde singles voor meerdere platenlabels uitkomen. In 1971 vormt hij een kortstondig duo met Anja (als Anja & Johnny). Als ik me niet vergis, zat die in november in de parlando-Schijf van Peter. Vanaf 1977 is het pas echt feest met Johnny Blenco. Als Jan Petat verschijnt menig plaat, de singles van Johnny Sex zijn klassiekers in dat genre. Dat genre is dan het betere schuine lied... In 1980 verschijnt dan 'Wat Heb Ik Voor 'N Wijf' als Willem Wip. Blenco blijft tot en met 1990 actief in de muziek. Hij is naast zanger ook componist/tekstdichter, producer en eigenaar van een platenmaatschappij.

En dan is het verhaal wel verteld en kan ik straks proberen eens even wat te slapen...

woensdag 4 september 2013

Singles round-up: september 2



De verwachte single uit het verre Zweden is eveneens binnen gekomen en dus kan ik jullie vandaag wederom negen singles presenteren. The Jags komt bij de kringloop vandaan, Eddie Holman komt uit Zweden en de rest heb ik bij Minstrel opgescharreld.

* Eddie Holman- Where I'm Not Wanted (UK, Goldmine, 1965)
De vierde single uit de lang lopende 'Sevens'-serie, deze uitgave is van 1996. Hoewel ik de plaat voor de andere kant heb gekocht, noem ik toch Eddie Holman als de a-kant. Het werd namelijk eens hoog tijd dat ik een Eddie Holman in mijn koffers kreeg. Ik zoek al een tijdje naar een betaalbare 'Eddie's My Name', maar dat is een illusie. Er zijn héél veel deejays die naar dit bewuste nummer zoeken. Zijn jaren zeventig-dingen zijn beter bereikbaar en ook die hebben Holman's markante stem, maar zijn muzikaal iets te glad voor mijn smaak. 'Where I'm Not Wanted' is een perfecte oplossing. Het nummer is in 1965 via Harthon uitgebracht en dus tegenwoordig onvindbaar. In de jaren tachtig is er een Soul Beat-persing geweest, maar deze Goldmine is kwalitatief veel beter. De andere kant, voor mij de belangrijkste, is 'You Need Love' door Irma & The Fascinators. Dat is de muziek van 'Shing-A-Ling' van The Cooperettes met een volslagen andere tekst en zanglijn. Over dat groepje is niks bekend, het is oorspronkelijk in 1966 opgenomen, maar nooit officieel uitgebracht. Het is in de jaren tachtig ook als bootleg verschenen, toen als b-kant van 'She's Wanted' van Larry Clinton.

* The Jags- Back Of My Hand (NL, Island, 1979)
Eén van de plaatjes die ik te danken heb aan meneer Wolfman van het gelijknamige radiostation. Hij draaide het eens in zijn show en ik heb toen mijn voelsprieten uitgezet. Wát een leuk nummer, maar totaal vergeten. Ik denk dat ik hem zondag zijn rondjes laat draven in 'The Vinyl Countdown'.

* Ben E. King- I Can't Break The News To Myself (UK, Atco, 1965)
Een recente promo van de cd-box 'After Hours 2'. Ja, het tweede deel met meer niet-voor-de-hand-liggende kantjes uit de catalogus van Warner Brothers en Atlantic. 'You Hit Me' van Alice Clark is net zo'n promo, maar dan van het eerste deel. Ben E. King zal solo altijd blijven herinneren aan 'Stand By Me' en 'Spanish Harlem' en doet het ook hier. Toch wordt het tempo iets opgeschroefd, waardoor het geschikt wordt voor de Northern Soul-dansvloer. Op de andere kant staat 'Something New To Do' van Bobby Sheen, een kantje uit 1972 en die klinkt ook meteen een stuk moderner dan Ben E. King, maar desondanks ook een fijn kantje. King blijft dan toch de favoriet voor mij.

* Peaches & Herb- Close Your Eyes (US, Date, 1967)
De allereerste hit voor Peaches & Herb en ook nog met de originele Peaches. Terwijl Herb decennia lang dezelfde is gebleven, wisselde hij na 1968 vaker van Peaches dan van onderbroek. In 1971 wisselde hij Peaches in voor De Riwi's. O nee, dat is een andere Herb... Tja, wat moet je zeggen over 'Close Your Eyes', tien trappen te langzaam, maar toch... Ik heb een zwak voor zo'n fleurig groen Date-label en dus heb ik hem voor weinig mee gekregen. Leuk voor de heb!

* Wilson Pickett- Land Of Thousand Dances (UK, Atlantic, 1966)
Is eigenlijk de b-kant van een heruitgave uit 1976, de a-kant is 'In The Midnight Hour'. Het leek me wel grappig, twee dansvloer-kneiters op een single. Helaas laat de kwaliteit te wensen over. Hoewel er 'stereo' op het label staat, krijg ik slechts over een kanaal geluid. 'Midnight Hour' heeft ook de nodige 'distortion'. Nee, dan kies ik toch voor 'Land Of 1000 Dances' als mijn kant en dat heeft de vorige eigenaar eveneens gedaan. Toch een beetje jammer van de summiere geluidskwaliteit.

* James & Bobby Purify- Do Unto Me (NL, Stateside, 1967)
De originele Nederlandse uitdossing, maar helaas zonder fotohoesje. Toch een zonnig prijsje voor een fraaie 'double-sider'. Bij mij slaat het metertje over naar de b-kant: 'Everybody Needs Somebody'.

* Otis Redding & Carla Thomas- Knock On Wood (UK, Stax, 1967)
Ik had al de Duitse Atlantic met (gescheurde) fotohoes, maar zo'n lichtblauwe Engelse Stax is té leuk om te laten liggen. Hij klinkt ook nog eens beter!

* Dee Dee Sharp- Mashed Potato Time (US, Cameo, 1962)
Altijd feestelijk die Dee Dee Sharp-plaatjes, zeker als het een originele Amerikaanse persing is.

* André Williams- Pearl Time (Spanje, Vampisoul, 1967)
Een heruitgave van een paar jaar geleden: 'Pearl Time' is hier de b-kant van 'Rib Tips Parts 1 & 2', maar ik geef de voorkeur aan 'Pearl Time'. Dat het plaatje via een Spaans label is uitgebracht, vertelt het verhaal voor een groot deel. De Engelsen moeten hier namelijk niks van hebben. In Europa is André Williams een cult-figuur en zeer gewaardeerd in kringen van de soulvolle garagerock'n'roll. In de jaren negentig heeft Williams een plaat opgenomen met de Groninger band Green Hornet en dit maakt dat deze heruitgave in Zwolle stof ligt te happen. Het wordt in deze kringen liefkozend aangeduid als een 'tittyshaker'.

dinsdag 3 september 2013

Singles round-up: september 1



De komst van een nieuwe Blauwe Bak Top 40 was even onzeker. Het had wellicht een Top 20 geworden of misschien wordt dat het nog steeds wel. Toch heb ik vanmiddag even flink boodschappen gedaan, maar dan vooral in kwantiteit. Hoe je het ook wendt of keert, je hebt toch veertig platen nodig voor zo'n top veertig. Er zitten een aantal 'groeiplaten' tussen. Opnieuw blijkt weer dat je als Northern Soul-jager in het noorden des lands over veel mazzel moet beschikken, want het meeste wat ik vanmiddag heb opgescharreld, valt beneden de Northern Soul. Voor de prijs waarvoor ik één Lillian Dupree kocht, had ik vanmiddag maar liefst veertien singles. Drie bij de kringloopwinkel voor twee euro en ik ben in blijde verwachting van 'a dream come true', die hoop ik morgen te ontvangen en te presenteren. Vandaag behandel ik de eerste negen, morgen de overige helft.

* Ambrosia- How Can You Love Me (NL, WEA, 1982)
Vanaf het UWV is het erg logisch om eerst langs de kringloopwinkel te gaan. Daar koop ik ondermeer deze Ambrosia. Daarna zou ik naar Diskid, maar die blijkt alleen van woensdag tot en met zaterdag open te zijn. Dan in één ruk verder naar Minstrel voor het merendeel van de singles. Ambrosia. Ik ken het vaag van hun 20th Century-platen uit de midden jaren zeventig en móet deze jaren tachtig-single gokken. Hij is namelijk slechts vijftig cent. Bij thuiskomst is het een teleurstelling. De a-kant klinkt als Fleetwood Mac met Lindsey Buckingham op leadzang, de b-kant klinkt 'zwarter'. Toch is geen van beide kanten interessant voor een soul-show, maar als popliedjes zijn ze niet slecht. Voor vijftig cent mag je niet klagen, toch?

* Brenda & The Tabulations- I Keep Coming Back For More (US, Chocolate City, 1977)
Brenda & The Tabulations is zo'n naam die generaties mee gaat en ze maken in tien jaar enkele metamorfoses door. Begonnen als pure meidengroep maken ze rond 1970 een paar heerlijke 'deepies', maar zit de formatie in 1977 diep in de disco. De plaat klinkt aan beide kanten echter zó vrolijk en 'catchy' dat ik het wel aandurf om hem tussen wat Modern Soul-dingen in te planten. Een reden voor veel van deze platen van vandaag en ook deze, is dat ze spotgoedkoop waren. Er kon erg veel vanmiddag, hoewel ik kritisch ben gebleven.

* The Caravelles- Gonna Get Along Without You Now (Zuidafrika, Decca, 1964)
Het Engelse groepje The Caravelles heeft voor deze single twee stokoude liedjes uitgezocht, waarvan een rechtstreekse kopie is gemaakt. Met als resultaat dat beide kanten ver onder de twee minuten eindigen. 'Gonna Get Along Without You Now' is bij de massa het beste bekend in de hitversie van Viola Wills, maar The Caravelles heeft zich gebaseerd op die erg geinige uitvoering van Patience & Prudence uit 1955. Een-minuut-achtendertig valt in 1955 nog wel binnen de norm voor een single, maar in het geval van The Caravelles is het een 'duur' schijfje vinyl. 'Have You Ever Been Lonely', de b-kant, meet drie seconden meer. Als Northern Soul is het niet geschikt, maar als liefhebber van meidengroepen is dit wel een essentieel dingetje.

* Roger Daltrey- Without Your Love (NL, Polydor, 1981)
Natuurlijk had ik die al, maar er staat me iets van bij dat die krom getrokken is of een dergelijk euvel. Dan is dit exemplaar met fotohoes voor 75 cent best aantrekkelijk. Bovendien is het een nummer met eeuwigheidswaarde voor mij. Bij de beluistering van vanmiddag viel me opeens de plukkende bas op. Dat moet Herbie Flowers zijn geweest? Denk het wel, want 'Without Your Love' is een Jeff Wayne-productie en de aanwezigheid van Billy Nicholls als tekstschrijver duidt erop dat Flowers ook vast in de buurt is geweest. Voor een verhaaltje over Herbie Flowers verwijs ik jullie graag naar 'Bloemen voor Mr. Bassman' dat ik vorig jaar juli heb gepubliceerd.

* Eddie & Ernie- That's The Way It Is (US, Eastern, 1964)
Eddie Campbell en Ernie Johnson. De plaat doet aanvankelijk aan als een bootleg, maar blijkt helemaal origineel. De plaat is maar liefst driemaal uitgebracht, de eerste keer met 'That's The Way It Is' als b-kant. Op de Eastern-uitgave is 'Time Waits For No One' reeds de a-kant, maar zelf kies ik voor 'That's The Way It Is' als belangrijkste kant. Ik had de plaat zelf iets later in geschat, maar nu blijkt het zelfs een verre voorloper van het Sam & Dave-geluid te zijn. De plaat wordt met de minuut interessanter! Gaan we misschien wel meer van horen?

* Shelley Fabares- Johnny Loves Me (US, Colpix, 1962)
Er staat me iets van bij dat Shelley Fabares best een interessant dingetje had opgenomen, iets met 'Johnny'. Nu blijkt dat ze wel enkele 'Johnny's' heeft opgenomen in de vroege jaren zestig, maar ik denk eerder dat ik mezelf vergis. Zeker als je afgaat op 'Johnny Loves Me', net iets te truttige doowop. De b-kant, 'I'm Growin' Up' is in dezelfde truttigheid zó charmant dat ik de hand over het hart haal. Best uniek, want ik heb een aantal singles laten liggen die bij benadering meer Northern waren dan deze. Fabares is uiteraard het meest beroemd als actrice.

* Willie Hightower- Hungry For Your Love (US, Mercury, 1973)
Die had ik ook al, maar in een veel mindere staat. En dan is twee euro opeens leuk genoeg om hem te vervangen. Eigenlijk is 'Hungry' de b-kant, maar het is de enige kant die ik nog wel eens draai.

* Marsha Hunt- Keep The Customer Satisfied (D, Polydor, 1970)
Hoewel ze beide gewaardeerde namen uit de mod-beweging zijn, heeft The Who toch nog een appeltje te schillen met The Small Faces. Deze hebben in 1967 P.P. Arnold geïntroduceerd bij het rock-publiek en The Who is achtergebleven met het overhalen van een zwarte Amerikaanse soul-zangeres. Marsha Hunt is hun troef. Marsha is één van de artiesten, buiten The Who, die wordt getekend bij Track. Ze zingt covers, waarbij de muziek vaak iets teveel naar de rock neigt. 'Walk On Gilded Splinters', een cover van een Dr. John-nummer, is nog enigszins leuk, maar mijns inziens mist ze de boot in 'Keep The Customer Satisfied'. De oerversie van Simon & Garfunkel heeft zowaar meer 'soul'. De winnaar van deze single is 'Desdemona', een Marc Bolan-nummer voor diens' eerste groep John's Children, die eveneens onder contract van Track heeft gestaan. Dit wordt bijna een gospel-feestje. Deze single is overigens in de 'Golden Greats'-serie en is omstreeks 1981 uitgebracht.

* Millie Jackson- My Man, A Sweet Man (België, Polydor, 1972)
Een eigenaardig ding. Het hoesje vermeldt dat het uit de een 'gouden oldies'-serie komt, maar alles wijst erop dat dit gewoon de 1972-uitvoering is. Inclusief 'Gotta Get Away' op de b-kant, dat in 1972 ook op de keerzijde stond. En ook Discogs geeft aan dat het de originele 1972-er is. Vreemd gevalletje dus...

Week Spot: Yvonne Baker



Het ontbreken van de Schijf van 5 op zondag is geen bezwaar geworden. Ik kondigde het gisteren al iets aan. Ik moest vandaag voor een afspraak in Zwolle zijn. Half twaalf 's ochtends en een gesprek van een uur. Dat liep uit tot anderhalf uur, maar gaf me nog steeds ruim de kans om het hele centrum van Zwolle door te zwalken op zoek naar vinyl. Ik vreesde even voor de Blauwe Bak Top 40 aan het eind van deze maand, maar sinds vanmiddag begin ik er weer in te geloven. Over de aard van de afspraak kan ik kort zijn, maar is op zichzelf best wel goed bericht: Mijn wsw-indicatie is met vijf jaar verlengd. Het blijft natuurlijk afwachten hoe het gaat komen met de sociale werkvoorziening, maar die indicatie kunnen ze me niet afpakken. Ik presenteer jullie in het volgende bericht de eerste 9 singles uit de vangst van vanmiddag, morgen de overige acht plus, hopelijk, de single die uit Zweden moet komen. Eerst ga ik de nieuwe Week Spot aan jullie voorstellen. Niet bepaald een nieuwkomer: De single stond hoog genoteerd in de laatste Blauwe Bak Top 40 en als we het over een staalharde klassieker hebben..., dan komt deze in aanmerking voor dat predikaat: 'You Didn't Say A Word' van Yvonne Baker (1966)

Ik heb zojuist geprobeerd te achterhalen waar de plaat zijn 'roots' heeft, maar weet dat niet met zekerheid vast te stellen. Gezien de héle vroege commerciële heruitgave, heeft deze plaat niet langer dan twee tot drie jaar in de obscuriteit verbleven. En dan hebben we het over 1969. In dat jaar zijn er alleen The Torch in Stoke-On-Trent, The Twisted Wheel in Manchester en The Catacombs in Wolverhampton. Zélf vermoed ik dat het een ontdekking is geweest van Farmer Carl Dene en dus aan de laatste club toebehoord, maar het is voor vriend Dave Redshaw van de Hinckley Soul Club-pagina onmogelijk geweest om álle ontdekkingen van Dene af te drukken op zijn site. Hoewel 'Getting Mighty Crowded' van Betty Everett in 1967 één van de eerste Northern Soul-platen is en deze in 1965 in de Britse top 30 heeft gestaan, zijn de regels voor Northern Soul meteen al wel bekend. Het mogen geen (grote) hits zijn geweest. Wat dat betreft valt deze van Yvonne Baker helemaal binnen die grenzen. De plaat verschijnt in 1967 en flopt genadeloos. Ongeveer drie jaar later wordt die opgemerkt door een stel Engelse deejays en vanaf 1972 is de plaat binnen handbereik voor het grote publiek. Veel 'exclusief' spul dat via commerciële persingen of bootlegs zijn weg naar de consument vond, ging in de Northern Soul op de zwarte lijst. Toch zijn er van die klassiekers die dat altijd zullen blijven, ook al bereiken ze morgen de eerste plek in de Top 40. Yvonne Baker is daar één van.

In 1954 komt in Philadelphia de doowop-groep The Cavaliers voor het voetlicht. Stralend middelpunt is zangeres Yvonne Mills. Voordat de groep bij Atco tekent, verandert het de naam in The Sensations. 'Yes Sir That's My Baby' en 'Please Mister Discjockey' zijn twee grote hits op de rhythm & blues-lijst in 1956. Ulysses Kae Williams, één van de vroegste blues-deejays op de Amerikaanse radio, is in 1957 de manager van The Sensations, maar toch valt de groep kort daarna uiteen. Yvonne Mills verlaat de muziek-business om in het huwelijk te treden en een gezinnetje te starten. In 1961 meent voormalige Sensation en bas-zanger Alphonso Howell dat het tijd is voor een reünie en benadert Yvonne Mills. Deze draagt dan de naam Yvonne Mills Baker en ze stemt ermee in. Met Richard Curtain en Sam Armstrong tekenen ze een vers contract bij Argo, een kleiner onderdeel van Chess. Met 'Music Music Music' laat de groep zien dat ze terug is en de plaat is een doorslaand succes op de rhythm & blues-lijsten. Dan volgt in 1962 'Let Me In', die het zelfs tot een vierde plek op de reguliere hitparade brengt. Ook in Nederland is 'Let Me In' een grote hit. Hier worden de platen van The Sensations gedistribueerd door Artone-Funckler en dus hebben deze al heel vroeg fotohoesjes. Zo zien we op een hoesje op de site van Peter, www.singlehoesjes.nl, dat Yvonne Baker een paar jaar later al heel prominent wordt gepresenteerd als frontvrouw. Bovendien heeft het zijn weerslag op de solo-carriére die volgt voor Baker. Ze heeft immers al vier jaar geen grote hit gehad met The Sensations (en de groep loopt op zijn laatste benen), als ze toch een contract bij Cameo Parkway weet los te peuteren.

The Sensations zélf is na 1962 totaal inwisselbaar. Dave Rimmer van Soulfulkindamusic durft zich niet te wagen aan de personele bezettingen van The Sensations. Yvonne's eerste single is 'Foolishly Yours' uit 1962, maar deze is in dezelfde tijd voor en hetzelfde label opgenomen als The Sensations-dingen. Ik vermoed dus dat dit een Sensations-plaat is met een duidelijke leadzang van Yvonne. Een soort 'Death Of A Clown' voor Dave Davies en The Kinks. In 1967-68 verschijnen er twee singles van Baker solo en de eerste is de Week Spot van deze week: 'You Didn't Say A Word'. De plaat geldt tot op de dag van heden als één van de meest gedraaide platen bij Northern Soul-feesten. Veel van deze 'hits' worden dan als 'overplayed' bestempeld, maar dat is niet het geval bij Yvonne Baker. De plaat getuigt zó van een klasse en heeft zo'n lekker tempo, deze smaakt altijd! Originele exemplaren die in de magazijns van warenhuizen liggen te verstoffen, vinden binnen een paar jaar hun weg naar de liefhebbers. Tegenwoordig zijn ze bijna onvindbaar en peperduur als er een origineel opduikt. De plaat is in de loop der jaren heel vaak 'vervalst', er bestaan enkele label-variaties en... verschijnt in 1972 'gewoon' als nieuwe single. De andere kant van het plaatje bevat 'Night Owl' van Bobby Paris. Over klassiekers gesproken? De mijne is de bovenstaande Parkway-uitdossing, vorig jaar opnieuw uitgebracht door Outta Sight. Deze is er met twee verschillende b-kanten en ik heb even moeten zoeken. De ander bevat 'Country Girl' van Vicky Baines, maar die vind ik niet echt interessant. 'Pictures Don't Lie' van Hattie Winston is dat wel en die staat hier op de flip.

Direct nadat ik dit bericht heb gepubliceerd, ga ik aan de slag met de eerste Singles round-up van deze maand, het tweede deel krijgen jullie morgen.

maandag 2 september 2013

Raddraaien: Public Image Ltd.



Vorige week maandag was het opeens daar... De vakantie-modus! 'Het hoeft niet snel, zolang we er maar komen'. Dat idee. Vandaag was mijn eerste werkdag en hangend op een bureaustoel merkte ik opeens op: 'Het lijkt net vakantie'. Nee, ik verwacht dat het zeker nog een week gaat duren voordat ik deze vakantie-modus ben ontgroeid en dat de beuk er weer in gaat. Als Soul-xotica-volgers hebben jullie daar in zekere zin ook mee te maken, want waar is de Schijf van 5? Tja, de zondagen zijn sinds The Vinyl Countdown toch wel een beetje bezet geraakt, dus kan het vaker voorkomen dat ik pas maandag publiceer van die dag. Bovenal was ik vergeten om over een thema na te denken en dus stel ik woensdag of donderdag een thema voor. Ik heb morgen overdag een afspraak in Zwolle en dan verder lekker vrij. Ik denk dus dat ik deze week nog wel een extra bericht over wat plaat-aankopen kan doen. Er is immers ook nog een gewild plaatje onderweg vanuit het verre Zweden. Vandaag houd ik het dan maar bij een simpele aflevering van Raddraaien. Gelukkig zijn de kappers in de regio Zwolle me gunstig gezind en schotelen ze me een vrij eenvoudige opdracht voor: 'This Is Not A Love Song' van Public Image Ltd. (PIL).

Punk. Drie akkoorden of minder. Een hoop kabaal weinig wol. Pretenties is een vloekwoord. En toch..., schijn bedriegt. Okay, een Sid Vicious haalde alles uit zijn bas wat binnen zijn macht lag en dat zijn over het algemeen beginners-verschijnselen. Ik leerde tijdens mijn verblijf in Engeland Magazine kennen. Magazine werd in 1978 opgericht door Howard Devoto, voormalig zanger van The Buzzcocks, die het binnen een jaar helemaal met de punk had gehad. Hetzelfde geldt bijna ook voor de hoofdrolspeler in deze aflevering van Raddraaien: John Lydon. Tot voor kort bekend als Johnny Rotten, de brulboei in de schrik van Engeland en ver daarbuiten: The Sex Pistols. Hij wil echter na zijn vertrek niets meer weten van de naam 'Johnny Rotten' en daar heeft de man ook enig recht toe. Waar Magazine met een symfonisch geluid haaks stond op de puntige punkrock van The Buzzcocks, daar is de 'output' van Public Image in vergelijking tot The Sex Pistols ook echt een 'aardappeltje anders'. Even later laat Lydon, die even daarvoor nog riep dat 'hippies verbrand moesten worden', weten stiekem onder de dekens naar Can en Third Ear Band te luisteren. Nu is Krautrock niet bepaald 'mainstream', maar het is wel behoorlijk zwevend als je het naast de punk legt. In Sex Pistols liet Lydon zijn rebellerende kant zien, in Public Image toont hij zijn ware muzikale gezicht.

Sex Pistols is feitelijk al ten einde als Lydon met Virgin-baas Richard Branson naar Jamaica vliegt om samen reggae-artiesten te scouten. Branson probeert hem nog te lijmen aan Devo, maar die laatste band gaat niet in op het aanbod. Weer terug in Engeland zoekt Lydon zijn oude maat John Wardle op. Op aanraden van Lydon koopt die laatste een basgitaar en blijkt een inventief natuurtalent. In hun jeugdjaren was Lydon eens zo dronken geweest dat hij Wardle's naam niet goed kon uitspreken, de laatste heeft er zijn pseudoniem aan over gehouden: Jah Wobble. Hoewel Lydon in de evolutie van Public Image Limited de enige vaste kracht is gebleken, is de invloed van Wobble eveneens groot. Maar laten we ook zeker gitarist Keith Levene niet vergeten. Deze heeft een gitaar met een aluminium klankkast, wat een ongehoord geluid geeft, en dat niet veel later door The Edge van U2 prominent zal worden overgenomen. PIL is de eerste band die Krautrock in een mix gooit met dubreggae. Later zal het beschouwd worden als de voorloper van de zogenaamde postrock-bands.

De revolutionaire muziek uit de beginperiode in ogenschouw nemende, is het ietwat schrikbarend dat PIL in Nederland echter bekend is van het nihilistische disco-dreuntje 'This Is Not A Love Song'. Hier horen we wederom de rebelse kant van Lydon, hoewel de man nooit veel beter heeft gezongen en daardoor al snel een karikatuur van zichzelf wordt. Het staat op 'This Is What You Want, This Is What You Get', het album uit 1984. PIL moet het vooral van dat laatste medium hebben, hoewel de platenmaatschappij singles blijft uitbrengen. Ik zie in de lijst van Engelse hits ook nog 'Don't Ask Me' uit 1990 staan. Die zou ik moeten hebben, in 1998 nog van Mike gekregen, maar... ik heb de plaat sinds 2001 niet meer gezien (of gehoord). Kon ik dus wel eens kwijtgeraakt zijn. Zullen we maar meteen doorstomen naar recente jaren? Lydon heeft in 2009 een reclamespot opgenomen voor een merk boter en investeert iedere cent die hij uit de campagne krijgt om PIL weer in de benen te krijgen. Hij slaagt erin, maar iedere verdiende cent is daarmee weg. Zo staat Lydon voor het eerst sinds 1992 weer op de bühne met een nieuwe incarnatie van PIL. Tijdens de eerste tournee in deze uitdossing laat Lydon weten dat hij van de opbrengsten van een maand optreden eveneens een plaat wil opnemen. Of er moet een platenmaatschappij om de hoek komen. Zijn contract met Virgin is reeds in 1992 afgelopen en anno 2012 is er geen bestaande maatschappij die brood in hun ziet. Lydon brengt het album dan maar in eigen beheer uit: 'This Is PIL'. Hij heeft de distributie goed voor elkaar, want het album bereikt zelfs een 35e plek in de Engelse albumlijsten.

Morgen ga ik jullie de nieuwe Week Spot presenteren. Na de meer recente ontdekking (1986) van Melba Moore en een aantal 'under the radar'-Week Spot's is die van morgen een héle grote échte klassieker uit de Northern Soul. Een plaatje dat al meedraait sinds de late jaren zestig.