vrijdag 19 juli 2019

Eretitel: 'Call Me'



Was het verbeelding op woensdagavond? Nee, helaas niet. Ik word donderdagmorgen wakker met een been buiten het dekbed. Dat moet normaal gesproken op 18 juli geen probleem zijn maar nu beef ik van top tot teen. Ik kruip weer onder het dekbed en het duurt zeker een paar minuten voordat het weer aangenaam voelt. Om acht uur meld ik me ziek. Ik ben rond het middaguur even uit bed geweest en in de zon een beetje gedronken en gegeten. In de zon! Wel met een extra dik vest aan want onder de kleding wil het niet opwarmen. Ik slaap opnieuw een fiks aantal uren en pak mezelf buitensporig in voor een bezoekje aan de winkel in Havelte. Na nog een kort slaapje ga ik de radioshow voorbereiden. Is het nu zo koud of verbeeld ik het me? Hoe dan ook: Ik heb de kachel even een half uur op vol gezet en met een beetje voedsel en warme drank erbij gaat het eindelijk beter voelen. Het eerste dat me opvalt deze morgen is dat ik lig te zweten in bed. Dat is een goed teken! Ik ben vandaag dus ook weer aan het werk gegaan want ik ben de kou kwijt. Gelukkig maar! Niks minder dan het koud hebben als een hittegolf op komst is. Ik heb de lijnen open gezet voor deze 'Eretitel', maar let wel: Het is alleen voor de duur van dit bericht. Bij geen gehoor tweemaal opnieuw proberen? Vandaag staat 'Call Me' centraal in de 'Eretitel'.

3. Blondie (1980)
Misschien zijn het de naweeën van het griepje van gisteren maar ik gooi een beetje rebellie in de 'Eretitel' van vanavond. Het doet me denken aan de ondeugende streken uit mijn kindertijd. Op woensdagmiddag willekeurige mensen uit het telefoonboek bellen. Let wel: Dit is de tijd van vóór de nummerherkenning en we maakten het nooit zó bont dat de gebelde persoon de moeite wilde nemen om het nummer na te trekken bij de PTT. Want... zien we dat goed? Ja, ik zet Blondie vandaag op nummer drie. Helemaal niks mis met het nummer hoewel ik het nooit heb uitgekozen op een 'greatest hits'-album van Blondie. Ze hebben ze mijns inziens leuker gemaakt. Toch is het gevoel van rebellie dat overheerst en daarvoor is Blondie een té brave keuze.

2. Queen (2008)
Eigenlijk zou deze, ongehoord, op nummer drie komen. Ik twijfel toch bij de release-datum en als ik het dan nog eens bekijk: 'Call Me' is een allerleukst nummer van Queen met Paul Rodgers op zang. De commentaren onder de 'lyric video' op Youtube zorgen voor de tweede plek. Ik geloof dat iedere muziekliefhebber recht heeft op zijn of haar Queen-fase. Voor mij heeft dat plaatsgevonden in de herfst van 1996. Ik heb dan de eerste 'Greatest Hits' op cassette gekocht en luister dagelijks meerdere malen naar 'Bohemian Rhapsody' en 'Somebody To Love'. Dan ben ik er klaar mee en blijven een paar eeuwige favorieten over (waaronder 'Killer Queen') en doet de Top 2000-hysterie haar laatste vernietigende werk voor 'Bohemian Rhapsody'. Dan die film... Ik heb de trailer gezien en meteen valt me iets op: Dit is niet het verhaal van Queen. Dit is het verhaal van Freddie Mercury en drie figuranten. Hoewel Freddie zonder meer een vocaal talent heeft gehad, zijn de solo-platen nergens te vergelijken met het werk van Queen. Zonder Freddie klinkt Queen nog altijd als Queen. Ofwel: De drie figuranten vormen een belangrijker aandeel in Queen dan dat de film doet geloven en dat het vrolijk doorgaat na het overlijden van Freddie zegt ook alles. Dan verschijnt Paul Rodgers ten tonele. Als zanger verbonden aan The Free en Bad Company is hij een krachtige rockzanger die nergens theatraal wil klinken, maar gewoon lekker wil rocken. Dat doet hij dan ook op het album dat hij met Queen opneemt in 2008. Als 'Queen & Paul Rodgers' en dus geen schijn ervan dat hij wil pretenderen om Freddie Mercury te vervangen. Grappig dat veel zogenaamde Queen-'fans' dit niet willen inzien. En 'Call Me'? Dat is een erg leuk nummer en zonder meer beter dan het Queen van de tijd van 'Heaven For Everyone'. Ik denk zelfs dat Freddie vereerd was geweest om met Paul op één podium te staan? Queen en Paul Rodgers mogen dus op twee.

1. Spagna (1987)
Juist. De rebellie viert hoogtij in de 'Eretitel'. Ik schuif Blondie en Queen opzij en geef het erepodium aan Spagna. Een Italodisco-sensatie dat, geloof ik, nooit veel verder is gekomen dan die 'Call Me'. Ik ben het beeld bij Spagna echter helemaal kwijt en zo zoek ik het clipje op uit Toppop. Vooral leuk dat de dansers ieder blaasinstrument gebruiken dat voor handen was in de rekwisieten om de synthesizer-riff te begeleiden. Er staat zelfs een meisje met een fluit tussen! Maar goed... Spagna was dus gewoon de Italiaanse Kim Wilde. Ik had meer iets verwacht in de zin van borstomvang maar daarbij ben ik duidelijk in de war met Sabrina. Muzikaal heeft het niet veel om het lijf maar ik word er wel vrolijk van!

woensdag 17 juli 2019

Het zilveren goud: juli 1994 deel III



Wat zullen we nou beleven? Gaat de thermometer weer langzaam richting de vijfentwintig graden en meneer Louwsma wil niets liever dan onder de wol? Het is gisteravond al een beetje begonnen met keelpijn maar gedurende deze dag is het alleen maar erger geworden. Ik hoop dat ik het met een goede nacht slaap kan verjagen maar vrees toch eigenlijk wel dat ik me morgen ziek moet melden. Wat zou het zijn? Ik voel een beetje grieperig en dat zou wellicht met een zeker zaad te maken kunnen hebben dat in de lucht hangt? Ofwel: Hooikoorts. Het ene jaar heb ik er wel last van en dan vervolgens drie jaar niet. Het is vaker voor gekomen dat ik in hartje zomer een week ziek ben. Een dag rust en heel veel verse vitaminen zullen me hopelijk goed doen! Ik heb vanmiddag in Meppel gelopen en heb na afloop een deel Ruinerwold en Havelte bezorgd. De accu is helemaal leeg als ik in Uffelte ben. Ik zal binnenkort eens kijken of ik al in staat ben om de Pioneer weer op de weg te krijgen want eigenlijk ben ik de e-bike alweer een beetje zat. Zonder motor is het een lompe fiets die nauwelijks vooruit is te krijgen en ik word liever niet gebonden door de capaciteit van een accu tijdens een fietstochtje. Vanavond keer ik weer terug naar de zomer van 1994 met het tweede deel van de singles van de Ballonfeesten in Joure. Ik dacht vorige week dat ik er al was, maar nee. nóg eens negen titels.

Ik ben een paar maanden geleden lid geworden van de Solexclub in Joure. Vooral vanwege de mogelijkheid om het voertuig tegen een lage premie te verzekeren. Zo kom ik in contact met bestuurslid Put. Hij schijnt ook erg handig te zijn voor reparaties aan Solexen en zo krijgt hij mijn bakbeest in het onderhoud. Wat hij gedacht moet hebben, zal ik nooit weten. Hij is wel degene die me adviseert om een ander model te nemen. De banden van dit type zijn schaars en de bandenmaat wijkt nogal af. Een model uit de jaren zestig kan gebruik maken van de banden voor de Cyklon, de Hongaarse Solex die dan net op de markt is. Hij belooft voor me rond te kijken en een paar weken later sta ik oog in oog met de OTO. Het heeft een kentekenplaatje uit de vroege jaren tachtig en heeft blijkbaar dienstgedaan als crossbrommer. Put biedt aan de Solex 'betrouwbaar' te maken voor een zachte prijs. Bij wijze van service wordt de Solex aan huis gebracht terwijl ik loop te feesten op het Wâldrock-terrein. De volgende ochtend hebben we een toertocht vanuit het Friese Echten. Ik kijk mijn ogen uit hoe Put de crossbrommer onder handen heeft genomen. Gelukkig is de zwarte lak dof want ik hou niet van glimmende zwarte Solexen. Het ding bewijst meteen over 'power' te beschikken. Ik start hem achter huis en schrik ervan als ik wil weg rijden. Ik kan even niet meer sturen en rij zo de heg in. Dat is de vuurdoop voor mijn nieuwe 'Lex'.

Het is een zogenaamde 'OTO'. Volgens mij is het 'automatische' aan deze Solex dat hij bij een warme motor uit zichzelf van de choke naar de eerste versnelling glijdt. Iets waar ik een jaar later bij de Kreidler Florett zo enorm aan moet wennen: De motor uit de choke halen. Dat is een bericht voor over een jaar! Ik vind op een beurs nog een 'OTO'-beugel voor om de benzinetank en de motor. Een prachtig accessoire om de Solex nog meer 'af' te maken. Met tussenpozen brengt de Solex mij overal in Friesland en daarbuiten voor de komende twee jaar. In het najaar van 1996 krijg ik problemen met de Solex en komt deze in het hok te staan. Ik koop dan eerst een Vespa Si-damesbrommer en later de PK 50 S-scooter die ik al eens te gast heb gehad. (Zie: vrijdag 28 oktober 2011: De skoet-skoet). Als ik in de zomer van 1998 terug kom uit Mossley voor het Woodstock-festival merk ik dat ze daar zelf een Solexclub zijn begonnen. Er is enorm veel belangstelling voor de Solex die de hernieuwde interesse in Steenwijk heeft aangewakkerd en ik laat drie mensen bieden. De hoogste bieder haalt de SOlex in augustus 1998 weer uit mijn leven. Ik heb er in 2001 nog eens op gereden want hij is een tijdje in het bezit geweest van de kroegbaas. Deze heeft hem echter verkocht aan iemand in de Achterhoek die hem helemaal opnieuw zou restaureren. Waarschijnlijk met glimmende zwarte lak?

1869 België-Het Goede Doel (NL, CNR, 1982)
1870 So You Win Again-Hot Chocolate (UK, Rak, 1977)
1871 Funky Town-Lipps Inc. (NL, Casablanca, 1980)

Hoewel in de volgende afleveringen de originele kaartenbak weer tot leven komt, is het op dit moment gokken. Toch weet ik van een aantal zeker dat ik ze deze dag in 1994 heb gekocht. Lipps Inc. is een twijfelgeval maar ik weet dat ik op dat moment nogal vol ben van het nummer en ik heb hem niet vóór juni 1994 gekocht. Ik 'droom' ergens van een deathmetal-arrangement van dit nummer maar kan me nu niet meer voorstellen hoe dat had moeten klinken.

1872 Stumblin' In-Suzi Quatro & Chris Norman (NL, Rak, 1978)
1873 Kwek Kwek-Ronald & Donald (NL, CBS, 1974)
1874 The Sounds Of Silence-Simon & Garfunkel (NL, CBS, 1966)

De eerste twee zijn weer gokjes. Ik vermoed dat ik de huidige single in 2000 heb gekocht maar ben er zeker van dat ik in juli 1994 een single van Suzi Quatro heb gekocht. Het is 'If You Can't Give Me Love' of deze. Ik weet dan nog niet dat ik Suzi over een maand aan het werk zal zien in Steenwijkerwold. Ronald & Donald staat ook op de cassettebandjes die ik meeneem naar 'het stort' en zal ik dus ergens in deze contreien moeten hebben gekocht. Bij Simon & Garfunkel weet ik het zeker. Ik heb de single al in een betere staat met 'Homeward Bound' op de keerzijde (een Nederlandse heruitgave uit 1968 mét fotohoes) en neem deze vooral mee vanwege de b-kant. Ik heb een paar weken geleden 'The Sounds Of Silence' en 'Bridge Over Troubled Water' op cd gekocht en 'We've Got A Groovey Thing Goin' Baby' is een nummer dat ik meteen verlang op een vinylsingle. Hebbes dus!

1875 Waikiki Man-Bonnie St.Claire & Unit Gloria (NL, Philips, 1973)
1876 Stand By Your Man-Tammy Wynette (NL, Epic, 1975)
1877 If I Had A Hammer-Trini Lopez (NL, Reprise, 1963)

Trini Lopez mét fotohoes is van een latere datum, in 1994 zit de plaat in een neutraal hoesje. Volgende week ga ik dan eindelijk een 'midweek op eigen benen': De eerste zelfstandige vakantie met twee zomerzwerfkaarten en een sterke drang naar vinylsingles en speciaalbier.

dinsdag 16 juli 2019

Week Spot: Michelle David & The Gospel Sessions



De eerste van twee dagen weekend of toch mijn enige vrije dag in de week? Dat zullen we morgenochtend zien. Op zichzelf zijn er veel collega's met vakantie maar toch lijkt het zich allemaal goed te redden. Als ik wel nodig ben, weet ik evenmin of ik in Steenwijk of Meppel aan de slag ga. Ik heb deze dag andermaal de rustdag gehad die ik anders vaak heb op zondag. Zaterdag is in alle opzichten een hectische dag geweest en het is in zekere zin een straf om vroeg uit de veren te moeten. De terugweg van Steenwijk naar Uffelte is eigenlijk onverantwoord, maar ja... ik zal toch thuis in mijn bedje moeten slapen. Ik heb royaal uitgeslapen en ben vanmiddag niet alleen met de show van vanavond aan de slag gegaan, maar ook met de 'Summer Spirit Of 1967' die ik over twee weken op zondag ga doen. Een sigaartje achter huis en verder ben ik de deur niet uit geweest. Vanavond een kersverse aanwinst als de Week Spot. De plaat is nog niet voorbij gekomen in de 'Singles round-up' omdat die pas zaterdag is gearriveerd. Het is een nummer dat me twee weken geleden bijna even tot wanhoop had gedreven en ik ben dan ook dolgelukkig dat ik de plaat nu in de collectie heb. Een 12"-EP om precies te zijn. De nieuwe Week Spot is 'Gonna Be Alright' van Michelle David & The Gospel Sessions uit 2018.

Sinds de teleurstellende ervaring met de Amerikaanse folky singer-songwriter die ik niet meer bij naam wil noemen (hoewel haar naar in de eerste jaren herhaaldelijk is gevallen en ik niets heb aangepast), ben ik een soort van allergisch geworden voor concerten. Laat me duidelijk zijn: Ik heb in de jaren negentig bijna beroepsmatig concerten bezocht. In de nieuwe eeuw is dat erg toegespitst op bands en artiesten waarvan ik 'fan' ben. Live-optredens horen per definitie verrassend te zijn. 'Expect the unexpected', behalve als de artiest in kwestie een pestbui heeft en er een potje van maakt. Bij een plaat of cd is de gemoedstoestand van een artiest immer gelijk en zit er na verloop van tijd geen verrassing meer in en tóch heb ik een beetje een kater gekregen van artiesten die geen zin hebben aan een optreden of het publiek wil verrassen met iets waarvoor helemaal niet is betaald. De concerten zijn sindsdien op één hand te tellen en ook bij mijn meest recente bezoek aan De Buze wordt het opnieuw duidelijk: Ik heb het gehad met de live-concerten. Toch blijf ik graag op de hoogte wat er speelt in de regio en zo volg ik al een paar jaar de concerten van De Muziekcoöperatie in Meppel. Meppel heeft alleen schouwburg en een paar wijkgebouwen. Geen popzaal of een gelegenheid waar wordt ingespeeld op de vraag naar cultureel verantwoorde popmuziek. De Muziekcoöperatie heeft een tijdje gebruik kunnen maken van een oud schoolgebouw en is sindsdien weer 'zwervend'. Het heeft in de afgelopen jaren tweemaal Michelle David op bezoek gehad. De eerste keer in een kerk en de tweede keer in de school. Ik schenk weinig aandacht aan het concert omdat ik Michelle David & The Gospel Sessions dan alleen ken van hun eerste album. Ik had hen beter kunnen blijven volgen want als er één Nederlandse band die een progressie heeft gemaakt, is het Michelle David & The Gospel Sessions.

Ik maak voor dit bericht gebruik van twee bronnen die elkaar prachtig aanvullen. Haar Nederlandse Wikipedia vermeldt wel The Gospel Sessions-albums maar spitst zich inhoudelijk toe op de vroege jaren van David. Haar website noemt dan de eerste jaren niet tot nauwelijks en gaat meteen los met het eerste album van The Gospel Sessions. Michelle wordt geboren op 28 augustus 1966 in Winston-Salem in de Amerikaanse staat North Carolina. Ze is pas een paar maanden oud als ze met haar moeder verhuist naar New York. De kerk speelt meteen een belangrijke rol en vanaf haar vierde levensjaar gaat ze zich toeleggen op het zingen voor de gemeenschap. In 1971 wordt ze lid van de groep The Mission Of Love. Tijdens haar schoolperiode draagt ze haar bescheiden steentje bij aan de film 'Ghostbusters' en gaat later medicijnen studeren. In 1991 doet ze auditie voor een musical: 'Mama I Want To Sing'. Deze musical trekt in 1992 de wereld rond en zo komt Michelle terecht in Duitsland. Ze treedt twee jaar op met The Golden Gospel Singers en komt in 1994 naar Nederland. Ze werkt in de shows 'The Sound Of Motown', 'Glory Of Gospel' en 'Mahalia' en is in 1997 te zien in de film 'Abeltje'. In dat jaar brengt ze ook haar eerste cd-single uit: 'No One's Gonna Love You'. Ze gaat in deze periode voor even terug naar Amerika. Daar doet ze achtergrondzang voor Diana Ross en Michael Bolton en choreografie in de show 'Black Nativity'. In het begin van de nieuwe eeuw keert ze terug naar Duitsland. Ze is te zien in de voorstelling 'R.E.S.P.E.C.T.'. In 2002 wordt ze gevraagd voor een rol in 'The Lion King' maar in plaats daarvan gaat David in Nederland de theaters in met Big, Black & Beautiful. Naast David bestaat dat uit Rocq-E Harrell en Lucretia Van Der Vloot. Naast de vermelding van een radio- en televisieshow bij de Amsterdamse zender SALTO en het feit dat David met man en drie kinderen in de buurt van de hoofdstad woont, eindigt het Wikipedia-verhaal. In de discografie staan echter wel de drie Gospel Sessions-albums.

Onno Smit en Paul WIllemsen kennen elkaar van de band Lefties Soul Connection dat Michelle David in 2012 begeleidt op het North Sea Jazz Festival. Met de Lefties hebben de heren voornamelijk rauwe funk voortgebracht en later zijn daar een paar aanverwante stijlen bij gekomen. Vanaf 2012 groeit een gezamenlijke interesse in de rijke geschiedenis van de gospel en dit resulteert in 2015 in het eerste album van Michelle David & The Gospel Sessions. Ik ben zelf iets meer op zoek naar de 'verrassende' gospel. Niet zo zeer de traditionele (zwarte) kerkmuziek, maar liever gospel als stijl in combinatie met een andere muziekvorm. Het eerste album is me té tradioneel. Smit en Willemsen zijn echter op onderzoek en beginnen met de 'roots': De gospelklanken uit de jaren twintig van onder andere Sister Rosetta Tharpe. Op het tweede album schijnt het meer jaren vijftig te zijn en met het meest recente album zitten we reeds in de jaren zeventig. Het is eens op een woensdagavond als ik Radio 1 inschakel voor 'Met Het Oog Op Morgen'. 'Langs De Lijn' is bezig aan haar laatste minuten en kondigt Michelle David aan. Wat ik dan krijg te horen? Gelukkig staat het nummer op Youtube en eveneens in de database waar ik de muziek voor mijn shows vandaan haal. Discogs zet me op een dwaalspoor. Dat spreekt van een 12"-EP welke alleen tijdens concerten is verkocht. Als ik nu eens naar Meppel was gegaan? Ik sta bijna op het punt om Facebook op te gaan met een gouden beloning voor zo'n EP als ik toch even op haar website kijk. En wat blijkt? De EP is opnieuw geperst en nu met officiële labels en is zéér zonnig geprijsd!Ik heb vanmiddag de EP helemaal gedraaid en bijna zou ik nog voor het eerste nummer op de tweede kant zijn gegaan, maar nee... Ik hou het toch echt bij het opzwepende 'Gonna Be Alright'. Een kant die ik dan nog niet ken van Michelle David & The Gospel Sessions maar dat na drie albums gemeengoed is geworden.

maandag 15 juli 2019

De onbekende legende



Ik hou er nog steeds een paar dagdromen op na. Op een onverlaten moment kan ik zo mijn gedachten laten afdwalen naar een parallel universum. Het hoeft niet met de ogen dicht of in gedachten verzonken. Eentonige kale stukken tijdens een fietstocht kunnen opeens als een paradijs worden ervaren als ik denk aan één van mijn vele dagdromen. De droom of ambitie om een succesvol muzikant te zijn, heb ik reeds lang geleden laten varen. Het wordt aangestoken als ik met het vijfentwintig jarig huwelijk van mijn ouders en de bruiloft van mijn zus (beide in 1987) tweemaal een nogal kneuterig stemmingsorkestje zie. In mijn dagdroom begint het 'lullig' op deze manier en zal het uitgroeien tot een band van formaat die op alle plekken in de wereld de podia zal plat spelen. Het is pas in 1993 als ik kennis maak met de folk dat ik meer een solo-carrière ambieer. Ik schrijf dan al liedjes. Ofwel: Schrijfsels in een onbeholpen Engels waarbij ikzelf meteen een melodie met een volledige begeleiding in gedachten heb. Ik zou het willen omschrijven als folkrock met lichte symfonische invloeden, alleen... wat ik in mijn hoofd heb kan ik niet tot uitdrukking brengen op papier. Ik heb al eens van een rommelmarkt een oude akoestische gitaar meegenomen. De hals is kromgetrokken en daardoor is het alleen nog goed om aan de muur te hangen. Toch kan ik uren zitten dromen met het instrument op de knie. Via 'het stort' komt daar nog een elektrische Egmont-gitaar uit de jaren zestig bij. Jammer dat het elektrische gedeelte uit de gitaar is gesloopt, maar dit mag andermaal de rockster naar boven halen op de slaapkamer. Gewoon met het instrument op schoot ervan dromen dat ik met een band speel. De folk maakt echter dat de ambitie steeds groter wordt en in 1994 hak ik de knoop door: Ik koop een nieuwe akoestische gitaar.

Ik heb op zichzelf een goede muzikale onderbouwing. Ik heb A- en B-diploma's op het gebied van muziektheorie en praktijk met de bariton. Ritmisch kloppen de liedjes in mijn hoofd helemaal. Ik kan alleen niet uitleggen welke noten ik gebruik en in welke stemming de liedjes zijn. Bovendien is notenschrift voor een gitaar anders dan dat voor een blaasinstrument. Hoewel ik al 27 jaar niet op een tuba heb gespeeld en wellicht weer net zo hard moet oefenen om geluid te krijgen uit het instrument als in het begin, weet ik nog precies welke ventielen ik moet gebruiken voor welke noot. Als ik dus lucht zou kunnen krijgen uit een blaasinstrument dan zou ik in principe de C-toonladder probleemloos kunnen spelen. Ik ben in 1992 echter niet voor niets van school gegaan. Er is genoeg herseninhoud om later nog een pittige journalistieke opleiding te doen op HBO-niveau, alleen ontbreekt in de vroege jaren negentig de wil om droge stof te leren. Ik ben op zichzelf niet veeleisend met de gitaar. Zodra ik vier akkoorden kan spelen, zal de rest zich wel ontwikkelen. Alleen... die eerste vier akkoorden. Waren die maar zo eenvoudig voor mij om te leren...

Als het moet dan moet het goed en zo ga ik niet over een nacht ijs met de aanschaf van een gitaar. Er zijn veel goedkopere Spaanse gitaren op de markt met nylon snaren. Ik wil echter eentje van Heins met stalen snaren. Ik koop er meteen ook een 'bottleneck' bij zodat ik eventueel nog wat melodie kan aanbrengen met de slide. Wim Heins heeft dan een gitaaratelier aan het Kleinzand in Sneek. De gebroeders Van Halen willen alleen maar gitaren die zijn gebouwd door Heins en zo zijn er meer beroemde rockmuzikanten. Mijn gitaar is niet gebouwd door Heins maar draagt middels een sticker op de klankkast wel zijn signatuur. Bij Heins is het onmogelijk om rommel te kopen en hij prijst dit instrument dan ook vol enthousiasme aan. Het instrument wordt verpakt in een zachte leren gitaarhoes met een stevig hengsel en zo ga ik, trots als een pauw, in de bus terug naar Jutrijp. Ik kan opnieuw wel weer uren zitten met de gitaar op schoot met soms een hele kleine wrijf over de harde metalen snaren. Ik ken nog geen akkoorden en de gedachten aan de goed gearrangeerde liedjes in mijn hoofd doen me de moed in de schoenen zakken.

Eén van mijn muzikale helden uit die tijd woont slechts een paar kilometer bij me vandaan. Ernst Langhout heeft ooit met zijn band The Visitor opgetreden in Rusland ten tijde van het ijzeren gordijn. Het is de eerste Nederlandse rockband geweest die deze eer ten beurt is gevallen. Sinds een aantal jaar is Ernst op de solotoer en ik kan niet genoeg krijgen van zijn solo-albums. Ik weet niet meer hoe het precies tot stand is gekomen maar op een zeker ogenblik wil Ernst me wel het gitaarspel onder de knie brengen. Het komt echter bijna niet aan spelen toe. Het is soms zelfs een verkapt interview voor de krant. We hebben het over van alles en nog wat. Ernst probeert me de grepen bij te brengen en stuurt me naar huis met 'huiswerk'. Als ik in de bus zit, ben ik de grepen alweer vergeten. Ernst ziet het na vier keer helemaal niet meer zitten met deze pupil en zo ga ik weer op de slaapkamer dromen met de gitaar op schoot. Eind 1996 raak ik even ontzettend 'in de Here' en kom regelmatig in het clubgebouw van de Sneker Youth For Christ. Ik raak bevriend met een jongen die ook niet onverdienstelijk gitaar kan spelen en ook hij tracht me de grepen bij te brengen. Ik denk dat ik het dan nog niet wil toegeven, maar het is inmiddels een stuk gemakkelijker uit te leggen. Ik heb te maken met een vertraagde motoriek. Dat uit zich vooral erin dat het erg lastig tot onmogelijk is om tegelijk aandacht te besteden aan mijn linker- en rechterhand als deze elk een afzonderlijke taak hebben. Dat is het geval bij gitaarspelen. Rechts moet op de goede manier wrijven over de snaren terwijl ik op hetzelfde moment met links de akkoorden moet aan slaan. Inmiddels accepteer ik deze handicap maar dat is anders in de jaren negentig.

In mijn tijd in de Popkelder maak ik geregeld gebruik van een oude basgitaar van collega Jan en weet op een bepaald moment zelfs een liedje te spelen dat ergens naar klinkt. Toch moet ik er dan weer niet aan denken dat ik tegelijk ook moet zingen en zo realiseer ik me steeds meer dat het niet iets gaat worden met mij als zanger-gitarist. Ik vorm in 1997 een kort levend duo met een zanger-gitarist waarbij ik met tamboerijn iets van percussie doe. Hij zet een paar van mijn teksten op muziek en ik ben dik tevreden met het resultaat, hoewel het anders is dan dat ik eerst in gedachten had. Mijn eigen akoestische gitaar komt echter niet meer uit de hoes. Als ik vriend Kees op het Dicky Woodstock-festival heb leren kennen, heeft deze opeens interesse voor een akoestische gitaar. De koop is gauw gesloten en zo verdwijnt de gitaar na vier jaar stof happen uit mijn leven.

In mijn dagdromen zijn de 'liedjes' allemaal grote hits die iedereen kan meezingen. Sterker nog: Ik kan complete concerten houden tussen mijn oren. Ik heb een internationaal-klinkende 'unieke' naam geadopteerd voor mijn muzikantenbestaan. Naar het voorbeeld van andere artiesten heb ik ook een eigen publicatiemaatschappij en deze heet 'Unknown Legend'. Dat verklaart de titel boven dit bericht. De legende met de naam Wim Heins is een paar jaar geleden erg plotseling overleden op nog veel te jonge leeftijd. Hoewel ik het instrument nog helemaal kan uit tekenen, bestaan er geen foto's van mij met de akoestische gitaar. Wel ben ik ooit gekiekt met de basgitaar maar deze foto blijkt onvindbaar op het wereldwijde web. Het is gepubliceerd in een of ander christelijk blad samen met mijn verhaal over de bekering van deathmetal-muzikant naar gelovige. Ik hoop hem ooit nog eens te vinden (hoewel ik het origineel nog wel ergens moet hebben). De foto toont in ieder geval hoe serieus ik het muzikantenbestaan neem. Er mag vooral niet gelachen worden naar de camera!

Gele Bak Top 100: 65-73



Ik ben buitensporig vroeg naar bed gegaan en heb de wekker erg ambitieus vroeg gezet. Ik moet immers nog een paar brieven bezorgen in Havelte en ook nog even aan de slag met de speellijst voor 'Mixed Bag' van vanavond. De wens om rust overwint en zo is het tegen één uur als ik mijn bed uit stap. Het bezorgen stelt gelukkig niet veel voor en na de sortering ben ik om acht uur thuis. Nog een uur om een paar nummers aan de lijst toe te voegen en promotie te maken voor de show. Het lukt allemaal nét. Nu dan eerst het vierde deel van de Gele Bak Top 100 en wellicht straks een 'gezellig' verhaal over iets da tik reeds een tijdje heb beloofd. Ik hoop straks de juiste inspiratie te hebben voor dit bericht. In deze aflevering zijn zes singles afkomstig van Albert. De nummers 72 en 71 heb ik vorig jaar in Hoogeveen gekocht en 67 heb ik gekregen van Baz.

73. El Monte-Fonseca (België, Ronnex R. 1337, 1964)

72. Art For Art’s Sake-10CC (NL, Mercury 6008 017, 1975)

71. Please Mr. Postman-The Beatles (Duitsland, Odeon O 22 741, 1964)

70. Never Be Clever-Herman Brood & His Wild Romance (NL, Ariola 100.598, 1979)

69. Good Thing-The B-52’s (Duitsland, Reprise 5439-18895-7, 1992)

68. Tears On The Telephone-Hot Chocolate (EEG, RAK 1A 006-1652467, 1983)

67. Breakaway-The Springfields (UK, Philips 326481 BF, 1961)

66. My Definition Of A Boombastic Jazz Style-The Dream Warriors (Duitsland, 4th+B’way, 1990)

65. Born Of Frustration-James (Duitsland, Fontana 866 404-7, 1992)

zondag 14 juli 2019

Gele Bak Top 100: 74-82



Vanavond even een korter bericht. Ik ben vandaag naar mijn moeder geweest om de beide broers te ontmoeten. Dat is een knappe zeldzaamheid dat zij tegelijk uit Denemarken in Nederland zijn. We hebben dat vanavond gevierd met een etentje. Daardoor is mijn show van vanavond niet door gegaan en heb ik die van gisteravond ook last minute moeten cancellen. Ik heb net iets teveel aan mijn kop om met de radioshow bezig te zijn. Dat wordt deze week waarschijnlijk weer dubbel en dwars ingehaald want morgenavond neem ik de show van een collega waar tussen negen en elf. Dinsdag de 'Tuesday Night Music Club' en wellicht woensdag een tweede ronde voor de show van afgelopen week. Vanavond dus het derde deel van de Gele Bak Top 100. Hoewel ik de foto en de titelinformatie heb klaar liggen, ga ik morgenavond verder met het vierde deel. Alleen 77 en 75 zijn singles die ik zelf heb uitgezocht en ook nog op dezelfde dag bij dezelfde kringloopwinkel. Dat is bijna een jaar geleden bij de winkel aan de Paradijsweg in Meppel. De overige singles zijn afkomstig van Albert.

82. Lady Killer-Herman Brood & His Wild Romance (NL, Sky 4213, 1984)

81. De Toeteraar-Conny Vink (NL, RCA Victor 74-15096, 1969)

80. I’m Real-James Brown (NL, Scotti Bros. 870 332-7, 1988)

79. Oema Srefie-Kaseko All Stars (Suriname, Bluegrass DCS 6203 E, 1977)

78. Flip-Jesse Green (NL, Red Bus NG 791, 1976)

77. La Nave Del Olvido-Henry Stephen (Duitsland, RCA Victor 47-15195, 1970)

76. Fall In Love With Me-Earth Wind & Fire (NL, CBS A-2927, 1982)

75. Watch It With My Heart-José Feliciano (NL, RCA Victor 74-0476, 1970)

74. Groovy Train-The Farm (Duitsland, Jive ZB44135, 1990)

vrijdag 12 juli 2019

Singles round-up: juli 1



,,Morgen ga ik beginnen met de Singles round-up", schrijf ik een dag geleden. Beginnen? Ja, het is aanvankelijk het plan om de vijftien singles uit Dwingeloo in twee berichten te doen. Ik verwacht dat ik dinsdag of woensdag de betaling in orde kan maken bij Mark en bovendien verwacht ik nog een paar platen (waaronder nóg meer 12"-singles). Dat kan dus nog best een beetje druk worden in de laatste weken van juli en dan kijk ik nog eens naar de vijftien singles van gisteren. Zes (of eigenlijk zeven) singles heb ik al in de verzameling, soms in een iets andere persing. De overige negen zouden op zichzelf kunnen passen voor één bericht ook omdat een deel acht singles zou bevatten als ik het in twee berichten zou stoppen. En dus presenteer ik jullie vandaag alle vijftien singles. Ik heb ze nog niet gedraaid en ga dat nu voor het eerst doen.

Met enkele honderden singles in het vooruitzicht en een euro per stuk is het begin altijd moeilijk. De eerste plaat die ik eruit haal is bijvoorbeeld de Engelse persing van 'I Can't Stand The Rain' van Eruption. Leuk, zo'n Engelse persing, maar ik heb hem al goed in de Nederlandse persing met fotohoes en kan daar prima mee leven. Zo zijn er nog een paar singles die niet mee gaan. 'Florida' van Bolland & Bolland bijvoorbeeld, maar ook een zéér oude single van Paul Anka op het Engelse Columbia-label. Ik denk dat ik vijfendertig singles uit de bak haal en deze terug breng naar een eenvoudige vijftien. Ik begin met de eerste zes die ik reeds in de bakken heb staan. De zevende hou ik bij de reguliere aankopen omdat het me daarbij vooral gaat om de b-kant.

* Aphrodite's Child- It's Five O'Clock (NL, Mercury, 1970)
* The Chi-Lites- You Don't Have To Go (UK, Brunswick, 1976)
* Rozalla- Are You Ready To Fly (België, Bounce, 1992)
* Sandie Shaw- Girl Don't Come (NL, Pye, 1964)
* Slade- Cum On Feel The Noize (UK, Polydor, 1973)
* The Spinners- Could It Be I'm Falling In Love (NL, Atlantic, 1972)

Aphrodite's Child heb ik in 2007 nog gekocht met fotohoes. Toch kan ik de single al een tijdje niet meer vinden en 'mis' het nummer op zichzelf best wel. Voor een gulden mag veel en maak ik geen bezwaar tegen deze single in een neutrale hoes. Mocht de single met fotohoes nog eens opduiken vanuit een doos dan is een reserve-exemplaar nooit weg? The Chi-Lites heb ik in 2016 gekocht bij De Tafel in Meppel. Dat is de Amerikaanse single op styreen. Het oogt nieuw maar klinkt niet echt fris. De Engelse moet een upgrade vormen. En dat klinkt een stuk fijner zonder het geruis en gesis van de styreen persing. Deze gaat in de reserve-Blauwe Bak en de Amerikaanse in de jaren zeventig. Rozalla zat per ongeluk (?) tussen de laatste singles van Albert. Nu heb ik de single dan met de corresponderende fotohoes en die had ik in ieder geval meegenomen. Sandie Shaw is echt voor de heb. De single heeft een zwaar leven achter de rug, dat is duidelijk. Ik heb de plaat eveneens in de Engelse uitgave. De man heeft twee exemplaren liggen van de Slade-single en beide 'new old stock' en uit Engeland. Het voelt onwerkelijk aan om 46 jaar na dato het stof te vegen van deze single en het de eerste keer te draaien! The Spinners heb ik in 2016 bij Mark gekocht. Dat is dan de Franse persing met fotohoes. De single klinkt niet overal even zuiver en voor een euro wil ik wel gokken met de Nederlandse. Deze heeft een 'schoon' geluid en dat betekent dat de Franse naar de jaren zeventig-bak kan.

* Joe Bourne- Hold On To What You've Got (NL, Rams Horn, 1982)
Ik heb sinds een paar jaar een bepaalde fascinatie voor Joe Bourne en zet met enige reservering dit plaatje op. Het Rams Horn-label staat immers voor disco. Het is niet, zoals ik altijd had gedacht, een cover van de Joe Tex-hit maar een 'classy' disco-nummer dat beslist een ronde gaat verdienen in de Blauwe Bak hoewel het op het randje zit. De b-kant heet 'The B-Side' en is iets minder uitbundig dan de a-kant maar eigenlijk best grappig.

* Delaney & Bonnie And Friends- Comin' Home (Duitsland, Atlantic, 1969)
Eigenlijk vanwege de keerzijde, maar laat me eerst de a-kant eens opzetten. Het heeft wat 'edge wear' dat de plaat uit de bakken met collector's items heeft gehouden maar daar merk je bij het draaien weinig van. Op 'Comin' Home' is de hoofdrol vooral weg gelegd voor Eric Clapton. Op de b-kant staat echter 'Groupie' dat hier al 'Superstar' tussen haakjes heeft meegekregen. En dan hebben we het over de originele 'Superstar' zoals dat een paar jaar later door The Carpenters op de hitparade is gebracht. Hoewel ik weinig medestanders zal vinden, staat dit origineel met hoofd en schouders boven de covers. Bonnie's soulvolle zang, Clapton's gepluk op de gitaar, de Memphis-blazers in het refrein... alles klopt in dit origineel. En natuurlijk het pianospel van Leon Russell niet te vergeten. Ik ben erg blij met deze aanwinst!

* Betty Everett- The Shoop Shoop Song (NL, Stateside, 1964)
Zeldzaam? Nee, dat zou ik niet durven zeggen maar ik kom de plaat niet bepaald iedere dag tegen in deze contreien. 'Not for sale' staat op het label gedrukt en de plaat komt met een prachtig origineel Nederlands Stateside-hoesje. Hoewel de single het 'hartje' heeft verloren, klinkt het opvallend fris. Ik had hier wellicht ook nog wel een tientje voor willen geven! Op de keerzijde staat Everett's uitvoering van 'You're No Good' en ook dat is niet te versmaden. Toch komt het niet naast 'Getting Mighty Crowded' in de Blauwe Bak maar bij 'Trouble Over The Weekend' in de jaren zestig.

* Roberta Flack- If Ever I See You Again (NL, Atlantic, 1978)
Een pure gok! Helaas. De a-kant is een pure ballade en niet interessant voor de Blauwe Bak. Toch de keerzijde eens proberen? Dat is al even jazzy. Beetje jammer maar staat leuk bij de andere jaren zeventig-singles van Roberta Flack in mijn verzameling.

* Honeyboy- Then I Kissed Her (UK, Penguin, 1976)
De instrumentale b-kant ken ik inmiddels, de a-kant heb ik nog niet gedraaid. Het oogt reggae en dus ben ik vlug bereid voor een euro. Ik denk dat het platte Engelse reggae gaat worden als The Piglets, om maar iets te noemen, maar... ik heb voor een euro een heuse 'gem' gevonden. Althans, dat laat Baz me weten. Hij biedt me meteen een bedrag maar nee... de single blijft in mijn verzameling. Penguin blijkt een label te zijn dat redelijk positief wordt ontvangen door de Engelse deejays. Ik ben toch niet helemaal overtuigd van Honeyboy's zang en kies dan toch echt voor de instrumentale kant. Een lekkere bas en een interessante structuur maakt dat dit heel wat anders klinkt dan de meeste andere reggae uit Engeland. Het is niet altijd wat het lijkt en vaak levert dat een teleurstelling op. Hier is het eens andersom en daar heb ik geen bezwaar tegen!

* Klark Kent- Don't Care (NL, A&M, 1978)
Ik weet dat hier een link is met The Police. Klark Kent is niemand minder dan Stewart Copeland. In Engeland is de single nog op verschillende tinten vinyl uitgebracht maar dit is de gewone zwarte Nederlandse uitvoering. 'Don't Care' is andere koek dan de popreggae van The Police. Een lekker puntig powerpop-ding maar het is vooral de 'novelty' dat maakt dat ik het plaatje heb meegenomen.

* Johnny Nash- Hold Me Tight (UK, Regal Zonophone, 1968)
Dit is de zevende 'dubbele' single. Ik heb 'Hold Me Tight' reeds in de Nederlandse uitvoering op Injection en met fotohoes. Mijn interesse gaat vooral uit naar de b-kant. Ik heb 'Let's Move And Groove Together' reeds in de uitvoering van Benny Latimore maar hier is het origineel van Johnny Nash uit 1965. Ik geef een lichte voorkeur aan Latimore en dat zal vanwege de stem van de man zijn. Gezien ik voorlopig nog geen geld heb voor een derde Blauwe Bak-koffer en ik de collectie verder uit bouw, mag deze even 'groeien' in de Blauwe Bak-omgeving. De beslissing waar de plaat komt te staan, moet ik over een paar maanden maken.

* Jimmy Ruffin- Hold On To My Love (NL, RSO, 1980)
Waar de gebroeders Gibb zich Holland-Dozier-Holland wanen met Diana Ross in 'Chain Reaction', daar doen Robin Gibb en Blue Weaver geen enkele moeite om Motown-veteraan Jimmy Rufin te laten klinken als een Bee Gees-productie. Ik had eerlijk gezegd gehoopt op iets spannender maar dit gaat gewoon in de jaren tachtig-bak.

* The Stylistics- Let's Put It All Together (Duitsland, Avco, 1974)
Tot slot deze klassieker van The Stylistics. Ik hou zoveel van dit nummer dat ik het een plekje in de Blauwe Bak gun. Toch nog even de b-kant proeven? 'I Take It Out On You' begint als een plaat die zeker niet mag ontbreken in de Blauwe Bak! Het is het bekende Stylistics-geluid maar dit wil ik wel laten groeien.