donderdag 14 augustus 2025

Diagonaal zeven letters: Donderdag 14 augustus


Het eerste plan is Beilen. Dat ligt al een flinke tijd in de planning. Ik ben daar weliswaar in juni nog geweest maar ben dan té laat om door de bananendozen te gaan. Dat moet altijd weer eens gebeuren. Ook speel ik ergens met Hoogeveen, de kringloop waar ik een uurtje moet uit trekken en vervolgens afrekenen wat ik in dat tijdsbestek heb gevonden. Ik ben wederom een laatbloeier op deze donderdag. Ik ben rond het middaguur wakker maar snak eigenlijk vooral naar een douche waardoor het allemaal een beetje later wordt. Beilen is dan al afgevallen en Hoogeveen trekt me niet op ene of andere manier. Dan een ander plannetje: Ruinerwold en De Wijk. Dat klinkt goed in de oren en zo stap ik op de fiets. De wind komt voornamelijk uit het zuiden en het westen en dat houdt het koel op de tweewieler. Zodra je afstapt krijg je een gigantische dreun in het gezicht en regen het zweet vanaf mijn voorhoofd. 

'Zo snel mogelijk in Ruinerwold zijn', is het eerste plan. Dan eventueel De Wijk hoewel ik daarvan niet weet hoe laat die open is. Zijn er nog andere boodschapjes? Jazeker, een doosje sigaren graag! In geval van Beilen zou ik via de Primera in Diever zijn gefietst of aldaar een doosje hebben gehaald. Hoogeveen heeft vast wel een tabakswinkel. In Ruinerwold kun je dat wel op je buik schrijver. Ik ga de Rijksweg langs en tot de brug naar Veendijk lijkt het alsof ik aan het werk ga in Meppel. Dan de Arendweg op en naar Ruinerwold. Dat is al helemaal in voorbereiding van het jaarlijkse oldtimer-spektakel en ik fiets een straat binnen welke op voorhand al is afgezet. Bij de kringloop gooi ik meteen iedere single aan de kant welke een beetje interessant lijkt en dat levert twaalf exemplaren op. Deze zal ik binnenkort een 'Singles round-up' geven. 

Het is alweer een tijdje geleden dat ik op een woensdagmiddag naar onder andere Staphorst ben gefietst. Ja, het is zelfs vóór Hemelvaart geweest want ik heb in Staphorst nog een nieuwe broek gekocht. Deze heb ik met Hemelvaart voor het eerst aan gehad. Ik kijk dan al even bij het winkeltje in De Wijk maar het is dan dicht wegens familieomstandigheden. De openingstijden zijn 'funky' op zijn zachtst gezegd. De sluitingstijd varieert tussen half vier en half vijf. Op woensdag is het om vier uur dicht. Ik heb geen flauw benul van tijd maar dat is het inmiddels geweest. Ik ben overigens vanaf Ruinerwold via Rogat naar De Wijk gefietst. De camera is thuis gebleven en dus hierbij maar een plaatje van de Wieker Meule. De molen van De Wijk op zijn Hollands gezegd. Tegenwoordig zit hier het VVV-kantoor en in april 2009 heb ik hier met broeder genoten van een ijsje. Nee, het is een ijsje geweest. Hij gaat die avond bij zijn voetbalkameraad eten en ook bij mij in Meppel wacht een maaltijd en dus eten we hier niet de traditionele patat met kroket. 

De Wijk is een beetje een domper op de zaak. Dan bedenk ik me dat er sigaartjes moeten komen. Dat is gemakkelijk zat: Zuidwolde heeft een Primera. Ik ben voor het eerst sinds 2014 (denk ik zo) weer volledig van De Wijk naar Zuidwolde gefietst. Halverwege passeer ik Veeningen (waar we het veertigjarig huwelijksfeest van mijn ouders hebben gevierd). Vlak voor Zuidwolde krijg je verschillende uitnodigingen om 'weg van de snelweg' te gaan maar ik negeer deze. Ik wil immers bijtijds bij de Primera zijn en, nogmaals, ik heb geen idee hoe laat het is. De telefoon is weer eens thuis gebleven en in de dorpen vergeet ik steeds om naar de kerktoren te kijken. In Zuidwolde bemachtig ik de rookwaren. Bij de Plus steek ik aan voor een pak karnemelk en een broodje. Nu ik dan toch in Zuidwolde ben? 

In mei heb ik op een zondag een fraaie fietstocht gemaakt. Ik kom dan vanaf Alteveer in de buurt van Zuidwolde. Enkel de autoweg scheidt me van het dorp. Daar moet ik linksaf maar... het pad rechtsaf is zo woest aantrekkelijk dat ik het altijd nog eens wil checken. Dat heb ik vanmiddag gedaan. En...? Tja, in feite komt het uit aan de noordelijke kant van het centrum waar het andere pad je leidt naar de zuidelijke kant. Het klimmetje naar de brug over de weg is een feestje op zichzelf en ik denk dat nu dat ik het vast nog eens ga fietsen als ik niet beslist in het centrum van Zuidwolde hoef te zijn. Op de genoemde zondag in mei zie ik ook nog een ander weggetje dat ik wil checken. Je zit dan vlak buiten Zuidwolde en het pad gaat dwars door een bos richting De Wijk, Ommen en Dedemsvaart. Toch fiets ik het vandaag evenmin want ik heb meteen vermoeden. Hier kom je namelijk uit aan de westkant van Zuidwolde. Ik doe dan maar de automatische piloot aan en fiets naar Echten. Ik wil over Ruinen en Ansen maar dan...? Ik heb een paar boodschapjes nodig waaronder vlees. Dat durf ik met deze hitte niet mee te nemen uit Ruinen. Ik zal tóch even langs moeten over Havelte. Halverwege Echten en Ruinen besluit ik maar het bos in te gaan over Marterhaar. Rechtsaf en de weg oversteken, een stukje Ruinerweide en dan naar Weerwille en Oosteinde. Zo fiets ik naar Havelte voor de boodschapjes en ben om tien voor acht thuis. Ik geloof dat ik om een uurtje of half vier van huis ben gegaan. Buiten het pak karnemelk en het broodje in Zuidwolde heb ik vrijwel continu gefietst. 

Week Spot: Little Willie John


Over twee weken trap ik af met 'The 2025 Collection' in 'Do The 45' en dat maakt het enerzijds gemakkelijker om een Week Spot te kiezen, maar soms lastiger om een verhaaltje te schrijven. Daar zou ik vandaag geen last van moeten hebben. Afgelopen week hebben we een hagelnieuwe plaat als Week Spot gehad en deze week ga ik een fors eind terug in de tijd. En waarom ook niet? Het is bijna een jaar geleden dat 'Let's Stick Together' van Wilbert Harrison als Week Spot heb gehad (dan aan de start van 'The 2024 Collection') en bewaar nog altijd fijne herinneringen aan de 'rauwe' rhythm & blues-aflevering die ik in het begin van het jaar heb gedaan. Deze week hebben we minstens zo'n klassieker te gast met dank aan Mark voor het toevoegen aan het meest recente pakketje. De Week Spot van deze week stamt uit 1958 en is het klassieke 'Fever' van Little Willie John. 

Ik geloof dat het begint met Henk Westbroek op de dinsdag van de Vara. Ik weet in 1988 in ieder geval dat Little Willie John de originele uitvoering heeft gedaan van 'Need Your Love So Bad', de grote hit van Fleetwood Mac. In 1988 hoor ik vervolgens Little Willie John's naam voorbij komen in 'Somewhere Down The Crazy River' van Robbie Robertson. Hij droomt ervan om met zijn liefje achterover te liggen in de auto met Little Willie John op de radio. Ik geloof dat ik in de eerste paar maanden in York een cassettebandje heb met 'originals' waarop ook 'Fever' van Little Willie John staat. Als ik echter kennis maak met Peggy Lee's versie schenk ik lange tijd geen aandacht aan Little Willie John. Een paar jaar geleden kom ik 'Sleep' tegen in Assen en deze mag mee. Datzelfde 'Sleep' staat ook weer op de keerzijde van deze 'Fever'. Ik heb voor de foto de originele 1956-er gezocht die het meest lijkt op mijn latere bootleg. 

William Edward John ziet het levenslicht op 15 november 1937 in Cullendale in de staat Arkansas. Sommige bronnen geven Edgar als zijn tweede naam maar dat blijkt onjuist te zijn. Als Willie nog écht Little en slechts vier jaar oud is, verhuist het gezin naar Detroit waar zijn vader terecht kan in de staalindustrie. William is één van tien kinderen en in de late jaren veertig formeert hij een gospelgroepje met de oudste kinderen van het gezin. Al snel daarna doet hij mee aan talentenjachten en wordt zo gespot door bandleider Johnny Otis. Even later op het spoor volgt producent Henry Glover en dankzij de laatste tekent John zijn eerste contract bij King. Vanwege zijn geringe postuur krijgt hij de naam Little Willie John. Het heeft uiteraard niets met zijn jongeheer te maken. 

Met zijn eerste opname is het meteen raak. 'All Around The World' piekt op een vijfde plek in de Amerikaanse R&B. De hits volgen en eentje daarvan is 'Need Your Love So Bad' dat door John zélf is geschreven samen met zijn oudere broer Mertis John Jr. Senior is overigens de vader van beide mannen. In 1956 scoort hij de grootste hit uit zijn carrière en dan hebben we het uiteraard over 'Fever'. Het gooit niet alleen hoge ogen op de R&B maar stoot eveneens door naar de reguliere Billboard (nummer 24 als piek). Hij ontvangt niet veel later een gouden plaat voor deze prestatie. 'Sleep' doet het in 1960 zelfs nog ietsje beter op de Billboard. Collega-muzikanten nemen graag werk op van hem. Zo maakt Little Willie John nét niet meer mee dat Fleetwood Mac hoge ogen gooit met 'Need Your Love So Bad'. The Beatles neemt in 1964 'Leave My Kitten Alone' op welke op het 'Beatles For Sale'-album had moeten komen. Toch blijft het dertig jaar op de plank liggen en verschijnt pas in 1995 op een van de 'Anthology'-albums. 

Little Willie John mag dan succesvol zijn geweest als zanger en componist, als crimineel is hij min of meer gefaald. John wordt ettelijke malen gearresteerd voor onder andere diefstal en drugsbezit maar wordt in 1964 aangeklaagd voor mishandeling met dodelijke afloop. Ofwel, zo vertaal ik 'manslaughter'. In een gevecht met Kendall Roundtree zou hij deze hebben gestoken. John klaagt het aan en mag de periode tot de rechtszaak in vrijheid afwachten. Hij benut deze tijd om zijn comeback-album op te nemen, maar deze zal niet eerder dan in 2008 verschijnen. John wordt schuldig bevonden en moet zijn straf uitzitten in de Washington State Penitentiary in Walla Walla. Daar wordt hij op 26 mei 1968 aangetroffen in zijn cel. De officiële doodsoorzaak leest een hartaanval maar er bestaan de meest geweldige complotten over zijn einde. Zijn zus, Mable John, zingt bij The Raelets van Ray Charles en maakt een aantal erg leuke platen in de late jaren zestig. Een van Little Willie John's zonen doet achtergrondzang bij Stevie Wonder. De laatste zorgt in 1996 er voor dat John wordt bijgezet in de Rock & Roll Hall Of Fame. 

dinsdag 12 augustus 2025

Honderd achteruit 2023: David Rose + Genesis (USA)


Hoe ga ik om met de hitte? Op de ene dag beter dan de andere. Vanmiddag vind ik het wel uit te houden met de verkoelende oostenwind. Zelfs zo goed dat ik vanuit het werk nog een bochtje om fiets naar huis. Ik heb in Steenwijk boodschapjes gedaan en hoef dus niet door Havelte te komen. Ik haal alvast een paar stevige hapjes die me op de been gaan houden en fiets door de polders naar Wapserveen en door het bos terug naar Uffelte. Niet heel erg spectaculair maar wel een mooi stuk om te fietsen. Wederom met het album van Poco op de koptelefoon. Ik ga écht van dat album houden. Onderweg besef ik me dat ik ooit een elpee heb gekocht van Poco. De eerste keer in april 2009 dat ik zelfstandig naar buiten mag. Dat wordt gevierd met heel veel platen! Dat is overigens 'Legend' uit 1978, dat heb ik zojuist opgezocht op Discogs. Ik moet dat album ook maar eens digitaal gaan beluisteren. Vandaag een dubbelaflevering van de 'Honderd achteruit'. Misschien kan ik een telefoonboek vol schrijven over David Rose maar heb daar niet zoveel zin in. De Amerikaanse Genesis heeft al met al een jaar of twee bestaan en dus gaat dat ook geen volledig bericht vullen. Op nummer 41 staat 'The Stripper' van David Rose en op 42 'Angeline' van Genesis. 

Waar en wanneer met David Rose? Tot 2020 zit de vrouw van de voormalige radiobaas tussen mij en mijn collega in op de donderdagavond. Ze draait dan twee uren 'lovesongs' in de breedste zin van het woord. Als zij noodgedwongen moet stoppen, gezondheid gaat voor alles, gaapt er een gat van twee uren. Even later schuift mijn collega een uurtje op waardoor er een leeg uur overblijft. Dat is het moment dat ik het overneem met een uurtje non-stop muziek. Eerst met een thema in de titels en daarna met de hitlijsten. Zo kom ik op het idee om eens een volledige albumlijst te doen van de jaren zestig. Er staat op dat moment een verzamelplaat genoteerd in de Engelse albumlijsten dat 'The Stripper' van David Rose bevat. Ik ken het deuntje wel maar ik neem aan dat ie-de-reen deze kent? Nu heeft het dan een naam gekregen. Op 3 juni 2023 vind ik deze Engelse heruitgave uit de vroege jaren zeventig in Steenwijk. Inderdaad, dezelfde dag als Raydio. 

David Daniel Rose is zijn volledige naam en hij ziet op 15 juni 1910 het levenslicht in Londen. De oorspronkelijke familienaam is Rosenberg en hij groeit op in het Amerikaanse Chicago. Op zijn zestiende is hij al de pianist in de band van orkestleider Ted Fio Rito en is hij de vaste pianist bij NBC Radio. In de jaren dertig bouwt hij een reputatie op als componist en arrangeur voor het orkest van Frank Trumbauer. Hij schrijft zijn eerste stukken met de orkestleider. Hij gaat aan de slag in Hollywood met zijn eigen orkest voor radioprogramma's. Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt hij opgeroepen en ontmoet meteen comedian Red Skelton. Die vraagt hem om mee te werken aan zijn radioshow. Van 1948 tot en met 1968 verzorgt Rose de muziek voor 'Raleigh Cigarette Program'. In 1955 gaat Rose aan de slag voor MGM Records. Zijn eerste opdracht is om de muziek te verzorgen voor de science fiction-film 'Forbidden Planet'. De regisseurs horen vervolgens de alternatieve elekronische soundtrack en geven de voorkeur aan deze. Rose scoort in deze tijd een aantal hits die allemaal uitkomen op het MGM-label. 

In 1958 vindt er een opnamesessie plaats waar totaal vier nummers worden opgenomen. Twee a-kanten en een b-kant. Het vierde nummer is als grapje bedoeld en is 'The Stripper'. In 1962 brengt Rose het thema van 'Ebb Tide' uit op single maar dat behoeft een b-kant. Hij besluit 'The Stripper' op deze kant te zetten. Er is één bepaalde dj die het nummer intensief gaat draaien en de rest is geschiedenis. 'The Stripper' wordt een vette nummer 1-hit in Amerika in 1962. Ik meende dat het een hit zou zijn geweest in Engeland in de vroege jaren zeventig maar kan daarover geen info vinden op Officialcharts. De single is omstreeks 1973 opnieuw uitgegeven. David Rose is in 1990 overleden.

MVG Records. Ik ben de naam al vergeten en moest deze zoeken bij de berichten van april 2023. Een naam die ik alleen maar ken via Facebook. Dat beveelt zijn pagina meerdere malen aan en naast platen heeft hij ook een Marantz draaitafel in de aanbieding. Helaas is geen verzending mogelijk en ik zie mezelf niet lopen zeulen met het ding. Begin april plaats ik derhalve een bestelling van een paar singles. Als ik een week later kijk, merk ik dat ik een paar over het hoofd heb gezien. Hup, direct een tweede bestelling er achteraan. Kort daarna laat hij weten dat hij wegens gezondheidsredenen moet stoppen met zijn handel. Ik reken de single van Genesis op 14 april 2023 bij hem af. 

Genesis heeft zoals het lijkt slechts één jaar bestaan. De tweede single van de band komt met een fotohoesje in Amerika en dat toont op de achterkant dat de band nog verplichtingen heeft tot en met januari 1969 maar boze tongen beweren dat het al in 1968 uit elkaar is gegaan. Genesis is blijkbaar al Genesis vóór de Engelse Genesis. Toch zal het album en de twee singles van de Amerikaanse Genesis genadeloos floppen en is er in 1970 niemand meer die de Amerikaanse Genesis herinnert. De Engelse Genesis heeft dus nooit last gehad van de Amerikaanse Genesis. Niet zoals de Engelse The Beat dat The English Beat moet heten in Amerika om niet in de war te komen met de Amerikaanse powerpop-formatie The Beat. De Genesis van de Gele Bak Top 100 van 2023 heeft haar roots aan de Amerikaanse westkust en staat te boek als een psychedelische rockband. De leden zijn Bob Metke, Fred Rivera, Jack Ttanna, Kent Henry en zangeres Sue Richman. Rivera wordt kort voor de opname van het album vervangen door Jimmy Chappell. Het album heet 'In The Beginning' en uiteraard niet te verwarren met 'From The Beginning', de Decca-compilatie van de Engelse Genesis dat omstreeks 1974 verschijnt. Het levert twee singles op: 'Angeline' en 'Gloomy Sunday' maar in 1969 is het verhaal alweer verteld. Sue zal in de volgende decennia enkele andere bands voorzitten. In 1980 werkt ze als achtergrondzangeres voor Suzi Quatro op het album 'Rock Hard'. Metke en Henry doen in 1970 mee op een track van 'Lord Sutch And Heavy Friends'. De elpee van Genesis is stevig aan de prijs. De single zit omstreeks 25 euro in een keurige staat. Ik geloof dat de mijne een tientje duurder is geweest, maar ach... 

maandag 11 augustus 2025

Honderd achteruit 2023: Malcolm McLaren


Hoewel de volgende aflevering een '2-in-1' gaat worden, is de 'Honderd achteruit' een rubriek met een lange adem. Terwijl de Gele Bak Top 100 van 2025 ook al is gepubliceerd, zit ik met de verhalen nog volop in 2023. Alhoewel? Ik ben in de afgelopen negen maanden flink opgeschoten met de rubriek. Vandaag is het de beurt aan de nummer 40 in de Gele Bak Top 100 van 2023. Een plaatje met een herinnering aan broeder maar ook een herinnering aan moeder. Wellicht had ik deze single nooit gekocht als...? Dat zal ik straks even verder uitleggen. De nummer 40 in de Gele Bak Top 100 van 2023 is 'Something's Jumpin' In Your Shirt' van Malcolm McLaren met een heel gevolg uit 1989. 

Het is al tijdens de lockdown als de uitbater van het platenwinkeltje aan het Prinsenplein in Meppel laat weten dat hij ook geregeld op zondag open is. Gewoon als hij niets beters te doen heeft maar in ieder geval op de laatste zondag van de maand als er een koopzondag is. In september 2022 barst ik weer eens uit de voegen met de collectie singles en moet hoognodig weer eens naar de Xenos voor een nieuwe voorraad mandjes. Ik ga eerst naar deze winkel maar zie dan dat mijn favoriete mandjes niet voorradig zijn. Er zijn wel andere mandjes die erop lijken maar ik twijfel aan het formaat. Ik wandel het winkeltje aan het Prinsenplein binnen en gris willekeurig een single uit de bak. 'Ben zo terug'. Onderweg naar de Xenos zie ik wat ik heb gepakt en... het is 'Something's Jumpin' In Your Shirt' van Malcolm McLaren. Met deze single 'pas' ik de mandjes en ga met een grote stapel terug naar de platenwinkel. Onderweg en in de Xenos ben ik dermate verliefd geworden op de single dat ik hem vanzelfsprekend moet hebben. De datum? 25 september 2022. De herinnering aan moeder is niet heel direct maar haar toestand is dan al een paar weken zorgelijk. Ze zal het uiteindelijk nog een anderhalve week volhouden. 

Ik denk dat we Malcolm McLaren het beste kunnen omschrijven als een entrepreneur. Hoewel zijn naam prijkt op de labels heeft hij vooral een goede neus voor talent en laat deze mensen opdravon voor zijn solo-werk. Malcolm McLaren is als een soort van Phil Spector, een verzamelnaam voor getalenteerde muzikanten en je weet meteen waar je aan toe bent. Malcolm Robert Andrew McLaren komt ter wereld op 22 januari 1946. Zijn vader is geboren in Schotland maar woont al een hele tijd in Londen. Zijn moeder is een kind van kleermaker Mick Isaacs en de dochter van een diamantenhandelaar. Het is een 'middle class' gezin. Toch heeft moeder McLaren niet genoeg aan Malcolm's vader alleen en als de jongen twee jaar oud is, scheiden ze van elkaar. Malcolm wordt vooral opgevoed door zijn grootmoeder die naast het gezin woont. Op zijn zestiende heeft hij het eerste deel van zijn onderwijs afgerond met fraaie papieren en gaat hij vervolgens aan verschillende instituten kunst studeren. In 1971 start hij zijn eerste kledingboetiek met vooral klandizie van zogenaamde 'teddyboys': De oude rockers. Twee jaar later verandert hij de naam van de winkel en gaat zich toeleggen op leren kleding. Paul Cook en Steve Jones zijn in 1974 klant in de boetiek van McLaren en diens' toenmalige vriendin Vivienne Westwood. McLaren adviseert hen dan al over de oprichting van hun bandje. Met Westwood vertrekt hij in 1973 naar Amerika en treft The New York Dolls. Het duo gaat de kleding ontwerpen voor de mannen van The Dolls en begeleiden eveneens de band op tournee door Engeland en Frankrijk. In 1975 verandert de naam van de boetiek opnieuw: 'Sex' ditmaal. Het spitst zich verder toe op de fetisj-kleding. 

Voor The New York Dolls ontwerpt het duo in 1975 rode leren pakken met hamer- en sikkel-symbolen. Dat wordt de band niet in dank afgenomen door zaaleigenaren en fans. De groep ontbindt in 1975. De band beschuldigt McLaren vanwege zijn management en kledingkeuze, maar McLaren wijt het aan de drugsverslaving van enkele leden. McLaren en Westwood keren terug naar Londen en adviseren Cook en Jones om winkelbediende Glen Matlock aan te nemen als bassist. McLaren heeft ook een naam voor de band: Kutie Jones & The Sex Pistols. Wally Nightingale is tijdelijk de zanger totdat McLaren hem in de zomer van 1975 wegstuurt. Hij past niet binnen het imago van de groep. Dan loopt er een gast rond in de boetiek met een Pink Floyd-shirt aan. Boven de bandnaam staat 'I hate' geschreven en dat moet de nieuwe frontman worden. De naam is John Lydon en McLaren maakt daar Johnny Rotten van. Kutie Jones wordt losgeweekt van de naam en Sex Pistols gaat zelfstandig verder. Matlock zal in 1976 worden vervangen door Sid Vicious en de rest is geschiedenis. 

McLaren's handel en wandel is altijd provocerend. Dat geldt ook voor zijn handel. Lydon en de overige Sex Pistols moeten jaren procederen eer ze hun zuurverdiende geld uit de Sex Pistols-periode hebben ontvangen en ze volledige zeggenschap hebben over de opgenomen nummers. McLaren zit intussen niet stil. Hij bezoekt Amerika een aantal malen en leert daar de hiphop kennen en de scratch-cultuur. Dat laatste vent hij vooral uit op 'Buffalo Gals', de eerste single van zijn solo-album 'Duck Rock'. Een jaar later zal hij met 'Madame Butterfly' opera toevoegen aan zijn eclectische en veelal elektronische muziek. In 1989 verschijnt het album 'Waltz Darling' met onder andere The Bootzilla Orchestra en zangeres Lisa Marie. 'Something's Jumping In Your Shirt' is daarvan de grootste hit in ons land. Het bereikt een 29e plek in Engeland en nummer 45 in Duitsland. In ons land wordt het 'Speciale Aanbieding' bij de KRO en stoot het door naar de top tien. Het zal een piekpositie behalen op nummer acht. 

McLaren is ons op 8 april 2010 ontvallen na een lang ziekbed. Hij is 64 jaar geworden maar zelfs tijdens zijn uitvaart nog altijd even rebels als ooit tevoren. 

Het nalatenschap: Chris Isaak


Zijn de vakantieverhalen nu al op? Welnu, ik heb nagedacht over 1993 maar kan niet meteen iets vinden dat ik de moeite waard vind om over te schrijven. 1994 is 'De midweek op eigen benen' en deze heb ik al uitvoerig beschreven. In 1995 ga ik niet met vakantie en van 1996 en 1997 moet ik eveneens diep graven naar iets waarover ik nog niet heb geschreven. Het kan zomaar zijn dat ik voor het volgend weekend inspiratie op doe voor een vervolg, maar nu weer even terug naar het heden en tegelijk naar het verleden. In 'Het nalatenschap' zet ik een artiest of een album centraal die ik sinds zijn overlijden min of meer heb 'ontdekt' en dat ik zonder zijn hulp niet op waarde had geschat. Bij de laatste aflevering, alweer een paar maanden geleden, betwijfel ik of dit een vervolg zal krijgen. Afgelopen zaterdag heb ik een hernieuwde kennismaking met een oude bekende, een album dat broeder weer helemaal terug brengt. Vandaag zet ik het titelloze debuut van Chris Isaak in de schijnwerpers. 

In 'Het nalatenschap op 45 toeren' heb ik geschreven dat broeder in september 1988 zijn eerste cd-speler heeft aangeschaft. Vanaf dat moment zullen de albums vooral op cd zijn en koopt hij nog wel eens een vinylsingle als het zo uitkomt. Hij heeft daarnaast ook een hele verzameling cassettes maar hij gebruikt deze minder dan andere gezinsleden. Het zal ongetwijfeld met zijn doofheid aan een oor te maken hebben gehad maar broeder is geen koptelefoon-type. Wel in huis om geen overlast te veroorzaken maar niet buiten met een walkman of iets dergelijks. We hebben het over de late jaren tachtig en het zal nog tien jaar duren eer we in staat zijn om elpees over te zetten op cd-formaat. Bovendien is de cd-speler in de begin jaren negentig ook nog niet geïntegreerd in de gemiddelde autoradio. Om tóch te kunnen genieten van cd's in de auto moet je creatief zijn met een discman. Probleem bij een discman is net als een platenspeler, het is gevoelig voor schokken en slaat gemakkelijk over als je door een kuil rijdt. Zijn eerste auto heeft 250 gulden gekost en de investeringen om cd te kunnen afspelen, zijn dat bedrag voorbij gestreefd. 

Broeder zou uren in zijn kamertje hebben doorgebracht als je in die tijd al platen kon overzetten op cd of je eigen cd's zou kunnen samenstellen. Vaak zit er niets anders op dan ook maar de cd te kopen van het album dat je reeds op vinyl hebt. Vlak voordat hij naar Denemarken vertrekt, krijg ik een aantal platen en cassettes van hem plus dat ik een zak vol cd-singles en -maxi's overneem voor vijfentwintig gulden. Qua elpees herinner ik me in ieder geval 'Dynasty' van Kiss die hij eens van tante Klaasje heeft gekocht. Maar ook het titelloze debuut van Chris Isaak. Broeder is in alle staten als hij 'Blue Hotel' hoort bij de Vara op de dinsdag. Het album volgt niet veel later op vinyl want het is nog een jaar voordat hij overstapt naar cd. Ik weet niet of hij een-op-een het debuutalbum op cd heeft gekocht of een verzamelalbum want er staat me iets van bij dat 'Wicked Game' ook op de cd staat. 'Blue Hotel' is een nummer dat altijd bij me is gebleven. Mijn single is in een erbarmelijke staat en moet ik eens een upgrade geven. Dan is het een paar weken geleden en luister ik naar mijn collega Bobbie op Wolfman Radio. Hij doet een country-show op zondagavond en ik weet van hem dat hij een groot Chris Isaak-fan is. Hij draait 'Blue Hotel', 'Wicked Game' en ik vraag hem of hij wellicht ook 'Lie To Me' heeft. Nee, die blijkt hij niet te hebben. Dat is het moment dat ik het album maar eens digitaal ophaal en toevoeg aan mijn mp3-speler. Zaterdagmiddag heb ik tussen Uffelte en Diever genoten van dit album. Het is een soort van weerzien met een oude vriend die je jarenlang uit het oog bent verloren maar die stiekem altijd om de hoek stond te wachten. 

Wie door zijn collectie elpees zou snuffelen, zou een immer depressief persoon verwachten. Het is echter iets dat ik herken in mijn eigen muzieksmaak, de gebroeders Louwsma gedijen het beste met melancholieke muziek. Natuurlijk heb ik mezelf recent laten bevangen door de uitbundige salsa van Ray Barretto, maar als ik echt wil genieten dan ga ik toch voor iets dat zwaar op de maag ligt. Chris Isaak is de verpersoonlijking van de Americana als je het mij vraagt. Folk, country, blues, rockabilly... het zit allemaal in de mix. Met steevast een melancholieke tekst en zijn heerlijke huilstem. 'Blue Hotel' is natuurlijk gesneden koek en deze hoor ik nog vrij regelmatig. 'Lie To Me' is een andere grote favoriet van broeder en dat is een emotioneel weerzien. Maar ook de aardige cover van The Yardbirds' 'Heart Full Of Soul' en 'You Owe Me Some Kind Of Love' (de openingstrack) en 'Waiting For The Rain To Fall' (de laatste op het album) zijn nummers die ik in jaren niet heb gehoord maar die ik in werkelijkheid nooit ben vergeten. 

Toch is het vooral een album met een hele sterke herinnering en associatie en ik betwijfel me of ik het heel vaak kan aanhoren. Ik leer deze middag wel een album kennen van Poco waar ik wellicht binnenkort een 'Lang zullen ze draaien' aan ga spenderen. Tenslotte mag een andere persoonlijke favoriet, 'Dreamboat Annie' van Heart, de fietstocht op zaterdagmiddag afsluiten. Vanaf Dwingeloo wil ik wel even zonder koptelefoon op fietsen. 

zaterdag 9 augustus 2025

De zomer van 1992


Een deel van het plan is geslaagd. Over het werk ga ik het niet hebben want ik moet maandag aan de slag. Van een eind fietsen is er ook niet veel gekomen? Ach, ik heb een boodschapje in Diever en plak daar nog een stukje achteraan. Niet genoeg voor een 'Diagonaal zeven letters' en ik bots voortdurend met mijn hoofd tegen een hoofdletter 'H' welke in de rechterbovenhoek hangt. Het is gewoon even genieten van het regionale schoon en onder begeleiding van een aantal nieuwe toevoegingen tot de mp3-speler. Genoeg voer voor 'Lang zullen ze spelen', alleen weet ik niet of ik daar veel zin in heb. Laten we stellen dat Audience gewoon even móest en verder zie ik het wel. Het andere deel van het plan is wel geslaagd. Ik heb gisteravond de nummers 75 tot en met 51 en zojuist de nummers 50 tot en met 26 opgenomen. De top 25 morgen en daarna kunnen jullie de vier delen in de loop van komende week vinden op mijn Pixeldrain. Zijn alle vakanties uit het verleden het noemen waard? Nee, ik weet niet hoe ik het verder ga doen met 'De zomer van' want daar gaan een paar gaten in vallen. Ik heb echter nog wel een opvallende herinnering aan een dag van de vakantie van 1992 en deze ga ik vandaag met jullie delen. 

'Life keeps on rolling'. Het is voor ons, vrienden en familie, een vast onderdeel van de zondag. 's Middags post hij een bericht op Facebook met een aantal foto's. Eentje van zijn skeelers, de uitdraai van de route met de afstand en gemiddelde snelheid, een selfie in Heerenveen-tenue en twee zéér willekeurige foto's die hij onderweg heeft genomen. Als ik een paar nachten in Denemarken verblijf, loop ik regelmatig een rondje om aan mijn nicotinebehoefte te voldoen en mezelf even af te zonderen met muziek. Om de hoek ligt een kindersjaal op de stoep. Het ligt er al een tijdje want het weer is haar eigen spelletje gaan spelen met het kledingstuk. Omdat het zó 'random' is, wil ik bijna een foto maken van het schouwspel. Waarom? Omdat broeder ook altijd de meest gekke foto's er tussen had. Hij hield ook van de vergankelijkheid van dingen. Geen fraaie vergezichten of gerestaureerde boerderijen, maar een roestige en vergeten auto of trekker of zelfs een decoratief typeplaatje van zo'n apparaat. Zo deelt hij een jaar geleden de foto's van zijn skeelertocht en ik hoef niet naar het plattegrondje te kijken. Søby! Dat herken ik meteen! Hij viert het bezoek aan Søby met onder andere de roestige machines die nog altijd plompverloren in het veld staan. 

Het is de allereerste vakantie in Denemarken. Eigenlijk halen we mijn oudste broer op van zijn stageadres, dezelfde boerderij waar hij drie jaar later zal gaan wonen en werken. Natuurlijk moeten we naar Legoland! Is er méér lokaal nog iets te beleven? Ja, het bruinkoolmuseum van Søby! Een lange kale weg door een zandvlakte met bordjes met uitroeptekens in de berm. Misxchien is dat laatste nog niet van toepassing in 1983. Ik kan me herinneren dat we een paar jaar later 'stabal' hebben gespeeld op een plek die een jaar later helemaal was ingezakt. Het museum zit in een armetierige houten barak. Na de entree te hebben betaald, krijgen we een paar balpennen. Ik heb de mijne nog heel lang bewaard ook nadat deze het schrijven heeft opgegeven. Ik ben té jong om de geschiedenis van de bruinkoolwinning te begrijpen. Ik herinner me een druilerige dag in deze stoffige keet in de 'middle of nowhere'. We staan aan de rand van een groeve naast de roestige kraanmachines. De lokale bevolking heeft het benut om een paar afgeschreven auto's naar de bodem te sturen. Het zal niet de laatste ijzeren machine zijn die in een groeve eindigt. Een paar jaar later vertelt mijn oudste broer hoe een boer bezig was op zijn land en opeens de grond onder de trekker voelde schudden. Hij is zelf op het dak geklommen en zichzelf in veiligheid gebracht maar de trekker schijnt te zijn 'opgegeten' door Moeder Aarde. Dan komen ook de bordjes in de berm te staan die ten strengste afraden om in de berm te komen. 

Inmiddels is het dan 1992. Ik zit, achteraf gezien, in de laatste maanden van mijn schoolperiode. Ik ben in februari als poprecensent begonnen en ben op mijn zeventiende eigenlijk al een beetje té oud om nog met pa en moe op vakantie te gaan. Maar natuurlijk is Denemarken een ander verhaal! Broer heeft zijn racefiets staan en deze mag ik benutten wanneer ik wil. Nu woont hij niet meteen in het meest toeristische deel van Jutland en in de praktijk komt het erop neer dat ik zestig procent van de tijd met ouders naar een stad of bezienswaardigheid ga. We spreken dan een tijd af zodat ik in mijn eentje kan dwalen en zij niet veel tijd buiten een platenzaak hoeven te wachten. Ik heb vernomen dat er een antiekmarkt is bij het bruinkoolmuseum van Søvy. Het is ongeveer drie kwartier fietsen vanaf mijn broer. Ik aa al op zaterdagmorgen er naartoe maar ik reken niet op heel veel platen en heb dus maar een paar losse kronen bij me. Als ik de hoeveelheid platen heb gezien, is het plan snel gemaakt: Ik moet maar even op en neer naar Skarrild. Kan ik daar ook even lunchen. 

Ik woon in deze tijd bijna in de jukeboxwinkel van Klaas in Sneek. Hij heeft een paar fotokaarten ingelijst van Brigitte Bardot en deze zijn te koop. Ze zijn kostbaar maar dat komt niet door de fotokaart (die je nog steeds nieuw kan krijgen). Het is het lijstje met het bolle glas dat het duurder maakt. Nu loop ik dan op een rommelmarkt in Søby en heb al de nodige singles en een elpee gekocht (eentje van de Deeense popgroep The Defenders). Bij eentje zie ik een fotolijst staan met het bolle glas. Een houten lijst welke vooral plastic blijkt te zijn en waarvan het sierlijke 'hout' begint af te brokkelen. Ik kan het voor een dievenprijsje krijgen, maar dan...? Hoe krijg ik dit allemaal mee op de racefiets? Singles in een los tasje aan één kant van het stuur en de elpee en gigantische fotolijst onder de andere arm. Ik wil niet meteen terug naar Skarrild en fiets door naar Søby zélf. Ik trek de aandacht van twee knapen in een auto. 'Wedden dat? Zullen we?'. Ja dus... Even verderop keert de auto, rijdt een eind terug en komt daarna opnieuw langs scheuren. Steeds met hetzelfde doel: De fietser met alle rommel in zijn handen van de weg rijden. Het proces herhaalt zich een paar maal maar ik hou me staande. Ik wil toch zeker niet dat mijn dure fotolijst breekt! Vader zal ook hebben gevloekt want de lijst is groter dan menig koffer en kan niet onder een koffer komen te liggen. 

Wat is het plan? Handel! Ik droom al van een importkanaal van deze fotolijsten want ze blijken in Denemarken volop aanwezig te zijn, Klaas stuurt me weg maar ik geef nog niet op. Ik doe zelfs een rondje langs de antiekdealers in Sneek. Er is eentje die in de gaten heeft dat ik al op verschillende adressen ben weggestuurd. Hij wijst me op het afbrokkelende 'hout' van de fotolijst welke van plastic is. Zelfs al was de lijst gaaf geweest dan had het nog altijd niet meer dan een rijksdaalder geweest. Ik geloof dat de lijst mét glas gewoon naar de vuilstort is gegaan. Het had me een fietsavontuur in Denemarken kunnen besparen en het gevloek van vader bij het inpakken van de auto. 

De foto is Søby zoals ik het niet eerder heb gezien. Het is waarschijnlijk één van de oude groeven welke is volgelopen met regenwater? Het Uffelter Binnenveld maar dan vele meters dieper. 

donderdag 7 augustus 2025

Singles round-up: augustus 3


Volkomen lusteloos. Dat is mijn vrije donderdag in twee woorden. Er zijn wel plannen geweest maar een voor een gaan ze de ijskast in en ik laat mijn neus niet zien buiten de deur. Daar staat tegenover dat het weer warmer gaat worden en ik tijdens het werk al genoeg buiten aan het ravotten ben. Ik ben zelfs niet eens bij de brievenbus geweest. Wie weet? Misschien is er wel een nieuwe single binnen gekomen? In Uffelte heb je daarover niets te vrezen. Ik heb ooit twee dagen lang mijn sleutel aan de buitenkant van de voordeur gehad. Het is maandag grote paniek als ik de sleutel niet kan vinden maar die blijkt dus buiten in de voordeur te hangen. Meer recent heeft mijn tasje met portemonnee en paspoort een paar uur op de kliko nabij de voordeur gelegen. Als er iets is binnengekomen dan zie ik dat morgen wel. Nu ga ik eerst de singles van Mark besluiten want ik heb wel weer zin in weekendberichten.

* Meco- Empire Strikes Back (US, RSO, 1980)
Tja, er zijn platen die ik niet eens hoef te beluisteren om te oordelen waar ze in de collectie terecht komen. Maar eerlijk is eerlijk: Ik heb ELO gisteren opgezet en dus laat ik Meco ook even een paar rondjes draven. Ik heb al helemaal niks met Star Wars dus nee... ik had zonder dit schijfje kunnen leven.

* Buddy Miles- Runaway Child (US, Mercury, 1971)
Buddy heeft gezellige blazers op dit ding dat ergens in het midden van Sly & Family Stone en Blood Sweat & Tears in zit. Het heeft de juiste 'power' voor soul en dat maakt dat ik het wel een plekje gun in de Blauwe Bak. 'I Still Love You Anyway' is een wonderschoon nummer maar niet voor de Blauwe Bak. 

* Jimmy Miller- Hoops (US, Capitol, 1978)
Als je midden op straat staat en 'Bello' roept, komen er ook meerdere viervoeters op je af om een koekje te innen. Zo is ook het geval met Jimmy Miller. Er komt zelfs een Nederlander naar je toe gerend want 45cat vermeldt een Nederlander met die naam die in 1960 een plaatje heeft gemaakt. Zelf associeer ik de naam vooral met de producent van onder andere Traffic en Spooky Tooth. Onze Jimmy Miller heeft slechts een plaatje op zijn conto staan en dat is deze 'Hoops'. Het is een vlot discoplaatje maar niets om me op zaterdagavond druk over te maken. Gewoon voor de Gele Bak. 

* Neville Nash- Wind Me Up (UK, Kaleidoscope, 1982)
Ik begin meteen 'It's A Real Good Feeling' te neuriën maar ik moet bekennen dat ik alleen de (originele) versie van Peter Kent... euh... ken. Neville Nash blijkt uit Zuid Afrika te komen en 'Wind Me Up' is nergens ter wereld een hit geweest. Een nummer van de hand van Cecil Womack. Dat begint goed maar waarom zou Mark deze niet als reguliere 'Five A Day' hebben aangeboden? Het is 'in-your-face'-disco met een commerciële hook maar helaas niet genoeg om door te stoten naar de hitparade. Ik vind het aardig genoeg voor de Blauwe Bak want ik krijg er erg goede luim van. Op de flip zijn eigen 'Kind Hearted Man' maar dat is een wat saaie ballade. 

* Orange Sunshine- Who's Cheating On Who (US, Prodigal, 1975)
Nooit geweten dat Prodigal een sublabel was van Motown. Het nummer is geproduceerd en gearrangeerd door ene Don Boddie en dat moet welhaast familie zijn van Thomas Boddie uit Ohio? Dat vertelt de geschiedenis niet, wél dat Boddie later de naam O'Mar zal gebruiken. En zo blijk ik al een single te hebben van deze man. Orange Sunshine doet me eveneens aan garagerock denken en, ja, dat is waar: Er was aan het begin van deze eeuw een Nederlandse rockband met die naam. De Orange Sunshine van ome Don Boddie is een prettig soulvol dingetje dat ik zeker in de Blauwe Bak wil hebben. Het is een promo met de mono-versie op de flip. 

* Player- This Time I'm In It For Love (US, RSO, 1977)
Tel Player op bij de productie door Dennis Lambert en Brian Potter en je kan het al een beetje raden. Ik heb een goed voorgevoel bij deze single. Helaas is het geen 'sweet soul'-ballade als 'Baby Come Back' maar neigt het eerder naar de 'Yacht Rock'. Met een nadruk op rock want nee... dit gaat hem niet worden. Wél een leuk nummer overigens! 'Every Which Way' is meer upbeat en heeft iets weg van The Doobie Brothers. Deze kant doet me heel erg twijfelen en dus geef ik dit het voordeel van de twijfel. 

* Arthur Prysock- Do You Believe (US, Old Town, 1960)
Prysock is al een oudgediende als hij ons in 1976 verrast met 'All I Need Is You Tonight', sinds 2015 een vast onderdeel van de Blauwe Bak. Oorspronkelijk is hij gewoon een crooner en 'Do You Believe' komt dan ook niet verder dan de zondagavond. 

* P'zzazz- I Heard It Through The Grapevine (US, Laurie, 1980)
Dat het Laurie-label nog bestaat in 1980 is iets waarover ik me verbaas. Dat het vervolgens het labeldesign nooit heeft aangepast waardoor deze styreen single voelt als twintig jaar ouder. 'Grapevine' is een gaapwaardige disco-cover van de Motown klassieker. En 'You Taught Me To Dance' is evenmin iets om over naar huis te schrijven. Dan maar in de Gele Bak. 

* Rare Earth- Keepin' Me Out Of The Storm (US, Rare Earth, 1975)
Rare Earth is in vijf jaar geen meter opgeschoten sinds 'I Just Want To Celebrate' en dus is dit niets meer dan blue-eyed funk met een hoop cowbell. 'Let Me Be Your Sunshine' is op zichzelf helemaal niet verkeerd maar ik vind het té minimaal voor inclusie in de Blauwe Bak. 

* Barbara Roy- With All My Love (UK, Arista, 1984)
Hee, waarom is deze niet in een reguliere 'Five A Day' terecht gekomen? Het kan toch niet zo zijn dat Barbara ooit een slechte plaat heeft gemaakt? Het is bij mijn weten ook geen enorme Engelse hit geweest? Tja, er is geprobeerd te 'scratchen' maar daar is geen fysieke plaat en terecht gekomen. Het is een disco-stamper met de meest afzichtelijke geluidseffecten. Tsja, en als de 'dub version' dan de b-kant is, dan is het feest alweer afgelopen. Ik vrees dat deze toch maar de Gele Bak in gaat want hier ga ik niemand een plezier mee doen. 

* Tuxedo Junction- Chattanooga Choo Choo (US, Butterfly, 1978)
Deze heb ik al op de Nederlandse Papillon. Gewoon het knaloude nummer met een steady disco-tempo. Voor de Gele Bak. 

* Lenny Welch- Ebb Tide (US, Cadence, 1962)
Er zijn een aantal latere Lenny Welch-platen waar ik wel iets mee heb maar 'Ebb Tide' is gewoon stokoude popmuziek van vóór de Merseybeat. Daar gaat 'Congratulations Baby' ook geen verandering in brengen. 

Al met al (het eerste deel in juni mee gerekend) is het een erg leuk pakket gebleken. Ik heb al aangegeven bij Mark dat hij ter zijner tijd nog wel een pakket als dit mag samenstellen voor mij. Eerst wacht ik op het totaal van 22 singles die ik in de afgelopen maanden heb gereserveerd.