vrijdag 16 januari 2026

Singles round-up: januari 5


Over twee uren ga ik op de radio de 'New additions' uit de jaren zeventig-bak van zondag draaien. Ik heb zondag de show last minute moeten cancelen. Omdat ik voor die show maar liefst achttien 'New additions' heb, besluit ik meteen deze te gebruiken voor de show van vanavond. Zeventien van de achttien plus een top tien die ik morgen met jullie ga delen in 'Rondje gebak' (plus de link om het terug te luisteren). Jullie hebben nu in ieder geval nog het tweede deel tegoed van het nestje Stateside=singles. Er zijn vanmiddag ook nieuwe Juno's binnengekomen. Ik heb in december ook een paar besteld die ik nog altijd moet behandelen maar deze spelen even verstoppertje. Ik ga nu even door met de Statesides en ga me dan eerst richten op de radio. Ik wil de 'nieuwe' releases wel graag voor morgenavond hebben beluisterd. dus wens me succes met de zoektocht. Nu dan eerst maar het tweede deel van de Engelse Stateside-singles. 

* Mitch Ryder & The Detroit Wheels- Jenny Take A Ride (UK, Stateside SS-481, 1965)
De platen van Mitch Ryder zijn erg populair bij de Engelse Mods en twee daarvan hebben de oversteek gemaakt naar de Northern Soul. Het is echter dé dansmuziek bij uitstek en dus reken ik ze goed voor de Blauwe Bak. Op deze plaat doet het een smakelijke mix van 'See See Rider' met 'Jenny Jenny'. Ik ken het nummer overigens al dertig jaar, in eerste instantie dankzij '24 Happening Hits' waar ik ooit een bericht aan heb gewijd. 

* Lee Dorsey- Get Out Of My Life, Woman (UK, Stateside SS-485, 1965)
De Week Spot van deze week. Overigens zie ik dat de single in januari 1966 op de Engelse markt is gebracht. 

* Lee Dorsey- Working In The Coalmine (UK, Stateside SS-528, 1966)
Deze heb ik ooit in een hele slechte staat gekocht tijdens een vakantie in België. Deze 'nieuwe' mag zonder meer in de Blauwe Bak. 

* The Toys- Baby Toys (UK, Stateside SS-539, 1966)
Een ontzettend gaaf plaatje van The Toys. Het heeft het territorium verlaten van 'A Lover's Concerto' en doet nu een gek plaatje over allerhande speelgoed. Sommige daarvan maken geluid want zo horen we een indiaantje op de achtergrond. Bij The Toys is het 'hit and miss' als het tot de Blauwe Bak komt. Ik heb 'Attack!' ook gewoon in de Gele Bak staan en daar komt 'Baby Toys' ook te staan. 

* Lee Dorsey- Holy Cow (UK, Stateside SS-552, 1966)
Deze heb ik onlangs nog gevonden op Amerikaans styreen maar ik heb dan toch liever de Engelse persing. Deze mag eveneens in de Blauwe Bak. 

* Mitch Ryder & The Detroit Wheels- Sock It To Me Baby (UK, Stateside SS-596, 1967)
Eenzelfde laken een pak als bij 'Jenny Take A Ride'. Het is eigenlijk blue-eyed garagerock maar hey... het swingt als een trein en er zijn een paar andere Mitch Ryder-platen die wél in de Northern zijn toegelaten. Deze mag dus ook in de Blauwe Bak. 

* The Music Explosions- Little Bit O'Soul (UK, Stateside SS-2028, 1967)
De Nederlandse persing staat al jaren in de Gele Bak. Vorig jaar kom ik dan de Engelse heruitgave tegen van de vroege jaren zeventig. Die staat dan wel weer in de Blauwe Bak.. Ik denk dat deze Engelse er gewoon naast komt te staan. 

* The Isley Brothers- Warpath (UK, Stateside, 1971)
The Isley Brothers terug op Stateside? The Isleys runnen sinds 1969 hun eigen T-Neck-label en dat zal in Engeland nooit een volwaardig label worden. Stateside verzorgt dus ook de distributie van deze single. Eerdere T-Neck's zijn onder andere gedaan door Major Minor. 'Warpath' is een zeer aangename verrassing. De groep zit dan al enigszins in de vibe van hun meer funky sounds van de jaren zeventig. Een fijn plaatje!

donderdag 15 januari 2026

Week Spot: Lee Dorsey


In de afgelopen weken word ik verschillende keren herinnerd aan 'Tuesday Night Music Club' en 'Afterglow'. Mis ik het? Ja en nee. Het was een manier om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen in de hedendaagse popmuziek, maar dan opnieuw... Op dinsdagavond moest je maar afwachten of je luisteraars had en vaak ben ik vrijdag brak na een nacht 'Afterglow'. In het uiterste begin van 'Tuesday Night Music Club', dan nog 'tijdelijk', heb ik een aantal series waarvan ik weet dat ik ze niet jaren kan volhouden. Eentje daarvan is 'Sample vs. original'. Hierin ga ik dance- en hiphop-nummers 'ontleden' in de zin van de gebruikte samples. Ik geloof dat de cd 'Odelay' van Beck voor mij de aanleiding is geweest, maar hier duik ik andermaal het cd-boekje in om de samples te vinden. Dat brengt me op het spoor van 'Get Out Of My Life, Woman' van Lee Dorsey. Een van de Stateside-singles die gisteren is binnengekomen en geknipt om deze week de Week Spot te zijn. 

'There ain't no biz like showbiz'. Je hebt pieken en dalen en zolang je maar bent voorbereid op de dalen. Wat dat betreft is Lee Dorsey een schoolvoorbeeld. Irving Lee Dorsey komt ter wereld op kerstnacht 2024 in New Orleans. Hij is in zijn jonge jaren bevriend met Fats Domino. Als Lee tien jaar oud is, verhuist het gezin naar Portland in Oregon. Als militair maakt hij deel uit van de Amerikaanse troepen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na zijn diensttijd heeft hij een nieuwe ambitie gevonden: Hij wil een professioneel bokser worden. Hij gaat aan de slag in 'prize fightings' in de lichte categorie en draagt hierbij de naam Kid Chocolate. Toch is het geen succes want tijdens zijn belangrijkste wedstrijd gaat hij in de tweede ronde knockout. Hij gaat terug naar New Orleans en opent aldaar in 1955 een werkplaats voor auto's. Overdag zit hij onder de motorolie, 's avonds en in zijn vrije tijd probeert hij een zangcarrière van de grond te krijgen. In 1958 is 'Rock Pretty Baby' zijn eerste muzikale avontuur maar de single op het lokale Rex-label doet helemaal niets. In 1960 treft hij Marshall Sehom die hem onderbrengt bij Fury Records. Op een feestje ontmoet hij Allen Toussaint en daarmee is een gouden combinatie geboren. 'Ya Ya' is de eerste grote hit voor Dorsey in 1961. Het bijna identieke 'Do-Re-Mi' volgt in de voetsporen maar kort daarna nemen de hits af. Dorsey keert terug naar de werkplaats en maakt intussen een paar onsuccesvolle singles. 

In 1965 krijgt zijn loopbaan een kickstart, om in de sfeer van de werkplaats te blijven. Het is nadat Toussaint hem een liedje heeft aangeboden. Dat is 'Ride Your Pony'. De opvolger is echter de grootste van het stel, 'Working In The Coalmine', maar ook 'Get Out Of My Life, Woman' en 'Holy Cow' zijn grote hits voor Dorsey en Toussaint. In 1966 maakt hij de elpee 'The New Lee Dorsey' en daarmee weet hij het weer een aantal jaar uit te zingen. In 1970 maakt hij met Toussaint en The Meters het album 'Yes We Can'. Het zal Dorsey zin laatste hit opleveren. Het titelnummer zal een paar jaar later een grote hit worden voor The Pointer Sisters, maar nu als 'Yes We Can Can'. Dorsey's origineel heeft al het interessante drumpatroon. 

Lee Dorsey wordt beschouwd als één van de grondleggers van de latere funk en met name het drumwerk kan door menigeen worden gebruikt. 'Get Out Of My Life, Woman' is daardoor één van de meeste gesamplede nummers in de geschiedenis. Het verbleekt bij 'Amen Brother' van The Winstons, maar we hebben het nog altijd over honderden voorbeelden. Mijn periode in de Popkelder in Sneek, in 1997, brengt me in contact met 'Odelay' van Beck en ook 'Dummy' van Portishead. Als ik in 2000 de beide albums op cd heb, bestudeer ik alle samples die credits krijgen in het boekje. Ik geloof dat ik deze bewuste dinsdag 'Odelay' in de '3 From 33' heb en in 'Sample Vs. original' de gebruikte samples op het album. Them's uitvoering van 'It's All Over Now Baby Blue' is dan inmiddels al jaren een grote favoriet van mij doordat ik het nummer op een elpee heb staan. 'Get Out Of My Life, Woman' wordt gebruikt in 'Where It's At' van Beck op het genoemde album. Het is nu voor het eerst dat ik de single heb. 

Singles round-up: januari 4


Gisterochtend zou ik een telefonisch consult hebben met de huisarts. Eigenlijk met een direct verzoek: Ik wil graag naar het ziekenhuis om foto's te laten maken. Ik wil weten of het gebroken of gekneusd is en of het niet de anus per ongeluk afsluit. Hij belt me om half twaalf en staat erop dat ik naar de praktijk moet komen. Het kan alleen nog om kwart over één, daarna is 28 januari het vroegst. Er zit niks anders op dan maar naar Havelte te gaan. Ik doe de broek naar beneden en hij drukt op een paar plekken. Ik voel wel zijn hand maar geen pijn. Dan een aanraking en ik schreeuw het uit. Goed nieuws en slecht nieuws. Het goede nieuws: Het is niet het staartbot! Niks gekneusd of gebroken! Als reactie op de val heeft mijn lichaam een aambei geplaatst en deze houdt me al weken in de greep. Een kwestie van zalfjes smeren en hopelijk ben ik over twee weken weer zo kwiek als ooit tevoren. Ik begin na twee smeerbeurten al progressie te zien. Gistermiddag is ook het pakket van Rare Northern Soul bezorgd. Een nestje van vijftien singles op het Engelse Stateside-label en nog een extraatje. Die ga ik in twee afleveringen doen. Ik begin met het extraatje. De Statesides heb ik besloten om in chronologische volgorde te doen. Qua Stateside is het dus 1962, 1963 en 1964 in deze aflevering. 

* Lee Hurst- Whole Lotta Your Love (UK, Diggin' Deep, 1973, re: 2022)
In 2021 heb ik 'It Was Like A Nightmare' van Jaibi gekocht op dit Diggin' Deep-label. Een plaatje dat niet zomaar een favoriet is geworden. Diggin' Deep specialiseert zich in de onmogelijke 'deep' kantjes en dat geldt ook voor deze van Lee Hurst. Het is oorspronkelijk alleen uitgebracht in Canada op het A&M-label. Hoewel dit schijfje pas vier jaar geleden is uitgekomen, heb ik hem destijds gemist en is deze nu ook al een klein fortuin waard. Natuurlijk zijn de originele mastertapes al lang weggemoffeld en moeten we het doen met een opname van de originele single, her en der nog ietsje gerestaureerd maar het blijft obscure Deep Soul. Het komt Lee lekker uit de tenen. Op de flip staat 'Someone' van Terry & The Pyrates. Opnieuw een single die niet buiten Canada is verschenen, ditmaal een b-kant van een single uit 1968. Ook zeer de moeite waard. 

* The Isley Brothers- Twist And Shout (UK, Stateside SS 112, 1962)
Een jaar geleden wil ik een partij Engelse Tamla Motown-singles kopen van Rare Northern Soul maar dan wordt de bestelling halverwege teruggestuurd. Een gelukje bij een ongelukje: Als Rare Northern Soul me terug betaald is de pond gunstiger waardoor ik goeddeels uit de kosten ben. Ik denk in eerste instantie dat ik zes Stateside-singles koop en met name John Lee Hooker maakt me enthousiast. Dan blijkt dat het om vijftien singles gaat! Nog beter! De Engelse EMI gebruikt Stateside voornamelijk voor het uitbrengen van Amerikaans materiaal op labels waar, op dat moment, geen Engelse variant van bestaat. Deze van The Isley Brothers ia afkomstig van Wand. Het is gesneden koek: Het is de basis voor de uitvoering van The Beatles. Ik reken deze tot de Blauwe Bak. 

* The Shirelles- Welcome Home Baby (UK, Stateside SS-119, 1962)
Ik heb gisteravond een sixties-show gedaan voor de afwisseling en al een paar gedraaid. https://pixeldrain.com/u/p8L8FVDt. Deze van The Shirelles is er eentje van en dus kan meteen concluderen dat dit eentje voor de Gele Bak is. Het is een fraai nummer maar niet soulvol genoeg in mijn boek. 

* Jerry Butler- The Wishing Star (UK, Stateside SS-170, 1963)
Niet alle singles hebben een origineel hoesje en van sommige ontbreken de hartjes. Is dat erg? Tja, voor 'condition freaks' wel en daar heeft Rare Northern Soul veel mee te maken. 'The Wishing Star' komt uit een film en is van de hand van Bacharach en David. Deze single is stevig gedraaid door de eerste eigenaar, dat mag duidelijk zijn. Vanwege de 'Ice Man' mag die in de Blauwe Bak, ook al is deze kant té statig voor zijn doen. De b-kant neigt dan weer naar bigband. Nee, het is niet het beste dat Butler aan het vinyl heeft toevertrouwd maar ik strijk mijn hand over het hart. 

* The Shirelles- Foolish Little Girl (UK, Stateside SS-181, 1963)
'Foolish Little Girl' begint met een klassiek 'spoken word intro' en is dan opeens een soort van beat ballade met een erg speels arrangement. Kijk! Dit vind ik nou wel weer leuk voor de Blauwe Bak. Op de b-kant zie ik een credit voor Ron Miller en die werkt later voor Motown. Ook de flip even checken. Ook zeer de moeite waard. Natuurlijk is het 'borderline'-'girl group pop', maar ik vind hem erg leuk!

* The Chiffons- One Fine Day (UK, Stateside SS-202, 1963)
Deze klinkt beter dan dat het eruit ziet. Ik keur hem goed voor de Blauwe Bak. Dat zal vast te maken hebben met mijn gevoelens jegens 'Sweet Talkin' Guy'. 

* The Shirelles- What Does A Girl Do? (UK, Stateside SS-232, 1963)
Het is geschreven door Ed Townsend en dat begint dus goed. Ja, The Shirelles gaan hiermee voor mij het pad af van de pop en het resultaat is ietwat statige soul maar desondanks soulvol genoeg voor de Blauwe Bak. 

* John Lee Hooker- Dimples (UK, Stateside SS-297, 1964)
Een van de voornaamste redenen om de bestelling te plaatsen. Ik keur het zelfs goed voor de Blauwe Bak want anders staat die toch maar te verstoffen in de jaren zestig-bak, maar het is natuurlijk pure blues. Een Mod-favoriet uit 1964. 

dinsdag 13 januari 2026

Honderd achteruit 2023: Tanita Tikaram


Een paar weken geleden heb ik opeens twee medewerkers van de woningstichting aan de deur. Of het goed met me gaat? Het is nog voor de val dus ik heb hun dat probleem niet hoeven uit te leggen. Het gesprek gaat al spoedig over tuinonderhoud. Ze willen de boel kosteloos laten opknappen. Of ik daar bezwaar tegen heb? Nee, zolang ik een beetje regie kan houden? Ik vertel ze over de egel(s) onder de klimop en dat ik deze tot het voorjaar niet ga lastig vallen. Gistermiddag loop ik tegen de twee medewerkers aan van het hoveniersbedrijf dat de klus gaat uitvoeren. Ze gaan morgenochtend beginnen. Succes! Er ligt maandagmiddag nog een aardig pakje sneeuw. Ze zijn vanmorgen langs geweest en ik heb een laatste briefing met hen over wat er bij mij moet gebeuren. Resultaat? Struik is helemaal weg en het tuinhek is weer zichtbaar. De uit de klauwen gegroeide boom links hebben ze niets aan gedaan. Dat is dan weer jammer. Eis en wederdienende ga ik in maart of april weer de plataan snoeien, dan moet de kou eerst flink uit de lucht zijn. Momenteel even geen groene activiteiten voor mij, maar wel zwarte activiteiten. Ik ga het namelijk hebben over de nummer 69 in de Gele Bak Top 100 van 2023. Daar vinden we 'Cathedral Song' van Tanita Tikaram uit 1989. 

We gaan in de komende afleveringen van de 'Honderd achteruit' een beetje hinkelen. Ik heb natuurlijk al een sprongetje gemaakt over de nummer 67 ('All I Wanna Do In Life' van Marianne Faithfull) en het spelletje gaat nog even verder. De nummer 70 is namelijk 'Hi Hi Hazel' van The Troggs. Die had, achteraf gezien, niet in de Top 100 moeten staan omdat ik die een jaar eerder al in de lijst had. Op nummer 72 staat 'The Diary Of Horace Wimp' van Electric Light Orchestra en die heb ik ongeveer een jaar geleden in een verzamelbericht gehad. De nummers 71 en 73 maken samen een bericht, de nummer 74 krijgt een volwaardig bericht en op 75 staat Shirley Bassey. Die had ik een paar maanden geleden moeten noemen in het bericht. De nummer 76 is 'Hard To Say I'm Sorry' van Chicago en die heb ik eveneens in een verzamelbericht gehad. Ik kan dus in drie of vier stappen opeens naar de nummer 77 in de lijst. Ik weet overigens de dag dat ik Tantia heb gekocht te herinneren als de dag van gisteren. Het is vrijdag 9 december 2022. We hebben die avond een etentje van het bedrijf en moet dus op tijd klaar zijn met de post. Dan blijkt er bijna geen post te zijn en ik heb niet de moed om op en neer naar Uffelte te fietsen. Er zit niks anders op dan de dag rond te hangen in Steenwijk. Ik kom Tanita tegen bij Theo's Outlet in Steenwijk. Tegenwoordig één van mijn favoriete kledingwinkels. Hij heeft dan, onder het mom van de 'kringloopwinkel', een bakje met singles staan. Tegenwoordig is het echter 90 procent nieuwe neppe merkkleding. 

Hoewel ze de Britse nationaliteit bezit, staat de wieg van Tanita in Duitsland. Haar vader heeft zijn familieroots op Fiji en is werkzaam als officier van het Engelse leger. Hij is op 12 augustus 1969 gestationeerd in Duitsland waardoor Tanita wordt geboren in Münster. Daar zal ze ook de basisschool doorlopen waarna de familie terug naar Engeland gaat en ze in Basingstoke terecht komt. Haar oudere broer, Ramon Tikaram, is een gevierd acteur in Engeland. Tanita kiest voor de muziek en gaat optreden in de koffiebars van Basingstoke en omgeving. Daar wordt ze opgemerkt door twee veteranen uit de Engelse popmuziek. Rod Argent en Peter Van Hooke werken op dat moment samen als het duo Silsoe en samen zullen ze het debuutalbum van Tanita Tikaram produceren. Van Hooke is van huis uit een drummer die het meest bekend zal worden als drummer in Mike & The Mechanics en zijn werk met Van Morrison. In 1978 bezit hij Syndrums welke hij toepast in 'Dancing In The City' van Marshall & Hain. Rod Argent is sinds de midden jaren zestig de muzikale leider van The Zombies en in de jaren zeventig met zijn eigen band Argent. 

De wereld maakt kennis met Tanita Tikaram door middel van 'Twist In My Sobriety'. Ik zit dan in de brugklas van de LEAO . De meeste docenten zijn oude hippies maar er zijn ook een paar 'jongere' docenten. Eentje daarvan heeft een goede muzieksmaak, hij is van de 'serieuze' pop en loopt in 1988 weg met Sinead O'Connor en Tanita Tikaram. Voor mij is Tanita Tikaram 'zondagsmuziek'. De KRO heeft dan Hilversum 3 overgenomen op de zondag en hier wordt haar muziek veelvuldig gedraaid. Wellicht dat dit ook het geval is geweest bij de Vara op de dinsdag, maar dan heb ik doorgaans een drukke dag op school. Ik moet toegeven dat ik nooit echt heel veel heb opgehad met mevrouw Tikaram, maar kan 'Cathedral Song' niet laten liggen voor het zachte prijsje in 2022. En het heeft het evengoed geschopt tot een 69e plek in de Gele Bak Top 100 van 2023. 

Het album 'Ancient Heart' is een doorslaand succes, mede dankzij de singles 'Twist In My Sobriety' en 'Good Tradition'. Ze maakt nog een paar albums voor WEA maar ze zal nooit meer in de buurt komen van de cijfers van haar debuut. 'Cathedral Song' is de derde single van het debuut  en piekt bescheiden op 48 in Engeland. In ons land komt het niet verder dan de Tipparade en zal het tevens het laatste teken van Tanita zijn in de vorm van singles. 'The Sweet Keeper' (1990), 'Everybody's Angel' (1991) en 'Eleven Kinds Of Loneliness' (1992) zijn de directe opvolgers van 'Ancient Heart'. Dan neemt ze een korte pauze en verhuist naar San Francisco. Daar brengt ze het album 'Lovers In The City' uit. Het album krijgt positieve recensies en verkoopt beter dan de voorgenoemde drie albums. Toch wordt haar contract bij WEA niet verlengd en met een verzamelalbum in 1996 wordt daarmee afscheid genomen. Ze tekent bij Mother, het platenlabel van U2, en brengt in 1998 'The Cappucino Songs' uit waarna ze een flinke tijd vrijaf neemt van de muziekbusiness. In 2005 en 2012 volgen albums voor kleinere labels en in 2013 gaat ze voor het eerst in lange tijd weer op tournee door Engeland en Europa. 

Haar meest recente wapenfeit is het album 'LIAR' dat als subtitel 'Love Isn't A Right' heeft. Ze heeft in de afgelopen maanden een tournee gedaan door Europa en Engeland, waaronder een optreden in Eindhoven, maar er staat nog niets voor 2026 op de planning. 

Honderd achteruit 2023: Samsun


Hoewel ik hele dagen thuis ben, is de motivatie om te publiceren op Soul-xotica wel eens hoger geweest. Ik ben in blijde verwachting van een aantal pakketjes singles. Een vriendin noemde dergelijke aankopen altijd 'compensatie' en dat is het voor mij eigenlijk ook wel. De kont herstelt maar moeizaam (er staat drie maanden voor een verstuikt staartbot) en ik ben van plan de eerste grote drol in te lijsten. Morgen heb ik een telefonisch consult met de huisarts en ik zal; hem vragen of er foto's kunnen worden gemaakt. Ik ben er namelijk helemaal niet zo gerust op. De 'Singles round-up' zal dus nog even moeten wachten. Wat gaan we dan eens doen? Ja, natuurlijk! De 'Honderd achteruit'! Laat me de serie in 2026 aftrappen met een plaatje waar ik al maanden naar uit kijk. Een zwaar obscuur ding maar wel met een verhaal waar ik iets mee kan. De nummer 68 in de Gele Bak Top 100 van 2023 is 'The Wind' van Samsun uit 1972.

Om de 28 jaar lopen de dagen synchroon en sinds ik dat heb ontdekt (ergens in de jaren negentig), denk ik bij een datum geregeld terug aan de tijd van 28 jaar daarvoor. Achtentwintig jaar geleden is het januari 1998 en de eerste weken en dagen in York. Een week voordat ik even terug ga naar Nederland om wat zaken af te handelen en extra kleding en spul te halen. Dan is het ook bijna 28 jaar geleden dat ik bij een boekenzaak héél veel cassettes koop. Eentje daar van is 'The Best And The Rest Of British Psychedelia'. In werkelijkheid is het de sampler van het platenlabel Morgan Blue Town plus wat losse nummers van boosdoeners die in dit bericht voorbij zullen komen. Samsun staat niet op deze cassette maar de naam van Danny Beckerman maakt me vlug bereid om de portemonnee stevig te trekken. Ik kom deze single tegen op 1 augustus 2022 bij VIP in Sneek. 

Over Samsun zélf is niet zoveel te vertellen. Over de randfiguren des te meer! Laat me eens beginnen met Danny Beckerman. Hij beschouwt zichzelf primair als songschrijver, componist en producent. Om zijn liedjes gestalte te geven, formeert hij in 1966 de band Fortes Mentum. Het is de bedoeling dat Beckerman als een soort Keith Reid bij Procol Harum en Pete Sinfield bij King Crimson zal fungeren. Hij zal dus nooit lid worden van de band. Toch blijkt hij erg goed te klikken met de uitgekozen leden van Fortes Mentum en treedt hij toe tot de band. In 1969 krijgt hij ruzie met de zanger en vertrekt. 'Saga OI A Wrinkled Man' zal de compilatie halen die ik in 1998 op cassette heb gekocht. Beckerman formeert vervolgens in 1970 de band Buggy waarmee hij één single maakt op Parlophone. Een van zijn collega's in de band is Geoff Gill. 

Gill wordt op 15 mei 1949 geboren in York. Hij begint als drummer van Tony Adams & The Viceroys maar formeert daarna zijn eigen band The Shots. Dat zal in 1967 uitgroeien tot The Smoke. Hij gaat zich steeds meer richten op het schrijven en produceren van liedjes en als The Smoke in 1969 voorlopig tot een halt komt, wordt hij de huisproducent van het Morgan-label. Hij gaat samenwerken met Beckerman en zijn oud-collega van The Smoke, Cliff Wade. Gill is verantwoordelijk voor de groepen die in ons land releases hebben op het Explosion-label. Fickle Pickle bereikt tweemaal de Top 40 en Samsun blijft in de Tipparade hangen. Opvallend is dat de laatste alleen in Nederland is uitgebracht. Extra lid van de 'supergroup' Fickle Pickle is niemand minder dan Wil Malone. 

Wie? Wilson Malone heet eigenlijk Peter Wilson en wordt geboren op 29 juli 1942 in Londen. In de jaren zestig is hij lid van verschillende psychedelische rockbands waarvan The Orange Bicycle het meest bekend is. Daarna legt hij zich eerst toe op het componeren van soundtracks maar duikt in 1980 op als producent van Iron Maiden. In de jaren negentig is hij verantwoordelijk voor twee van de meest iconische strijkersarrangementen uit het decennium. Hij is verantwoordelijk voor het orkest in 'Unfinished Sympathy' van Massive en zal The Verve in problemen brengen door 'The Last Time' and Andrew Loog Oldham opnieuw te arrangeren en te uit te voeren. The Verve had toestemming gekregen om een sample van Oldham's uitvoering te gebruiken. Het leidt ertoe dat The Verve iedere cent kan afstaan aan The Rolling Stones. 

Samsun begint het leven als Royal Variety Show in 1969. Ze doen een paar tournees en komen dan in contact met de heren Beckerman, Gill, Wade en Malone. Samsun bestaat uit de heren Kevin Parrot, Brian McGladdery, Roger Tweedale, Gary McDougall en Tony Bamforth. Gedurende een week bivakkeert de band in de studio met Gill en Wade en er wordt genoeg materiaal opgenomen voor een elpee. Er komen echter slechts drie opnames uit op single. De eerste krijgt nog een Engelse release, maar 'The Wind' komt alleen in ons land uit. Samsun zal in 1973 overgaan in de band Oscar dat tot 1978 bijeen zal blijven. 

zondag 11 januari 2026

Beeld uit het verleden: februari 1979


Het is allemaal op het juiste moment zoals het lijkt. Hoewel ik dolgraag in het muzikale verleden mag rondstruinen, heb ik het op een bepaald moment gehad met mijn eigen 'geschiedenis'. De diploma's moeten bijvoorbeeld ergens in een verhuisdoos liggen als ik ze nog heb. Ook met kinderfoto's heb ik lange tijd erg weinig. Op zichzelf hoef ik me daar niet druk over te maken want deze liggen in de kast bij de andere fotoboeken in ons ouderlijk huis. Als we in oktober 2022 Jutrijp leeg halen, komen we de fotoboeken tegen. Ze achteloos weggooien voelt niet fijn maar ik hoef ze ook (nog) niet thuis te hebben. Dan biedt broeder aan de fotoboeken voor me te bewaren totdat ik er wél aan toe ben. Niet wetende dat we over twee jaar bijkomen van zijn uitvaart. Schoonzus gaat verhuizen naar een kleinere woning en dus moet er heel veel weg. Zo ook de fotoboeken. Die komen bij mijn zus en die spoort me een jaar geleden aan met kerst om ze vooral eens mee naar Uffelte te nemen. En nu? Nu zou ik ze niet meer willen missen! Hoewel een foto nemen in de late jaren zeventig niet meer zo deftig is als in de decennia ervoor, komt de fotocamera maar zelden uit de kast. Het is altijd vader die de foto's neemt, ook al is hij niet de meest getalenteerde fotograaf. 

Mijn fotoboek maakt daardoor sprongetjes in de tijd. Natuurlijk de nodige foto's van vlak na mijn geboorte. Dan volgt de doopdienst. Ik heb nog altijd heel goed contact met de nicht die me in de kerk mag brengen. Een paar vakantiefoto's met het mysterieuze meisje op de camping in Nunspeet (er is me verteld dat het de dochter van de uitbater was, maar mijn eigen herinnering zegt dat ze daar vakantie vierde met haar ouders. Hoe dan ook: Het is zwaar hervormd dus het gaat hem niet meer worden in 2026) en dan... beelden uit februari 1979. 'Wie 1979 heeft meegemaakt, weet dat het altijd erger kan'. Als knaapje van bijna vier is het vooral erg lollig, hoewel mijn associatie zegt dat ik het helemaal niks vind. Koude witte bende. Ik ben blij als ik weer bij de kachel mag zitten. De groene parka aan waar alle kinderen in het gezin een variant van hebben. Ik probeer ook nog de andere twee sneeuwfoto's op de digitale foto te krijgen maar dan is de batterij leeg. Deze twee beelden tonen echter wel hoe extreem het in 1979 is geweest. 

Het is door menigeen onderschat. Ik weet van mijn buren dat die op 14 februari 1979 met de auto van Sneek terug naar Jutrijp willen rijden en halverwege komen vast te zitten. Er zit niets anders op dan de auto te laten staan en naar huis te lopen. Het enige dat ik zelf kan herinneren is een beeld waarvan ik nog altijd de rillingen krijg en dat zal zorgen voor een levenslange angst. In de vijver verderop vertoeven een paar zwanen. Omdat er sneeuw ligt en het water bevroren is, gaan deze op schooitocht langs de huizen voor eten. Ons huis is één van de eerste die ze tegenkomen. Ik sta op ooghoogte met de beesten als ze met hun grote oranje snavels tegen ons ruit tikken. Ik heb het sindsdien nooit op zwanen gehad. Ik ga binnenkort weer schrijven over de 'Monstertocht' van 2001. Op de terugweg staat een zwaan op het fietspad tussen Kampen en Ens. Om het beest te ontwijken moet ik vijf kilometer om fietsen en.... dat doe ik dan ook! Ik ben in de jaren negentig eens tegen een zwaan aan gebotst die besluit een middernachtelijke wandeling te maken op het fietspad. Het maakt dat ik anno 2026 nog altijd een bochtje om maak als er een zwaan op mijn pad komt. 

Misschien dat ik dit jaar eens vaker een foto uit het fotoalbum in herinnering ga roepen. Met de nodige 'flashbacks' naar 1979 van de afgelopen dagen moet ik meteen denken aan de sneeuwfoto's. Deze zijn gemaakt bij het hekje op de Sinnewar. Er is ook nog een foto samen met zus op een gigantische bult stuifsneeuw aan de Riperwei. De andere twee foto's, die niet zijn gelukt, zijn gemaakt op ons erf. Dat toont sneeuw maar verder niets ernstigs. EDIT: De onderste foto is de tweede foto die ik beschrijf maar dan zonder mijn zus. Ik geloof dat er nog eentje is met haar en waarschijnlijk ook broeder. 


Rondje gebak 70s: Bak 10


K-k-koud? Ik heb er weinig van mee gekregen. Eigenlijk alleen vanmiddag als ik iets in de grijze container wil gooien maar deze helemaal is bevroren. Het heeft iets te maken met een ongemakje waarmee ik eerder vanmorgen te maken heb gekregen. Nee, ik zal niet in details treden, maar het moge duidelijk zijn dat ik iets liever zo snel mogelijk buiten de deur wil hebben. Dat gaat hem vandaag waarschijnlijk niet worden, eerst moet de dooi inzetten. Ik sta nu eigenlijk op het punt om de bakken voor vanavond klaar te zoeken maar voordat het zo ver is, wil ik eerst trakteren op een Rondje gebak. Ergens is er nog het verlangen om nog héél even door de sneeuw te wandelen. Het kan nu nog! Intussen stel ik jullie graag de tiende jaren zeventig-bak aan jullie voor. Het is de bak die vorige week in 'The Vinyl Countdown' heeft gezeten en vrijdag in 'Spirit Of The Seventies'. Ik besluit het bericht weer met de link naar de 'Spirit Of The Seventies'. 

Ik heb standaard 135 singles in een bak zitten. Ik heb vorige week uitgelegd dat ik op een paar punten ben afgeweken van dat aantal. Zo kom ik erop uit dat een Nederlandse persing van een single de laatste is in de vorige bak en de Amerikaanse persing de eerste in de volgende. Die laat ik nu naast elkaar staan waardoor wel eens 136 singles in een bak willen staan. In geval van de tiende jaren zeventig-bak is er niets aan de hand. Dat zijn er gewoon 135 stuks. De laatste in de negende bak is 'Hey St. Peter' van Flash & The Pan en de tiende trapt af met de opvolger van deze single: 'Down Among The Dead Men'. De laatste in de bak is 'All Because Of You' van Geordie. Gloria Gaynor is de absolute winnaar binnen deze bak maar ik noem weer de artiesten en groepen waarvan ik minimaal drie singles heb. Ook al betekent dat bijvoorbeeld in geval van Flying Lizards dat ik driemaal 'Money' heb: De Engelse, de Nederlandse en de latere Old Gold-heruitgave.

Fleetwood Mac (6), Flying Lizards (3), Focus (6), Steve Forbert (3), The Fortunes (7), Four Seasons (5), The Four Tops (3), Fox (4), Foxy (3), Free (6), Frijid Pink (3), Gallagher & Lyle (3), Art Garfunkel (3), Gloria Gaynor (12) en Genesis (3)

De top tien heb ik ditmaal op vrijdagmiddag samengesteld en daar heb ik dus goed over na gedacht? Op het laatste moment wissel ik nog een paar platen om en krijgt de lijst zowaar een nieuwe nummer 1. Een plaatje dat al vanaf 1998 voor me 'leeft'. Vooral in latere jaren vind ik de tekst steeds toepasselijker worden als ik terug denk aan een relatie uit een grijs verleden. De vondst van de single in Ruinerwold zet het opnieuw voor me op de kaart en nu is het dus de verdiende nummer 1. 

10. Solsbury Hill - Peter Gabriel (1977)

9. Bright Eyes - Art Garfunkel (1979)

8. Wishing Well - Free (1972)

7. Follow You Follow Me - Genesis (1978)

6. Longer - Dan Fogelberg (1979)

5. S-s-s-single Bed - Fox (1976)

4. Tired Of Waiting - The Flock (1970)

3. Goin' Down To Laurel - Steve Forbert (1978)

2. Nothing More - Fotheringay (1971)

1. Lydia - Dean Friedman (1979)

De show van vrijdagavond is hier te beluisteren. https://pixeldrain.com/u/uuDUcUdC