maandag 8 juli 2013

Schijf van 5: zilver



Dat had ik zaterdag goed ingeschat. Ik heb gisteren overdag héérlijk gefietst en was na de show té moe en ongeïnspireerd om een stukje te schrijven. Qua fietsen was het niet echt 'kilometerknallen', zo'n 70 kilometer in de 'relax-modus'. Het was een uitgestippelde ANWB-route, De Weldadigheid, en cirkelde tussen Steenwijk, Vledder en Appelscha. The Vinyl Countdown ging in dezelfde modus, buiten de eerste plaat en een paar beloftes om wist ik niet welke kant het op ging. En toen kwam de veiling. Ik had om zeven uur mijn maximumbod verhoogd tot een abnormaal bedrag en werd in de laatste drie seconden overboden. Eigenlijk ben ik wel blij, want het was me iets té gortig. Ter compensatie heb ik nieuwe naalden gekocht en ben ik in blijde verwachting van één van de allermooiste soulplaten die ik ken. Daarover later meer. Vandaag haal ik de Schijf van 5 in, vandaag vijf zilveren platen.

Ik liep nog te twijfelen vanavond. Ik meende dat we een 'rode' Schijf zouden hebben en had verrekt weinig inspiratie voor deze Schijf. Tot mijn grote opluchting bleek het om zilver te gaan. Ik heb even stevig na gedacht, maar kon niet tot hele spannende en exotische nummers komen. De zilveren plaatjes uit deze Schijf zijn allen Top 40-hits geweest. Met de nummer vijf neem ik het doorgaans niet zo nauw, het is immers 'maar' de hekkensluiter. En dat geldt ook voor de zilveren nummer vijf, een lekker irritant deuntje, maar toch ook wel weer smakelijk op zijn tijd. De nummer vijf is van Diesel en heet 'Down In The Silvermine' (1979). Dan gaan we nu een duik nemen in dezelfde mijn om de echte parels op te duiken.

Wat te denken van BZN? Nee, buiten 'Don't Say Goodbye' heeft die groep naar mijn mening na 1975 weinig goeds meer gedaan. Die jaren ervoor zijn erg interessant. Charmante popsingles als 'Maybe Someday' en 'Waiting For You' met kort daarna woeste hardrock. Ja, dat woord is lachwekkend als je BZN enkel van Anny Schilder en Carola Smit kent, maar BZN was 'mean business' in de vroege jaren zeventig. 'Mother Can You See Me' uit eind 1969 is baanbrekend, ongehoord voor die tijd! 'Bad Bad Woman' (1971) is een Quo-achtige boogie die ik nog steeds graag hoor, maar 'I Can't See' uit 1972 is de grote verloren parel. In 1974 rockt BZN nog altijd en brengt ons dan 'Sweet Silver Annie' en deze staat vandaag op vier. Na het vertrek van zanger Jack Veerman in 1976, wilde BZN het tienjarig jubileum vieren met een duet met een zangeres. De rest is geschiedenis...

BZN kon zich best meten met buitenlandse collega's. Leg 'Sweet Silver Annie' maar eens naast het werk van Hawkwind, om een voorbeeld te noemen. Toch kan ik het niet over mijn hart halen om de Volendammers boven Hawkwind te zetten, dat gaat me te ver. En dus mag Hawkwind op drie met 'Silver Machine' (1973).

Platenmaatschappij Vee-Jay sloot in 1963 een contract af voor de distributie van Beatles-platen in de VS, maar toch was het contract binnen een jaar oud papier. Omdat Vee-Jay ook The Four Seasons onder de vleugels had, brachten ze beide bijeen op een elpee: Een gevecht tussen twee groepen. The Four Seasons was minstens zo succesvol in Amerika en kon op dat punt wedijveren met de jongens uit Liverpool. Waar het verhaal van The Beatles in acht jaar is verteld, daar doet The Four Seasons het in meer dan vijftien jaar, maar wel met evenveel hoogtepunten. Het maakt geen 'Sergeant Pepper', maar de albums uit de late jaren zestig zijn niet te versmaden. De comeback in 1975 luidt een periode in met méér creativiteit. Neem nu bijvoorbeeld zo'n 'Silver Star', maar dan het liefste wel in de album-versie met de langere brug. Hij had bijna op 1 gestaan, maar ja... daar staat ook niet zomaar eentje!

Een plaatje waar ik altijd goede schik van krijg. Ik moet bekennen dat ik hem al een tijdje niet meer heb gedraaid, kan de single trouwens ook niet vinden. Ik weet dat het in 2008 nog even een 'revival' heeft gehad bij mij. En omdat dit een ruige, destructieve, periode is geweest, vrees ik voor het welzijn van de plaat. Zo heel nu en dan vervang ik nog wel eens zo'n 'slachtoffer'. Neem bijvoorbeeld Tom Clay die de kiwi's niet heeft overleefd, ik heb vanochtend een 'new old stock'-exemplaar gekocht via Ebay. Overigens had ik deze van Jeff Beck ook alleen als de Engelse Rak-maxisingle uit 1972 en moest hem nog eens mét fotohoes hebben. Wellicht een geheugensteuntje als ik deze op 1 zet? De winnaar van deze Schijf is 'Hi Ho Silverlining' van Jeff Beck (1967)

Het is alweer een tijdje geleden dat we een meisje te gast hadden in de Schijf van 5. Ik had aanvankelijk gedacht aan Maggie en varianten als Margareth, Margio en Margie. Maar nee, ik heb al keuze genoeg aan Maggie's alleen en dus presenteer ik jullie volgende week vijfmaal Maggie.

zaterdag 6 juli 2013

Raddraaien: The Moody Blues



Kan het Raddraaien zich even beperken tot mijn blog alstublieft? Het rubriekje begint niet een beetje bemoeizuchtig te worden. Gisteren War die ik, zoals ik tegen het eind van het verhaal beloofde, vanmiddag heb gedraaid. Helemaal raak omdat genoemde Brian net in de chatroom was. Ik heb het nummer aan hem opgedragen en heb nog eens benadrukt hoe blij ik was dat hij de plaat naar me toe heeft geïntroduceerd. Waarop hij antwoordde: ,,Dat is niks! Jij hebt nog veel meer geïntroduceerd wat ik niet kende". We staan weer quitte! Vandaag mag de Raddraaier uit een jaren zeventig-bak komen en ik heb even gesjoemeld. De eerste is een tamelijk exotische single op Basf door een groep genaamd Los Mexicanos. Ik heb niet eens huiswerk gedaan en hem meteen maar overgeslagen. En de volgende... die zit morgen in The Vinyl Countdown. Ik begin morgen met 'georganiseerde double-shots': Een bekend nummer en een redelijk onbekend nummer van één groep, het liefste van een elpee. Morgen draai ik de eerste twee liedjes van 'A Question Of Balance' van The Moody Blues en dus ook de Raddraaier: 'Question' (1970).

De single heeft al eerder een berichtje gehad op Soul-xotica, toen in het kader van '20 Years Ago Today'. In januari 2011 stond ik stil bij het feit dat ik twintig jaar ervoor de single had gekocht. Dat was een memorabele tijd. Ik zat in het examenjaar van de LEAO en had die week de mondelinge examens. Op de dag voor mijn mondeling Duits brak de Golfoorlog uit. Maar goed... die herinneringen heb ik toen al gedebiteerd. Nu gaan we eens nader naar The Moody Blues zélf kijken en met name de aanloop tot 'A Question Of Balance'.

De roemruchte jaren zestig, er zijn boeken vol over geschreven. Vooral de tweede helft van het decennium is hectisch voor de popmuziek, want dat deel van de wereld bekijken we op Soul-xotica. De flower power verandert arbeiderskinderen-met-beide-benen-op-de-grond in wereldvreemd neuzelende vagebonden. Van spelen voor een biertje en een handvol pinda's naar stadions met bergen cocaïne en groupies. Maar ook ruimte voor elpee-groepen. Tot pak'm beet 1967 moest je als artiest of groep eerst twee of drie hitsingles hebben gehad, eer de platenmaatschappij je een elpee liet maken. The Moody Blues zit te midden van die turbulente tijd. Van een blanke rhythm & blues-band uit Birmingham met één nummer 1-hit en een serie flops naar een band waar de nadruk ligt op de elpees. Er passeerde wel eens een jointje, maar verder is The Moody Blues toch altijd vooral een 'drinking band' gebleven. Daardoor houdt de groep wat geld over en het start in 1969 hun eigen platenmaatschappij en een keten aan platenzaken: Threshold Records. Die winkels blijven overigens niet lang open, de platenmaatschappij bestaat al met al zo'n acht jaar. De groep is aan het opnemen óf ze zijn op tournee. Toch loopt de band op het laatste punt tegen een obstakel aan: De concept-elpees zijn studiotechnisch het neusje van de zalm, alleen is het onmogelijk om deze werken op de bühne te vertolken.

Zo ontstaat het concept van 'A Question Of Balance'. Evenals de voorgangers 'Days Of Future Passed' (1967), 'In Search Of The Lost Chord' (1968), 'On The Threshold Of A Dream' en 'To Our Children's Children's Children' (beide uit 1969) is 'A Question Of Balance' ook een plaat met 'rode draad', toch lopen de liedjes niet in elkaar over en zijn ze uitstekend los van elkaar of zelfs dwars door elkaar te draaien. Muzikaal is het meer rechttoe-rechtaan en daardoor beter 'live' uit te voeren. 'Question' is ook de eerste single in twee jaar die internationaal hoge ogen gooit. In Nederland staat het een weekje op nummer 1 en in Engeland had datzelfde moeten gebeuren. Maar toen...? De wereldkampioenschappen voetbal vinden plaats in Mexico en Engeland sneuvelt in de kwartfinale tegen Duitsland. Terug in Engeland 'zingen' de spelers een plaat vol: 'Back Home' als The England World Cup Squad. Moody Blues-bassist John Lodge beweert dat hij papieren heeft gezien waaruit zou blijken dat 'Question' de bestverkochte single was, maar werd van nummer 1 gehouden door de World Cup Squad. Een twijfelachtig geval van vriendjespolitiek bij de BBC. Het kost de groep een tweede Engelse nummer 1-hit. In Nederland is 'Question' de enige nummer 1, 'Nights In White Satin' bleef op 2 steken. Dat is 17 plaatsen hoger dan in Engeland, hoewel de single daar in 1972 en 1979 nog de top 10 zal aandoen.

Ik heet jullie allen dan ook van harte welkom morgenavond in The Vinyl Countdown, tussen negen en elf op www.wolfmanradio.co.uk. De Schijf van 5 kan door ambitieuze plannen voor morgen wel eens maandag gepubliceerd worden...

vrijdag 5 juli 2013

Raddraaien: War



Blogger heeft weer eens iets veranderd, maar ik vraag me af waar de gebruikersvriendelijkheid zit? Het begon een paar weken geleden met een 'schermpje' dat verschijnt als je de foto hebt geüpload. Het laat je het formaat kiezen en de manier van uitlijning. Toch kan ik maar niet de juiste instelling vinden. Dat was eerder ook niet nodig, want Blogger stelde zelf het formaat in. Sinds dinsdag is dat dus anders. Maxine Brown van dinsdag heb ik maar zo gelaten, maar dat laat zien wat er gebeurt als je geen actie onderneemt en zo'n 'grote' foto van 45cat plukt. Zelfs de afbeeldingen van singlehoesjes.nl zijn té groot volgens Blogger. Er zit dus niks anders op dan afbeelding downloaden en dan eerst met behulp van Paint kleiner te maken. Een stukje meer werk en ik kan er de handigheid niet van in zien. De hoes van de Raddraaier van vandaag heb ik tweemaal verkleind, straks bij het publiceren maar even kijken welke het beste is. Die Raddraaier komt vandaag uit de Blauwe Bak, maar die staat er nog niet lang: 'All Day Music' van War (1971).

Hoewel ik in de beschrijving van de groep er geen gras over laat groeien en benadruk dat het niet 'mijn' groep is, ben ik toch stiekem wel heel erg trots op 'mijn groep'. De groep Upbeat Rare And Northern Soul Music op Facebook bestaat bijna een jaar en telt momenteel 133 leden. Verzamelaars, dj's, soulshow-presentatoren en toevallige passanten die wel eens iets anders willen dan de Northern Soul Top 500. Mensen uit de hele wereld: Mexico, Colombia, Brazilië, Engeland, Nederland, Duitsland, België, Frankrijk en misschien ook wel Amerikanen. Volgens mij zijn die laatste al lang weer vertrokken. En ik mag trots zijn op een aantal 'cracks' in de groep, mensen die al heel lang in de scene zitten, maar desondanks lekker zichzelf zijn gebleven. Eentje daarvan is Brian, beter bekend als UnklB. Toen hij me een paar maanden geleden liet weten al jaren op zoek te zijn naar 'Johnny Reggae' van The Piglets, heb ik eentje van Marktplaats getrokken om hem blij te maken. Deze Raddraaier heb ik namelijk ook aan 'ome Brian' te danken.

Het was, geloof ik, tijdens een dinsdagavond-sessie dat UnklB plots met dit nummer op de proppen kwam. Ik herkende onmiddellijk de titel: Die moest ik ook ergens in mijn bakken met jaren zeventig-singles hebben. Ik had hem even vluchtig beluisterd en 'begreep' het ineens: Gewoon een heerlijk 'laidback' jazzy liedje. Brian vertelde toen dat hij deze had gedraaid tijdens een Mod-weekender en dat hij daar leuke reacties op had gekregen. Ik heb de single snel uit de 'vergeetbak' getrokken en bij gezet in de Blauwe Bak. Sindsdien heb ik nog geen optredens buitenshuis gehad, maar dan zit die zeker in de set! Wel heb ik hem al eens in Do The 45 gedraaid en wellicht morgen weer. Bij de verwachte zomerse temperaturen past wel een plaat als 'All Day Music' van War.

Laat me bij het verhaal van War meteen beginnen met de meest intrigerende muzikant van het stel: Lee Oskar. Hoe komt een blanke Deen met zijn harmonica terecht bij een, overwegend zwarte, funkband in Californië. Oskar Levetin Hansen wordt op 24 maart 1948 in Kopenhagen geboren. Als achtjarige krijgt hij zijn eerste mondharmonica, in die tijd heel gebruikelijk voor jongens van rond zijn leeftijd. In zijn vroege tienerjaren raakt hij onder de indruk van Ray Charles en in 1965 besluit hij dat hij met zijn harmonica maar carriére moest maken in Amerika. Hij speelt aanvankelijk op straat en trekt van New York naar Los Angeles, Toronto en San Francisco. In die laatste stad ontmoet hij Eric Burdon. Burdon en Oskar treden op hetzelfde moment toe tot War. De combinatie van Oskar en saxofonist Charles Miller als 'blazerssectie' geeft War dat unieke geluid. Lee blijft tot 1992 bij de groep, maar speelt nog immer in Lowriders, een groep van ex-War-personeel.

War beleeft haar hoogtepunt in de vroege jaren zeventig. Eerst als 'begeleidingsgroep' van Eric Burdon. Als deze halverwege de Europese tournee de benen neemt, is War het succes even kwijt. Het debuutalbum van War (zonder Burdon) doet bitter weinig, maar met 'All Day Music' (1971) laat de groep horen dat het ook individueel bestaansrecht heeft. Er volgen meer succesvolle elpees en een reeks singles. 'All Day Music' is als single echter maar een bescheiden succes. Ik koop het plaatje in 1994 in Leeuwarden uit een gigantische partij singles. Ook 'Take It Off' van Groundhog komt uit dezelfde lichting.

Overigens loopt de single van Lillian Dupree pas zondagavond af en niet morgen, zoals ik zei. Desondanks blijft het griezelig stil. Als ik deze voor de startprijs krijg, waar ik allerminst van uit ga, dan heb ik met recht 'het koopje van het jaar' te pakken.

donderdag 4 juli 2013

Raddraaien: Trea Dobbs



Ja, het moest er maar weer eens van komen. De Raddraaier laat me weer eens met de billen bloot gaan. Hoewel het ditmaal wel meevalt, het is minder confronterend dan een aflevering met Leni Und Ludwig. Dat zit nog steeds hoog! Trea Dobbs doet minder pijn. Sterker nog: Ik ben al jaren een enorme fan van haar 'You've Lost That Lovin' Feeling'. Onlangs kocht ik die eveneens in de versie van Cilla Black en dan blijkt Dobbs daar leentjebuur te hebben gespeeld, met één verschil en een ontzettend voordeel: Trea klinkt niet als Cilla Black! Waarmee ze opnieuw punten heeft gescoord. Vandaag staat Trea met een nummer in de volgspots dat ik eigenlijk niet zo goed ken. Nooit, en nu ook niet, de moeite genomen het vinyl op de draaitafel te leggen. De Raddraaier van vandaag is 'Parel Van De Zuidzee' van Trea Dobbs (1964).

Soul-xotica gaat erg vaak over soul-artiesten. Het begin van menig zanger of zangeres is dan ook een immer terug kerend cliché: Ze zetten hun eerste schreden op het muzikale pad binnen het kerkkoor. Trea heeft in vergelijking wel héle opvallende 'roots'. Zij leert het zingen op... de wc! Vooral de akoestiek van het kleine kamertje in Eindhoven met de lichte galm, spreekt haar aan. Als de wc doorspoelt, hoort ze hierin het applaus van het denkbeeldige publiek. Trea Van Der Schoot wordt op 4 april 1947 geboren in de Lichtstad. Samen met haar vriendin Annelies De Graaf doet ze mee aan talentenjachten door het hele land, alleen blijkt de jury iets minder enthousiast te zijn als de stortbak. In 1962, nog maar vijftien lentes jong, doet Trea mee aan het Cabaret Der Onbekenden. De winnares in 1959 van dat concours, Anneke Grönloh, heeft rond dezelfde tijd haar eerste grote hits, maar Dobbs eindigt in 1962 als vierde. Een jaar later is ze opnieuw van de partij en wint nu met vlag en wimpel. Ze sleept daarmee een contract bij Decca in de wacht. De eerste singles doen nog weinig, maar in 1964 komt ze Caterina Valente tegen. Die neemt haar onder de vleugels en introduceert haar in Duitsland. Er staat echter één ding het Duitse succes in de weg... die onuitspreekbare achternaam.

Trea heeft maar weinig invloed op de naamsverandering, Valente regelt dit 'zomaar even' met Decca. Die hebben echter net een plaatje uit van Trea, 'Parel Van De Zuidzee', dat nog is toegeschreven aan Trea Van Der Schoot. Snel wordt er een nieuw stickertje geplakt op de singles en wordt de fotohoes aangepast en heet Trea Van Der Schoot opeens Trea Dobbs. 'Dobbs' is overigens de naam van een clown uit een oud circus-geslacht. Het succes in Duitsland duurt niet lang en voor 1965 is ze alweer terug in Nederland. Ze handhaaft de naam Trea Dobbs, ook al heeft ze sinds 'Parel Van De Zuidzee' geen opvallende hits meer gehad. 'Ik Vraag Het Aan De Sterren' staat genoteerd in de tweede Nederlandse Top 40 op plaats 32. Een week later is het verdwenen. Met de opvolger 'lift' ze mee op het succes van anderen, ook al is het me nog steeds niet duidelijk wie nu echt verantwoordelijk was voor de hit. Natuurlijk, het origineel van 'You've Lost That Lovin' Feeling' is van The Righteous Brothers, maar ik ben in bijna 25 jaar platen verzamelen het 'origineel' nog nooit tegengekomen. Cilla Black vond ik in april op de boeken- en platenmarkt bij de kerk in Nijeveen. En Trea Dobbs? Daar heb ik, geloof ik, inmiddels drie exemplaren van. 'You've Lost That Lovin' Feeling' bereikt een achtste positie in de Top 40, The Righteous Brothers staan in 1988 nogmaals in de top tien met het liedje.

In datzelfde jaar doet Trea mee aan de voorronde van het Eurovisie Songfestival met 'Ploem Ploem Jenka'. Ze wint het niet en mag dus ook niet Nederland vertegenwoordigen, maar heeft wel een joekel van een hit met het nummer. De jenka is op dat moment 'hot property' in Nederland en Dobbs profiteert daarvan mee. In december 1965 verschijnt 'Marmer, Steen En Staal Vergaan', een vertaling van 'Marmor, Stein Und Eisen Bricht'. Ditmaal is Drafi Deutscher de winnaar, maar het is tevens Dobbs' laatste notering in de Top 40. In 1967 trouwt ze met Harry Van Hoof, een huwelijk dat niet lang zal stand houden. Na een tipnotering te hebben gehad met 'Was Jij Maar In Lutjebroek Gebleven' gaat ze met de Sleeswijk Revue optreden. Ze stort volledig in tijdens een voorstelling en daarmee neemt ze voorlopig afscheid van het podium. Ze begint een kledingzaak in Maarheeze en trouwt een tweede maal. Het zijn weinig succesvolle ondernemingen. De winkel gaat failliet en het huwelijk is al snel bekeken. In 1981 neemt ze het veelzeggende 'Laat Het Niet Verder Meer Gaan' op, maar dat zegt vooral veel over haar hit-carriére. In 1986 staat ze nog even in de Tipparade met 'Een Kus Van U Meneer', dat later vooral een 'evergreen' in de homo-cultuur zal worden. Ze is tegenwoordig talentcoach en songschrijfster, ze wil voor geen goud meer zingen.

Kunnen jullie een geheimpje bewaren? Ik heb een uur geleden een krankzinnig bod geplaatst op 'Hide And Seek' van Lillian Dupree, al een jaar dé ultieme nummer 1 op mijn zoeklijst. Zaterdagavond hoop ik jullie te kunnen vertellen dat ik hem heb gewonnen, maar... ik weet ook dat ik niet de enige idioot op deze planeet ben...

woensdag 3 juli 2013

Singles round-up juli 1



O, wat heb ik een geluk gehad! Nadat de weerboeren eerst mijn wilde plannen voor deze vrije woensdag overboord hadden gegooid, werd ik vandaag wakker van de deurbel. Even later hoorde ik de brievenbus klepperen, maar ik was niet wakker genoeg om direct in actie te komen. Een half uur later ben ik gaan kijken en er lag een pakketje op mijn deurmat. Dat moest Maxine Brown zijn! Het doosje bood ruimte aan wel vijf singles en pastte dus nauwelijks door de brievenbus, vandaar dat de postbode waarschijnlijk had aangebeld. Toen ik even later in de keuken was, voelde ik een tocht. Toen zag ik dat de voordeur wagenwijd open stond. De postbode heeft waarschijnlijk zo'n druk op de deur uitgeoefend om het pakje er doorheen te krijgen, dat deze open is gegaan. Wat als ik in Hoogeveen was geweest of als ik aan het werk was geweest? Nieuwsgierige buren over de vloer? Katten op de slaapkamer? Nee, ik heb heel veel geluk gehad en hou de voordeur voortaan op slot. O ja, het pakketje bleek inderdaad de ontbrekende Maxine Brown te zijn, dus kunnen we de eerste Singles round-up van deze maand doen.

* Maxine Brown- One Step At A Time (US Wand, 1965)
* Maxine Brown- One In A Million (US Wand, 1966)
'One Step At A Time' heb ik gisteren behandeld in het kader van de Week Spot. Nu eens ruim baan voor die andere Maxine Brown-single. Tegenvaller? Nee, allerminst, maar het is wel wennen. Zelf ken ik het nummer het beste in cd-kwaliteit en heb ook menigmaal 'clips' gehoord van de Pye Disco Demand-uitvoering uit 1975. Deze laten een fraai uitgebalanceerd geluid horen en dan is het bij deze Wand-demo even slikken. Het herinnert ons eraan dat Northern Soul zowel mono als monotoon in dynamiek hoort te zijn, bij voorkeur geperst op het goedkoopste styreen. Dat beschrijft mijn 'One In A Million' goed, met dien' verschil dat deze niet een zwaar leven in Engelse clubs heeft gehad. Het geluid is vrijwel 'schoon'. Als die Mint was geweest, was het échte 'Holy Grail' geweest en had ik hem nooit voor deze prijs gekregen. Ach vooruit... Niet verder vertellen hoor! De single was 31 dollar, maar daar moet ongeveer 14 dollar aan verzending bij worden gerekend. Omgerekend naar euro's zit je dan op ongeveer 35, evenveel als voor The Ad-Libs ('Nothing Worse Than Being Alone') en de dubbelelpee 'Ta Det Lugnt' van Dungen. De tweede keer dat ik 'Songs III' van die artieste kocht waarvan ik de naam weiger te noemen (het is iedere keer publiciteit!), moest die ook 35 euro kosten. Een beetje zuur dat The Ad-Libs nu regelmatig voor omstreeks vijftien pond wordt aangeboden en soms ook nog in een betere staat. Maar ja, die dingen hou je toch: Ik heb ook teveel betaald voor 'I Thank You Kindly' van Diane Lewis. 'One In A Million' op Wand krijg je nóóit goedkoper!

* Mamie Galore- It Ain't Necessary (US St. Lawrence, 1966)
En daar hebben we weer zo'n geheide Casino-kneiter! Deze heb ik ook vaak voor véél meer gezien, dus ook alweer een koopje zonder dat die nu echt spotgoedkoop was (iets meer dan een Europees tientje). Het was een kans die ik moest aangrijpen, maar bezit van de zaak? Het was een paar weken geleden dat ik een veiling van deze single verloor en ik moet bekennen dat ik hem in die tijd iets te vaak heb gedraaid (van mp3, wel te verstaan). Toch is dit een stamper voor het leven, voor als het echt laat wordt en het publiek niet moe is te krijgen, dan kan zo'n Mamie Galore voor wat pit zorgen. Op dit moment speelt de single echter een beetje een ondergeschikte rol, maar dat is ook niet gek als je naar de andere singles uit deze round-up kijkt?

* The Gibralters- Side By Side (US A&W, 1962)
Deze single zat al voor een tweede ronde in de verkooplijst van Alexis. De eerste keer had ik hem al beluisterd en vond hem toen al erg leuk. Nu moest-ie er gewoon bij! Alexis, een dealer uit Chicago, leverde me een jaar geleden 'It's Alright' van The Soulettes en heeft vaker zwaar obscuur spul er tussen zitten. Neem nu deze van The Gibralters. De plaat heeft mijn interesse al gewonnen door de waas van mysterie, de soundclips trekken me verder over de streep. Er is he-le-maal niets bekend over deze groep! Ik heb op Popsike gekeken en die gaf het resultaat van een veiling in 2010. De verkoper meldt daar dat de aangeboden singles uit iemand's verzameling komen en dat deze strikt tussen 1959 en 1962 zijn uitgebracht. Okay, dat geloof ik dan maar, hoewel ik de single drie jaar later had geplaatst. 'Side By Side' is sneller dan het licht, na 1 minuut 38 is het verhaaltje verteld. De b-kant, 'I Won't Be Your Fool Anymore', is de kant die door Alexis werd geadverteerd. The Gibralters is een groepje van het kaliber 'vroege Debonaires'. Een meidengroep zonder een vaste leadzangeres en dus meer de focus op de samenzang, zoals The Shirelles. Tóch stikt deze single, ondanks de leeftijd, van de potentie en ik voel me vereerd de wereld kennis te mogen laten maken met dit wonderlijke plaatje. Beide kanten zitten zaterdag in Beside The A-side, het onderdeel van mijn Wolfman-programma 'Do The 45'.

* Marvin Smith- Have More Time (US Brunswick, 1966)
Ik zie net op Soulfulkindamusic, dat 'Have More Time' eigenlijk de b-kant is. Moeilijk voor te stellen, want dit kantje is zoveel keren meer aantrekkelijk dan 'Time Stopped'. Marvin is één van de leden van The Artistics, die eveneens op 'Have More Time' zijn te horen zonder daar krediet voor te krijgen. Het is een stamper die me al een jaar lang iedere keer weer een genoegen brengt als die voorbij komt op de mp3-speler. Het, voor velen (?), herkenbare verhaal dat je net iets te veel moet werken en dat je lief er dan bij in schiet. Marvin weigert blijkbaar de man te worden die op zondag het vlees komt aansnijden en dus moest hij maar even contact zoeken met het uitzendbureau. Hij wil part-time gaan werken, zodat hij meer tijd over heeft om naar zijn meisje te kijken. Een 'feelgood'-stamper van de bovenste plank en eindelijk eens voor een vriendelijke prijs te pakken gekregen.

dinsdag 2 juli 2013

Week Spot: Maxine Brown



,,Een stem die je raakt tot in het binnenste van je ziel". Ik ben er niet over uit of de schrijver op de officiële website van Maxine Brown nu een volleerd reclame-man is of een gepassioneerde fan. Ik denk het laatste. Hoe opgeklopt het ook mag klinken, het is wel de spijker op de kop. Waar ik gisteren een eerbetoon mocht brengen aan een wegbereider van toekomstige country-muziek, daar is Maxine van een hele grote invloed geweest op de latere soul. En toch heeft Maxine daar té weinig erkenning voor gekregen. Het schaamrood staat je op de kaken als je naar haar hitnoteringen in Amerika kijkt. Het Nederlandse Hitdossier heeft nog nooit van haar gehoord, of ze zullen haar verwarren met het Songfestival-duo Franklin Brown & Maxine. Ja, ik was ze ook al vergeten totdat ik op Marktplaats op Maxine Brown ging zoeken... Ik ben nog steeds in blijde verwachting van 'One In A Million'. Een plaatje waarvan ik nooit had verwacht dat ik die in de bakken zou krijgen, of ik moest hem héél goedkoop als 'Pye Disco-Demand' vinden. Het is dat 'andere' plaatje van Maxine Brown waar ik momenteel ietsje meer 'fan' van ben en deze krijgt de eretitel Week Spot: 'One Step At A Time' (1965)

Tot mijn grote verbazing kende mijn Wolfman-collega en Northern Soul-man dit nummer niet. Ja, 'One In A Million'wél. Dat is op zichzelf weer niet zo vreemd, want die plaat is héél groot in de Northern Soul-beweging. 'One Step At A Time' geldt voor veel deejays als het aardige alternatief, als je de originele Wand-persing van 'One In A Million' niet kan bereiken. 'One Step At A Time' is ietsje meer midtempo en met een beduidend rustiger begeleiding dan 'Million'. Wat de laatste dan ook tot de ultieme dansfavoriet maakt, maar 'One Step At A Time' is geen stuiver minder. In de handel wél, hoewel die soms rare bokkesprongen maakt in veilingen. Het was niet de eerste keer dat ik op een exemplaar bood.

En we noemen haar... Maxine Ella Brown. Geboren op 18 augustus 1939 in Kingstree, South Carolina. Zoals vrijwel ieder lijdend voorwerp in de Week Spot begint zij ook haar loopbaan in het kerkkoor. Ze beschouwt zelf haar stem als een gift van de Allemachtige. Dat zou ons het recht geven tot een dankgebed. In de Charles Taylor Singers doet ze de nodige podiumervaring op en in het eind van de jaren vijftig treedt ze op met de gospelgroepjes The Manhattans en The Royaltones. Ook formeert ze het groepje The Treys, maar het is me niet duidelijk of dat eveneens een gospelgroep was. Alledrie maken ze geen platen. In 1960 krijgt ze een contract bij het kleine Nomar-label. Haar zelfgeschreven 'All In My Mind' wordt zowaar een Amerikaanse top 20-hit. Het liedje verhaalt over de verlangens van een tiener naar een échte liefde. Een jaar later geeft The Harptones een antwoord op het liedje: 'All In Your Mind'. We weten niet of Maxine dat grappig heeft gevonden, maar haar tweede single op Lomar heet wel 'Funny' en is eveneens een grote hit. Maxine is een grote ster in wording, dat gelooft iedereen althans. Ze tekent in 1961 bij ABC-Paramount, maar er komen geen hits voor dat label. In 1963 stapt ze over naar Wand, een vrij nieuwe maatschappij onder de vleugels van Scepter.

In 1964 breekt ze voor een derde maal door in de Amerikaanse top 30, nu met 'Oh No, Not My Baby'. Het blijft een héérlijk verhaaltje met dito muziek. In 1965 krijgt ze het druk. Ze neemt verschillende solo-singles op, maar eveneens duetten met Chuck Jackson. Nick Ashford en Valerie Simpson behoren tot de leveranciers van de liedjes, maar als zij proberen een contract los te peuteren bij Wand, krijgt het duo nul op het rekest. Vervolgens stappen ze over naar Motown en worden meteen aangenomen. Eén van de Ashford/Simpson-liedjes dat voor Maxine & Chuck bedoeld was, wordt een grote hit voor Marvin Gaye en Tammi Terrell: 'Ain't No Mountain High Enough'. 'One Step At A Time' komt na het eerste duet met Chuck Jackson: 'Something You Got'. De plaat maakt echter weinig indruk en blijft op 55 in de Billboard steken. Buiten 'If You Gotta Make A Fool Of Somebody' doen de rest van de plaatjes niet meer mee in de hitparade. De fout ligt hem bij Wand, die doen niet genoeg aan promotie en steekt liever tijd en moeite in Dionne Warwick. Een 'I Don't Need Anything' (1966) blijft steken in de 'bubbling under'. De b-kant ervan, 'The Secret Of Livin', is sinds een jaar aan een opmars begonnen. 'One In A Million' staat op de keerzijde van 'Anything You Do Is Alright', maar beide kanten maken geen indruk. Totdat het in The Casino in Wigan opduikt en één van de ultieme Northern-tunes zal worden.

In 1969 verlaat ze Wand voor Commonwealth en daarna ondermeer Avco. Toch kent het publiek Maxine nauwelijks en de platen gaan zó de uitverkoopbak in. Zélf concentreert ze zich in het verstrijken van de jaren meer op het acteren en ze schrijft zelfs een revue. 'Wild Women Don't Have The Blues' is een hommage aan de vrouwen van de blues en Brown speelt zelf een hoofdrol. In 2005 verschijnt de cd 'From The Heart' en van die periode stamt ook de reclametekst uit het begin van dit bericht. De tekstschrijver zorgt er zelfs voor dat ik het woord 'nachtegaal' niet in de mond hoef te nemen, want dat kan ik letterlijk overnemen van de website.

maandag 1 juli 2013

Raddraaien: Jim Reeves



De eerste helft 2013 kan de geschiedenisboeken in. Wat gaat zo'n jaar toch snel? Soul-xotica blijft onverdroten doorgaan, ik ben niet een beetje trots op mijn discipline om iedere dag te publiceren. Het overzicht van dit eerste half jaar laat, op het eerste gezicht, geen gaten zien. Natuurlijk heb ik wel eens een dag over geslagen en heb ik in maart even wat computerproblemen gehad, maar de berichten zijn wel weer in gehaald. En nu gaan stiekem op nummertje 1250 aan en ik verheug me er nu al op! Tussen Blauwe Bak Top 40 en de Week Spot mag ik vandaag Raddraaien met een jaren zestig-single. De uitkomst is verrassend: Ik heb doorgaans niet veel met 'kuntrie' en evenmin met Jim Reeves, toch is het iedere keer weer slikken als ik een single van hem tegen kom. In april was dat het geval met 'Bimbo', maar die heb ik laten liggen (en het spijt me ergens wel...). Die discipline kende ik in de jaren negentig nog niet en dus heb ik al zijn hits bijna compleet! Vandaag staat Jim Reeves in de volgspots met 'He'll Have To Go' (1960).

James Travis Reeves wordt op 20 augustus 1923 in Galloway geboren. Dat is in Texas. Hij krijgt op grond van zijn atletische prestaties een plek toegewezen op de universiteit van Texas, waar Reeves zich richt op drama. Hij is de schoolbanken snel beu, want na maar liefst zes weken accepteert hij een baantje in een scheepswerf in Houston. Even later pikt hij zijn honkbal-attributen weer op en speelt in 1944 een tijdje voor de St. Louis Cardinals. In 1947 moet hij de sport vanwege een blessure vaarwel zeggen. Dan komt het fenomeen radio in zijn leven. Reeves is een omroeper, die de gelegenheid neemt om tussen de liedjes in zélf te zingen. Het legt hem geen windeieren. Hij neemt voor een handvol kleine platenmaatschappijen op, maar verder dan lokaal succes reikt het niet. Als Hank Williams óf Sleepy LaBeef (hangt er vanaf welke bron je hanteert) niet komt opdagen voor het populaire radioprogramma The Louisiana Hayride, vraagt presentator Frank Page of Reeves een paar liedjes wil zingen. In 1955 staat Steve Sholes met een contract in de aanslag en Reeves tekent voor tien jaar bij RCA-Victor. Eerder heeft Sholes Elvis Presley aan de haak geslagen.

Net zoals Elvis tot aan zijn dood aan RCA verbonden is gebleven, had Reeves in 1965 ook een verlenging kunnen verwachten. Hoewel je in twijfel kan nemen of Reeves zó geliefd was geweest als hij zijn stijl in 1957 niet drastisch had veranderd. Reeves wilde zelf het liefst 'tenor' zingen, maar op aanraden van zijn producer, Chet Atkins, schakelt hij over naar 'bariton'. Het is opvallend dat Reeves al zingende de microfoon bijna opeet, wat zijn stijl alleen maar intiemer en persoonlijker maakt. Aan het begin van het nieuwe decennium vindt de wereldwijde doorbraak plaats van Reeves middels onze Raddraaier. Van Noorwegen tot Sri Lanka, om twee exotische landen te noemen waar Reeves bijna groter is dan Elvis, overal prijkt de zwoele ballade in de top tien. In Zuid-Afrika verschijnt zelfs een 16-toeren-plaat van hem: Eén van de drie 'liedjesplaten' op dat formaat, dat verder enkel voor gesproken woord werd gebruikt. Jim zit geen moment stil, zo lijkt het. Hij doet tournees door de hele wereld, alleen staat Engeland niet toe dat hij zijn begeleidingsgroep, The Blue Boys, meeneemt en dus doet hij daar enkel televisieprogramma's. Zijn opname-productiviteit is eveneens groot. Teveel om in een mensenleven uit te brengen, zo zal blijken. Jaren na Reeves' dood verschijnen nog steeds onuitgebrachte liedjes.

We komen steeds dichter bij de dood. Op 31 juli 1964 stapt Reeves met zijn zakenpartner, manager én lid van The Blue Boys, Dean Manuel, in een eenmotorig vliegtuigje. Reeves heeft de stuurknuppel in handen. Boven Brentwood in Tennessee komt de machine in een storm terecht en verliest Reeves de macht. Bijna vijftig jaar na datum zijn er nog steeds mensen die de forensische rapporten aan het bestuderen zijn, zeker omdat Reeves' weduwe Mary heeft beweerd dat Reeves de storm te lijf wou gaan door ondersteboven te gaan vliegen. Dit blijkt een fabel. Hoe dan ook, boven bosgebied in de buurt van Brentwood stort het vliegtuigje neer en het kost de hulpverleners uren om de lichamen van Reeves en Manuel te vinden. De muziekwereld is in een schok, ze heeft zojuist één van de allergrootste zangers verloren. Veel van Reeves' oude opnames worden opnieuw uitgebracht en RCA-Victor heeft, zo gezegd, nog jaren aan 'nieuw' materiaal tot haar beschikking. De laatste opname van Jim heeft hij thuis gemaakt, over een akoestische gitaar zingt hij 'I Can't Stop Loving You', dat pas in 2011 voor het eerst het daglicht ziet.

Toen ik twee weken geleden een single op Ebay won, was het meteen het plan deze als Week Spot te kiezen, maar intussen kreeg ik nog een andere single van dezelfde artiest. Gezien die eerste nog altijd niet binnen is en ik ietsje meer zin heb in die tweede, kan de vaste lezer van Soul-xotica nu wel raden wie we morgen gaan behandelen...?